Home Kille vechtmachines versus dienstweigeraars

Kille vechtmachines versus dienstweigeraars

  • Gepubliceerd op: 14 dec 2011
  • Update 13 apr 2023
  • Auteur:
    Paul Moeyes
Kille vechtmachines versus dienstweigeraars

Iedere schrijver die zich waagt aan een overzichtswerk over de Eerste Wereldoorlog ziet zich geconfronteerd met een aantal incidenten en veldslagen die in ieder geval aan bod moeten komen, maar al eindeloos vaak zijn beschreven: het pang-pang in Sarajevo van juni 1914 leidt naar het pats-boem-knal van Marne, Aisne, Ieper, Loos, Verdun en Somme, die op hun beurt weer worden gevolgd door het pats-boem-knal-blubber van Passendale, waarna de opleving, instorting en overgave van Duitsland in 1918 het verhaal van de oorlog naar zijn ondertussen genoegzaam bekende einde voeren.

Het is voor een schrijver dus zaak om een originele invalshoek te kiezen. De Amerikaanse schrijver en journalist Adam Hochschild neemt als uitgangspunt de tegengestelde standpunten die er in Groot-Brittannië ten opzichte van de oorlog bestonden. In zijn voorwoord legt hij uit dat hij door de levensverhalen van een groep voor- en tegenstanders van de oorlog te vertellen een beeld wil geven van de uiteenlopende keuzes die mensen maakten voor en tijdens de grootste wereldbrand die Europa tot dan toe had gekend.

Hij windt er daarbij geen doekjes om dat zijn persoonlijke sympathie bij de tegenstanders van de oorlog ligt. Militairen als de Britse opperbevelhebbers sir John French en vooral diens opvolger Douglas Haig worden bijna traditiegetrouw afgeschilderd als kille, harteloze vechtmachines op wie de massale verliezen aan mensenlevens weinig indruk maakten. Tegenstanders van de oorlog als de filosoof Bertrand Russell en de arbeidersleider Keir Hardie steken hier in positieve zin tegen af.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel leest u historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Nu de eerste maand voor maar 1,99.

Een dergelijke zwart-witpresentatie is subtiel noch origineel, maar Hochschild onderbouwt zijn verhaal met zorgvuldig gekozen citaten uit de geschriften van de betrokkenen zelf, en die geven aan dat zijn interpretaties in ieder geval niet geheel uit de lucht gegrepen zijn.

Het beeld dat hij zo wil schetsen van een land waar de sociale tegenstellingen extreem waren en de oorlog de bevolking verdeelde, komt minder goed uit de verf. Enerzijds gaat Hochschild in de selectie van zijn hoofdpersonen geheel voorbij aan het sociale middenveld; anderzijds schijnt hij niet te (willen) zien dat sommige van zijn ‘dramatis personae’ zijn stelling ondermijnen.

Hochschild beweert dat een politicus als Alfred Milner en zijn geliefde lady Violet Cecil niet konden trouwen, omdat zij al getrouwd was en een scheiding in die hogere kringen onaanvaardbaar was. Maar anderzijds vermeldt hij tussen neus en lippen dat sir John French wel van zijn eerste vrouw was gescheiden, en toch bracht die het daarna nog tot veldmaarschalk in 1913 en commandant van de Britse strijdkrachten in 1914. En de socialistische politicus Keir Hardie was weliswaar opgegroeid in bittere armoede, maar hij slaagde erin zich op te werken tot partijleider en parlementslid. Hoe rigide het Britse klassensysteem ook was, het was niet zo star als Hochschild het wil doen voorkomen.

Ook de interne verdeeldheid als hoofdthema overtuigt niet erg: tijdens de oorlogsjaren waren er in totaal 20.000 dienstweigeraars, maar ruim 6 miljoen Britten kwamen wel onder de wapenen. Een overgrote meerderheid van het volk, verdeeld over alle sociale lagen van de Britse bevolking, bleef de oorlog tot het bittere einde steunen.

De kracht van dit boek ligt dan ook niet in de visie die het presenteert, maar in het meeslepende, zorgvuldig gecomponeerde verhaal dat Hochschild op zeer leesbare wijze vertelt. Hij schrijft zelf dat het boek meer weg heeft van een roman dan van een geschiedkundig werk, en wie het als zodanig leest zal niet teleurgesteld worden. Hochschild vertelt niet het, maar een verhaal van de oorlog, maar het is een mooi verhaal en het wordt goed verteld.

Het boek is uitstekend vertaald, hoewel omslagfoto en ondertitel licht misleidend zijn: ‘De Grote Oorlog 1914-1918’ suggereert dat het hier om een algemene geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog gaat, en de Duitse soldaten op de omslagfoto versterken die indruk nog eens. De aandacht richt zich echter voornamelijk op Groot-Brittannië: alle hoofdpersonen zijn Brits, en alle gebruikte bronnen Brits of Amerikaans. Ook deze Engelstalige auteur is het eigen taalgebied niet ontstegen.

Adam Hochschild

Verzet en Eendracht. De Grote Oorlog 1914-1918

463 p. Meulenhoff, € 29,95

bestellen

Nieuwste berichten

Negentiende-eeuws uitzicht op Havana
Negentiende-eeuws uitzicht op Havana
Artikel

Amerika wilde Cuba annexeren en er een slavernijstaat van maken

Cuba kampt met een acute energiecrisis, omdat Venezuela geen olie meer aan dat land mag leveren van Trump. Het lijkt erop dat Washington speculeert op de val van het communistische regime. Cuba is al sinds de vroege negentiende eeuw een obsessie voor de Amerikanen. Wie denkt aan Amerika en Cuba heeft misschien het debacle van...

Lees meer
‘Als royals niet van jongs af aan worden begeleid, komen ze eerder in opspraak’
‘Als royals niet van jongs af aan worden begeleid, komen ze eerder in opspraak’
Interview

‘Als royals niet van jongs af aan worden begeleid, komen ze eerder in opspraak’

Vanwege hun banden met seksdelinquent Jeffrey Epstein komen de voormalige Britse prins Andrew en de Noorse kroonprinses Mette-Marit steeds verder in het nauw. Volgens historicus Kemal Rijken zijn het opvallend vaak royals van het tweede garnituur, die zich in de nesten werken. Waarom lijken zo veel prinsen en prinsessen zich te misdragen? Rijken: ‘Om dat...

Lees meer
Nagemaakte vissershuisjes die ooit op Testerep stonden
Nagemaakte vissershuisjes die ooit op Testerep stonden
Interview

In één keer verzwolg de zee het middeleeuwse eiland Testerep

Voor de Belgische kust lag ooit een waddeneiland, genaamd Testerep. In de veertiende eeuw werd het verzwolgen door de Noordzee. Archeoloog Soetkin Vervust en geoloog Ruth Plets zien een waarschuwing in de verdwijning van het eiland. ‘De zeespiegel stijgt steeds sneller.’ In de dertiende eeuw bloeide de stad Oostende, in het huidige België. De plaats...

Lees meer
Tekening van Hans en Parkie door Jean-Pierre Houel.
Tekening van Hans en Parkie door Jean-Pierre Houel.
Recensie

Twee achttiende-eeuwse olifanten maakten een bijzondere wereldreis

In de achttiende eeuw werden twee jonge olifanten op Ceylon gevangengenomen en door een oorlogseskader naar Nederland gebracht als geschenk voor stadhouder Willem V. Twaalf jaar lang leefden deze Hans en Parkie in de menagerie van Paleis Het Loo, tot ze na de Franse inval naar Parijs werden vervoerd en in de Jardin des Plantes terechtkwamen. In Hans en Parkie, twee olifanten op...

Lees meer
Loginmenu afsluiten