Home Dossiers Bezetting Nederland ‘We hebben het nicht gewusst’

‘We hebben het nicht gewusst’

‘We hebben het nicht gewusst’

Bas Kromhout

Hoofdredacteur

Gepubliceerd op: 23 april 2012

Update 10 maart 2024

Anton Mussert met NSB'ers
Dossier Bezetting Nederland Bekijk dossier

Als er 102.000 medeburgers worden vermoord en bijna niemand verzet zich, dan moet dat wel te wijten zijn aan onverschilligheid bij de rest van de bevolking. Die redenering vormt de basis van wat Bart van der Boom, docent moderne Nederlandse geschiedenis aan de Universiteit Leiden, ‘de mythe van de schuldige omstander’ noemt. In zijn boek ‘Wij weten niets van hun lot’ geeft hij antwoord op de vraag: wat wist de doorsnee-Nederlander tijdens de Duitse bezetting van de Holocaust?

‘De mythe van de schuldige omstander zegt dat Nederlanders massaal de andere kant op keken toen Joden werden weggehaald om te worden vermoord. Omdat ze niet geïnteresseerd waren of zelfs een afkeer hadden van Joden. Ik bestrijd dat. We hebben het nicht gewusst.’

Van der Boom baseert zich op dagboeken die Nederlanders tijdens de oorlog bijhielden. ‘Ik wilde weten wat mensen toen dachten. Dat kan het best door dagboeken te onderzoeken, want herinneringen zijn te veel gekleurd. In Nederland zijn enkele duizenden oorlogsdagboeken overgeleverd. Daarin is ons land uniek.’

Het beeld dat uit de dagboeken naar voren komt is volgens Van der Boom tamelijk eensluidend: ‘Er is geen twijfel over mogelijk dat de schrijvers de Jodenvervolging verafschuwen. Hun conclusie is dat de Duitsers barbaren zijn en niets van Nederland begrijpen. Geloofsvervolging past niet bij het zelfbeeld van de tolerante natie. Dat wil niet zeggen dat iedereen van elkaar moet houden, maar de afspraak is dat je de ander de ruimte laat om zijn eigen dwaling na te streven.’

Terwijl tegenwoordig de Holocaust wordt beschouwd als uniek en op zichzelf staand, hadden tijdgenoten een ander beeld. ‘Zij hebben de neiging de Jodenvervolging te zien als onderdeel van de onderdrukking van het Nederlandse volk in het algemeen. Ze zien dat de Joden het zwaarder hebben dan andere Nederlanders, maar denken dat wat hun overkomt op den duur ook de rest van de bevolking zal treffen. Dat geldt voor Joodse dagboekschrijvers evenzeer. En soms lijkt dit beeld te worden bevestigd: eerst moeten de Joden hun radio’s inleveren, daarna de anderen ook; eerst worden de Joden afgevoerd, later zijn de dwangarbeiders aan de beurt. Dat is niet het goedpraten of toe-eigenen van Joods leed, maar zo ervaren de mensen het op dat moment. Omdat ze geen weet hebben van wat de Duitsers specifiek met de Joden van plan zijn.’

In verschillende dagboeken is sprake van de ‘vernietiging’ of ‘uitroeiing’ van de Joden. Deze termen kwamen ook voor in de geallieerde en illegale berichtgeving, en soms zelfs in de Duitse. Toch betekenden deze woorden voor tijdgenoten niet hetzelfde als voor de moderne lezer, zegt Van der Boom.

‘De dagboekschrijvers stellen zich vreselijke dingen voor bij wat er met de Joden in het Oosten gebeurt. Ze denken dat ze zware dwangarbeid moeten verrichten, om daar uiteindelijk aan te bezwijken. Wat ze niet weten is dat 80 procent direct bij aankomst wordt vergast. Als je je dat beseft als onderzoeker, worden dagboekpassages die op het eerste gezicht tegenstrijdig lijken ineens begrijpelijk. Hoe kan het anders dat Etty Hillesum op het ene moment schrijft: “Ze zijn uit op onze vernietiging”, en zich op het andere moment afvraagt welke boeken ze zal meenemen naar Polen?’

Dit gebrek aan zekere kennis over de Holocaust is volgens Van der Boom essentieel om de houding van zowel Joden als niet-Joden te verklaren. ‘Vanaf najaar 1940 verwacht men dat de Duitsers de oorlog binnen een paar maanden zullen verliezen. Joden moeten dus tijd winnen. Er zijn mensen die hun overlevingskansen proberen te vergroten door onder te duiken. Maar anderen denken: als ik onderduik en ik word gepakt, dan ben ik een strafgeval en ga ik zeker dood. Ik ben jong en heb een vak geleerd, dus misschien sla ik me er in Polen wel doorheen.

Zo zijn er vrij veel Joden geweest die konden onderduiken, maar het toch niet deden. Slechts een enkeling ontsnapte uit Westerbork, terwijl dat betrekkelijk eenvoudig was. Als Joden zelf met dit dilemma worstelden, dan is het logisch dat niet-Joden ook de risico’s tegen elkaar afwogen. Nu vinden we het laf of onverschillig om niet in verzet te komen, maar uitgaande van de kennis en vermoedens die men toen had leek het een verstandig besluit.’

Dat Nederlanders ‘het’ niet wisten verklaart volgens Van der Boom niet alleen de passiviteit van omstanders, maar ook de houding van medeplichtigen als politieagenten, spoorwegpersoneel en ambtenaren bij de bevolkingsregisters. ‘Ik vraag me af of zij net zo hadden gehoorzaamd als de Duitsers hadden gevraagd: “Kunt u een lijst met namen maken? Dan gaan we die mensen vergassen.” Dat geldt ook voor de Joodse Raad. Mensen dachten oprecht dat ze door mee te werken erger konden voorkomen. Ze wisten niet dat er geen erger bestond.’

Bart van der Boom
‘Wij weten niets van hun lot’. Gewone Nederlanders en de Holocaust
540 p. Boom € 29,90

Afbeelding: Kinderen uit de crèche aan de Plantage Middenlaan, ca. 1942 (Joods Historisch Museum)

Nieuwste berichten

Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Artikel

Metereologen ruziën over D-Day in film ‘Pressure’

Weersvoorspelling een saai onderwerp? Niet als het verloop van een oorlog ervan afhangt. Het op feiten gebaseerde Pressure toont de hoogoplopende ruzie tussen geallieerde meteorologen over de verwachting voor D-Day. Bedolven onder tegenstrijdige adviezen moet opperbevelhebber Dwight Eisenhower beslissen over de invasiedatum. Als D-Day een maand eerder was gepland, waren meteorologen het volstrekt met elkaar...

Lees meer
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Interview

In Florence waren niet de huizen, maar de huwelijken onbetaalbaar

Wie een woning wil, moet vaak overbieden: twee derde van de huizen in Nederland wordt boven de vraagprijs verkocht. In de Renaissance hadden Florentijnen ook last van overbiedingsgekte: doordat rijke families de prijs opdreven, ontstond er ‘bruidsschatsinflatie’, vertelt historicus Marlisa den Hartog. ‘Bruidsschatten werden een financiële markt op zich.’ Hoe zag de vijftiende-eeuwse Italiaanse huwelijksmarkt...

Lees meer
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Interview

Nieuwbouwwijken op Romeinse ruïnes: hoe kunnen we erfgoed bewaren?

Bij archeologische opgravingen in Nijmegen is het grootste Romeinse badhuiscomplex in Nederland ontdekt. Maar op de plek van de opgraving wordt binnenkort een nieuwe woonwijk gebouwd. Hoogleraar Monique van den Dries legt uit hoe archeologen en projectontwikkelaars elkaar kunnen helpen om Nederlands erfgoed zichtbaar te bewaren. Over een paar jaar staat het Nijmeegse Waalfront vol...

Lees meer
Zhivkov in 1980.
Zhivkov in 1980.
Artikel

Is Bulgarije pro-Russisch? Deze premier wilde van zijn land de zestiende Sovjet-staat maken

De kersverse Bulgaarse premier Roemen Radev zou pro-Russisch zijn; net als zijn voorganger Todor Zhivkov wijst hij graag op het Russische bevrijdingsverhaal van 1878. Die vroegere premier was zo loyaal aan het Kremlin, dat hij de Bulgaarse soevereiniteit inzette in onderhandelingen met Moskou. Zhivkovs pro-Russische koers botste met de ideeën van zijn dochter, die juist...

Lees meer
Loginmenu afsluiten