Home Wereldrijk tegen wil en dank

Wereldrijk tegen wil en dank

Bastiaan Bommeljé

Historicus

Gepubliceerd op: 11 januari 2005

Update 7 april 2020

Recentelijk verschenen in Nederland diverse boeken over (en vooral tegen) het Amerikaanse optreden in Irak. De meeste daarvan, zoals het nogal narcistische De tweede Amerikaanse eeuw van Jan Donkers, het quasi-diepzinnige De nieuwe wereldwanorde van Tzvetan Todorov en zelfs Michael Moores tamelijk onleesbare Het officiële Fahrenheit 9/11 boek, kan men terzijde laten liggen. Dat is anders bij Niall Fergusons Colossus, de vertaling van het nieuwste boek van de jonge Britse historische superster.

Ferguson is net veertig, was tot voor kort Fellow aan Jesus College in Oxford en is sinds kort verbonden aan Harvard. Zijn roem is ontstaan door dikke boeken over de relatie tussen zakenleven en politiek in Hamburg tussen 1897 en 1927, een tweedelige geschiedenis van het geslacht Rothschild, zijn sfeervolle werk over de Eerste Wereldoorlog The Pity of War (1999), zijn breed reikende studie naar de verhouding tussen geld en wereldpolitiek The Cash Nexus (2000) en zijn ophefmakende lofzang op het Britse Imperium in Empire (2002).

Nu ja, zijn roem is ook ontstaan door zijn uitverkiezing in Time als een van de '100 invloedrijkste mensen van dit moment' (boven Tony Blair), zijn benoeming door The New York Times als 'de belangrijkste historicus van zijn generatie', zijn status als politiek goeroe onder neoconservatieven in Washington, zijn achteloos briljante verbositeit à la Simon Schama, en zijn Hugh Grant-achtige uitstraling. Ferguson is, kortom, het soort geschiedschrijver waar wij huis-, tuin- en keukenhistorici slechts met de mond vol tanden naar kunnen opkijken.

Net als Empire is Colussus een boek bij een televisieserie, en ondanks de omvang viel dat dit keer wat minder goed weg te moffelen. Ferguson betoogt dat de Verenigde Staten nillens willens een wereldrijk vormen, een imperium nog grootser en sterker dan het Britse en het Romeinse. Voor Ferguson is de diagnose 'Rijk' overigens een compliment. Sterker nog: de centrale stelling van dit boek is dat Amerika ten onrechte ontkent een wereldrijk te zijn, ondanks zijn feitelijk monopolie op militaire, economische en culturele macht, en zich dan ook veel te weinig als een 'imperium' gedraagt. Het optreden in Irak is volgens Ferguson slechts kinderspel; in plaats daarvan zouden de Amerikanen voluit Kiplings 'White Man's Burden' op de schouders moeten nemen en overal op de aardkloot orde op zaken dienen te stellen. Wat de wereld nodig heeft van de Verenigde Staten is geen houding als Kolos op lemen voeten, maar een imperial attitude.

Of die houding er zal komen moet ondanks Bush worden betwijfeld. De Verenigde Staten lijden in Fergusons ogen aan drie kwalen die dit verhinderen. In de eerste plaats is er geen upper-class die zowel idealen als veel vrije tijd heeft (zoals in het Britse Rijk). In de tweede plaats heeft Amerika geen traditie van profijt halen uit kolonies. En in de derde plaats hebben de Amerikanen een structureel gebrek aan aandacht voor het buitenland.

Colossus heeft stilistisch zeker grappige en wat betreft historische horizon ook bewonderenswaardige kanten. Toch maakt dit boek duidelijk dat Fergusons kracht ook zijn zwakte is. Hier blijken zijn sweeping statements plots op een dunne ondergrond te staan, verzandt zijn evocatieve stijl in een grabbelton aan anekdotes, ontaardt zijn intellectuele tegendraadsheid in opiniepaginaplatitudes, en kan de gedrevenheid van de argumentatie het gebrek aan geschiedkundige onderbouwing niet maskeren.

De basis van dit boek blijkt al meteen mager als hij Amerika betiteld als 'natie-staat' (hetgeen nodig is voor de theorieën die volgen). Het probleem is echter dat de Verenigde Staten noch een staat zijn, noch een natie - althans, volgens de Europese variant daarvan die Ferguson gebruikt. Door dit lastige detail wankelt dit hele werk in feite vanaf de eerste pagina.
Goed beschouwd was The House of Rothschild het enige boek waarvoor Ferguson uitputtend archiefonderzoek heeft gedaan, en het is ook het enige boek dat unaniem bewierookt en gelauwerd werd door historici. Ferguson zelf liet zich onlangs in een interview ontvallen dat zijn werk over wereldrijken edutainment at best is. We quite agree.

Nieuwste berichten

Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Artikel

Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad

De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien 4 oktober 1993. Tanks die...

Lees meer
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Artikel

Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten

Zogenaamd om stemfraude bij de komende congresverkiezingen in Amerika te voorkomen, pleit Donald Trump voor landelijke regels die voor alle staten moeten gelden. Hij is er wat laat mee, want de echte wanpraktijken bij Amerikaanse verkiezingen dateren vooral van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. Dit artikel krijg je van...

Lees meer
Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Artikel

Iraanse sporters dagen de macht uit

In Iran vormen sport, protest en politiek al eeuwenlang een nauw verweven, maar ook conflictueuze drie-eenheid. Nu zijn het vaak vrouwelijke voetballers die van zich laten horen. Ooit waren het worstelaars, vertelt politicoloog Caroline Azad. Gholamreza Takhti is een legende in Iran. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd deze worstelaar – ‘met...

Lees meer
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Artikel

Artsen zonder Grenzen: onafhankelijk, maar nooit apolitiek

Een groep artsen die vond dat het Rode Kruis niet genoeg deed tegen mensenrechtenschendingen in Biafra, stichtte in 1971 de medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. De initiatiefnemers wilden volledig apolitiek opereren, maar dat bleek in de praktijk vrijwel onmogelijk. Médecins Sans Frontières (MSF), de moederorganisatie van Artsen zonder Grenzen, is een medische internationale hulporganisatie. Momenteel biedt MSF hulp in Nepal na een dodelijke overstroming en is de organisatie werkzaam in Oekraïne en Gaza, waar ze...

Lees meer
Loginmenu afsluiten