Home Hoe het westen de Koude Oorlog won

Hoe het westen de Koude Oorlog won

In februari 1950 vond in Moskou een bijzondere bijeenkomst plaats. Josef Stalin, Mao Zedong, Ho Chi Minh en Kim Il-Sung ontmoetten elkaar om de toekomst van de wereld te bespreken, en ze hadden alle reden om vrolijk te zijn. Toegegeven, in de Verenigde Staten waren net de creditcard en de kleurentelevisie uitgevonden, begonnen de soapserie I Love Lucy en de kranten¬strip Peanuts, rolde de eerste fotokopieermachine uit de fabriek van Xerox en draaide Sunset Boulevard in de bioscopen, maar in het algemeen leek het Westen naar adem te happen.

Hoe het westen de Koude Oorlog won

Bastiaan Bommeljé

Historicus

Gepubliceerd op: 15 juli 2009

Update 25 mei 2023

Het communisme leek daarentegen overal aan kracht te winnen: geheel Oost-Europa was nu onder controle van de Sovjet-Unie, het Amerikaanse monopolie op nucleaire wapens was doorbroken, en de legers van Mao hadden getriomfeerd in het land met de meeste inwoners ter wereld. Bovendien was in alle uithoeken van de aardbol het kolonialisme aan het afbrokkelen, hetgeen het Westen niet alleen met een machtspolitiek en economisch vraagstuk, maar ook met een moreel dilemma opzadelde.

De eerste helft van de eeuw had er al uitgezien of het kapitalisme aan de ondergang bezig was: twee wereldoorlogen werden slechts gescheiden door een periode van economische crisis en waren uitgelopen in massamoorden op industriële schaal alsmede in de uitvinding van wapens die nog erger deden vrezen. Er was, kortom, niet veel reden aan te nemen dat de volgende helft van de eeuw voor het Westen florissanter zou verlopen.

Veertig jaar later waren Stalin, Mao, Ho Chi Minh en het communisme dood, werd Kim Il Sung belachelijk gemaakt in een reclameboodschap, en was de Koude Oorlog geëindigd in een overdonderende overwinning van het democratische en kapitalistische Westen. Hoe dit zo heeft kunnen gebeuren – en wat er eigenlijk gebeurde – is het specialisme van John Lewis Gaddis, hoogleraar geschiedenis aan Yale University. Niet lang geleden bekroonde hij zijn invloedrijke reeks studies over de Koude Oorlog (zoals The United States and the Origins of the Cold War uit 1972, Strategies of Containment uit 1982, The Long Peace uit 1987 en We Now Know: Rethinking Cold War History uit 1997) met een samenvatting van zijn eigen oeuvre in The Cold War: A New History.

Dat in de Engelse editie van het boek de ondertitel wordt weggelaten, is wellicht niet toevallig. Om een ‘nieuwe geschiedenis’ gaat het zeker niet. Wel om een kundig, ofschoon nogal eenzijdig en zelfs triomfalistisch overzicht van de politieke krachtmeting tussen de VS en de Sovjet-Unie. Gaddis ziet de Koude Oorlog bovenal als een even onvermijdelijke als noodzakelijke ideologische botsing, en zijn helden zijn dan ook de leiders en intellectuelen die op een of andere wijze de rug recht hielden (zoals Orwell, Sacharov, Solzjenitsyn, Havel en paus Johannes Paulus II). In strategisch opzicht steekt hij bovenal de loftrompet over George Kennan, de Amerikaanse diplomaat die beschouwd mag worden als de ‘uitvinder’ van de politiek van containment (indamming) van het communistische machtsblok. (Gaddis werkt momenteel aan de biografie van Kennan, die verleden jaar op 101-jarige leeftijd overleed.)

The Cold War biedt een aardig overzicht van de vroege jaren van de Koude Oorlog, vanaf de jaren veertig tot en met de Cuba-crisis, en Gaddis is vooral sterk in de beschrijving van de invloed die de wapenwedloop had op de politiek. Daarna verzandt het werk helaas in allerhande details en onsamenhangende excursies naar alle uithoeken van de aarde (maar nou net zelden naar de gebieden waar de Koude Oorlog echt werd uitgevochten). Het wordt er niet beter op door de ridicule fictionele passages over wat er gebeurd zou zijn indien er wel over en weer atoomwapens waren gegooid.

Het boek eindigt met een lofzang op de Amerikaanse triomf die niet alleen begrijpelijk maakt waarom Gaddis een van de favoriete historici van George Bush is, maar ook waarom Tony Judt in The New York Review of Books de vloer aanveegde met dit werk.

John Lewis Gaddis
The Cold War: A New History
333 p. Penguin, € 23,35

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Artikel

Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad

De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien 4 oktober 1993. Tanks die...

Lees meer
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Artikel

Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten

Zogenaamd om stemfraude bij de komende congresverkiezingen in Amerika te voorkomen, pleit Donald Trump voor landelijke regels die voor alle staten moeten gelden. Hij is er wat laat mee, want de echte wanpraktijken bij Amerikaanse verkiezingen dateren vooral van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. Dit artikel krijg je van...

Lees meer
Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Artikel

Iraanse sporters dagen de macht uit

In Iran vormen sport, protest en politiek al eeuwenlang een nauw verweven, maar ook conflictueuze drie-eenheid. Nu zijn het vaak vrouwelijke voetballers die van zich laten horen. Ooit waren het worstelaars, vertelt politicoloog Caroline Azad. Gholamreza Takhti is een legende in Iran. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd deze worstelaar – ‘met...

Lees meer
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Artikel

Artsen zonder Grenzen: onafhankelijk, maar nooit apolitiek

Een groep artsen die vond dat het Rode Kruis niet genoeg deed tegen mensenrechtenschendingen in Biafra, stichtte in 1971 de medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. De initiatiefnemers wilden volledig apolitiek opereren, maar dat bleek in de praktijk vrijwel onmogelijk. Médecins Sans Frontières (MSF), de moederorganisatie van Artsen zonder Grenzen, is een medische internationale hulporganisatie. Momenteel biedt MSF hulp in Nepal na een dodelijke overstroming en is de organisatie werkzaam in Oekraïne en Gaza, waar ze...

Lees meer
Loginmenu afsluiten