• Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Historisch Nieuwsblad 3/2014

    IN BEELD: politionele acties

    De oorlog die niet zo mocht heten

    Door: Mirjam Janssen

    Het kostte Nederland na het vertrek van de Japanners moeite om Indonesië op te geven. Met zogeheten ‘politionele acties’ probeerde de regering te voorkomen dat de kolonie onafhankelijk werd. Maar daarmee vergrootte zij de chaos juist. Bovendien leidden de acties tot internationale verontwaardiging.


    Op 22 september 1946 vond in Amsterdam een massale demonstratie plaats. De deelnemers wilden niet dat Nederlandse soldaten naar Indonesië vertrokken om dat land weer te onderwerpen. Agenten traden hard op tegen de demonstranten. Ook dienstplichtigen die weigerden in Indonesië te vechten, werden stevig aangepakt. Nederland was verdeeld over de benadering van de opstandige kolonie. Ongeveer de helft was voor het zenden van troepen.

    Na het vertrek van de Japanners in 1945 hadden de nationalistische leiders Soekarno en Hatta de Republiek Indonesië uitgeroepen. Nederlandse politici zagen in dat de onafhankelijkheid onvermijdelijk was, maar ze hadden moeite met de Republiek, die ze beschouwden als een opstandige beweging.

    Onder internationale druk onderhandelden de Nederlanders toch met de Republiek. Tegelijkertijd bouwden beide kampen een troepenmacht op. Op 21 juli 1947 ging Nederland over tot de aanval, die een ‘politionele actie’ werd genoemd. Het woord ‘oorlog’ werd zorgvuldig vermeden. Nederland moest alleen even flink optreden om de orde en veiligheid te herstellen, zo luidde boodschap.

    Het was de bedoeling economisch belangrijke gebieden op Java en Sumatra weer in handen te krijgen, en dat lukte. Maar de tegenstellingen met de Republiek werden scherper; de vrijheidsstrijders gingen over tot een guerrillastrijd.
    De soldaten die namens Nederland vochten bestonden uit vrijwilligers, dienstplichtigen en inlanders. Zij troffen een Indonesische bevolking die niet zat te wachten op buitenlandse bemoeienis en vrij wilde zijn. Meegesleept door de chaos maakten Nederlandse militairen zich schuldig aan zware excessen: dorpen werden platgebrand en duizenden burgers werden geëxecuteerd.

    In december 1948 volgde een tweede politionele actie: Nederland nam de leiders van de Republiek gevangen. Maar de guerrillastrijd ging door en de nationalisten begonnen ook Indonesiërs te liquideren die met de Nederlanders samenwerkten.

    In januari 1949 gaf Nederland de strijd op, na tussenkomst van de Verenigde Naties en de Verenigde Staten. In december van dat jaar werd Indonesië onafhankelijk. De politionele acties hadden ongeveer 5000 Nederlandse soldaten en 150.000 Indonesiërs het leven gekost. Bij thuiskomst in Nederland werden de militairen warm welkom geheten, maar al snel overheerste de schaamte. De laatste oorlog die Nederland voerde, viel niet te rechtvaardigen.