Home Waarom geheime diensten overbodig zijn

Waarom geheime diensten overbodig zijn

Maarten van Rossem

Historicus en Amerikadeskundige

Gepubliceerd op: 17 juni 2009

Update 7 april 2020

Eind vorig jaar opperde een Amerikaanse journalist dat het Knight Ridder-krantenconcern, dat al enige tijd tevergeefs naar een koper zoekt, wellicht verkocht zou kunnen worden aan de Central Intelligence Agency. Dit voorstel werd geïnspireerd door het feit dat de kranten van het Knight Ridder-concern aanzienlijk beter geïnformeerd bleken te zijn over de massavernietigingswapens van Saddam Hussein dan de CIA.

In de maandenlange aanloop naar de Amerikaanse aanval op Irak waren die kranten namelijk, op basis van scherpzinnige analyse van de informatie die ter beschikking was in het publieke domein, tot de conclusie gekomen dat Saddam Hussein niet beschikte over nucleaire wapens en dat de effectiviteit van zijn biochemische wapens twijfelachtig was. De conclusie was onontkoombaar dat Irak helemaal niet zo gevaarlijk was als de Amerikaanse regering beweerde.

Dat de gegevens die geheime diensten aan hun overheden verstrekken meestal niet beter en vaak zelfs onbetrouwbaarder zijn dan de informatie die een intelligente en goed geïnformeerde krantenlezer ter beschikking staat, was al langer bekend. Al in de late jaren veertig meende de schrijver-diplomaat George Kennan dat een dergelijke krantenlezer, die de moeite neemt om een aantal kwaliteitskranten aandachtig te lezen en met elkaar te vergelijken, even goed is geïnformeerd over de machtsverhoudingen in de wereld als de president van de Verenigde Staten, die elke morgen een A4’tje met geheime informatie van de CIA ontvangt.

Door de technologische veranderingen van de laatste decennia zijn er in het publieke domein nog veel meer gegevens ter beschikking gekomen. Zo klaagden diverse overheden onlangs nog steen en been over de voorheen geheime informatie die door Google Earth aan iedere internetgebruiker wordt verstrekt.

Dat de inlichtingen die geheime diensten en spionnen verzamelen niet bijster betrouwbaar zijn, kan goed verklaard worden. Journalisten moeten voor hun beweringen traditiegetrouw meer dan één bron hebben en zij moeten bovendien een sceptische bureauredacteur overtuigen, zeker als hun informatie indruist tegen de conventional wisdom. De gegevens die zij verschaffen worden bovendien direct onderworpen aan de kritische blik van collega’s.

Van een dergelijke kritische toetsing is in de burelen van de geheime dienst meestal geen sprake. De geheime informatie circuleert in kleine kring, waardoor zij uiterst vatbaar is voor paranoïde waanvoorstellingen, die er met regelmaat toe leiden dat de tegenstander mateloos wordt overschat. Zo had de CIA decennialang een volledig vertekend beeld van de economische en militaire macht van de Sovjet-Unie.

Laten we eens aannemen dat de CIA de analytisch begaafde journalisten van de Knight Ridder-kranten overneemt en de verzamelde informatie kritisch laat toetsen in de media. Dat zou de betrouwbaarheid van de data die de CIA aan zijn opdrachtgevers verstrekt ongetwijfeld ten goede komen.

Het is echter zeer onwaarschijnlijk dat betere informatie tot beter beleid zal leiden. Het zou wel erg naïef zijn te veronderstellen dat politiek leiders besluiten nemen op grond van koele, objectiverende analyse van alle ter beschikking staande gegevens.

Vrijwel alle politiek leiders zien de werkelijkheid door een ideologisch getinte bril. Verschaft de geheime dienst informatie die niet overeenkomt met de ideologische preoccupaties van de politici, dan geloven zij hun geheime dienst niet. Vervolgens wordt de geheime dienst, die immers een overheidsbureaucratie is, onder druk gezet om de ideologisch wenselijke inlichtingen te leveren. In veel gevallen is daarom de geheime informatie die ten grondslag ligt aan beleid sterk ‘gepolitiseerd’ en dus waardeloos.

Bezien we de droevige geschiedenis van de incompetentie van de – peperdure – geheime diensten sinds de Tweede Wereldoorlog, dan is de conclusie dat zij zonder bezwaar kunnen worden opgeheven. De vrijkomende gelden worden ter beschikking gesteld aan de onderzoeksjournalistiek en de beleidsmakers gaan aandachtig de krant lezen.

Maarten van Rossem

Nieuwste berichten

Count Binface wordt geïnterviewd voor de verkiezingen in Clacton-On-Sea, 29 juli 2026.
Count Binface wordt geïnterviewd voor de verkiezingen in Clacton-On-Sea, 29 juli 2026.
Artikel

De eerste parodiepartij ontstond in een Tsjechische kroeg

Bij de tussenverkiezing in het Britse Clacton-on-Sea werd de rechts-populistische Reform UK-leider Nigel Farage uitgedaagd door Count Binface. Deze buitenaardse graaf met een vuilnisbak over zijn hoofd, een project van komiek Jon Harvey, drijft de spot met de Britse politiek. In 1911 deed de Tsjechische schrijver Jaroslav Hašek, die later beroemd werd met zijn verhalen...

Lees meer
Tijdens een protest in Toulouse roept BDS op tot een boycot van Israël, september 2025
Tijdens een protest in Toulouse roept BDS op tot een boycot van Israël, september 2025
Interview

Boycots hebben minder kans van slagen, zegt historicus

Pro-Palestijnse activisten hopen met boycots de internationale steun voor Israël onder druk te zetten. De Amerikaanse historicus Emily Twarog onderzoekt de geschiedenis van boycots. ‘Doordat we bijna alles online bestellen, is de fysieke ruimte die activisten nodig hebben verdwenen.’ Coca-Cola, Carrefour en Zara hebben op het eerste gezicht weinig overeenkomsten. Maar alle drie staan ze...

Lees meer
Tienduizenden Marokkanen proberen bij Ceuta de grens over te steken.
Tienduizenden Marokkanen proberen bij Ceuta de grens over te steken.
Interview

Spanje wilde Ceuta niet afstaan als het Gibraltar niet kreeg

Tienduizenden Marokkaanse jongeren staken massaal de grens over bij de Spaanse exclave Ceuta. Paolo De Mas, voormalig directeur van het Nederlands Instituut Marokko, legt uit hoe Ceuta eeuwen geleden in Spaanse handen kwam en bleef. ‘Voor Marokko is Ceuta een handzaam middel om pijnlijke politieke druk uit te oefenen op Spanje.’ Na nepnieuws en oproepen...

Lees meer
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Artikel

Meteorologen ruziën over D-Day in film ‘Pressure’

Weersvoorspelling een saai onderwerp? Niet als het verloop van een oorlog ervan afhangt. Het op feiten gebaseerde Pressure toont de hoogoplopende ruzie tussen geallieerde meteorologen over de verwachting voor D-Day. Bedolven onder tegenstrijdige adviezen moet opperbevelhebber Dwight Eisenhower beslissen over de invasiedatum. Als D-Day een maand eerder was gepland, waren meteorologen het volstrekt met elkaar...

Lees meer
Loginmenu afsluiten