Home Een smakelijk verhaal, maar niet origineel

Een smakelijk verhaal, maar niet origineel

  • Gepubliceerd op: 15 dec 2010
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Rob Hartmans

Auteurs die hun boeken voorzien van overvloedige notenapparaten en uitvoerige bibliografieën wordt nogal eens verweten dat ze trachten te imponeren. Blijkbaar moeten die ‘omgevallen boekenkasten’ het ego van de auteur schragen. Met evenveel reden valt het omgekeerde te beweren, namelijk dat uitgebreide literatuurverwijzingen een teken van bescheidenheid zijn. De auteur geeft zo aan dat hij het niet allemaal zelf heeft bedacht en dat hij er geen problemen mee heeft dat de lezer hem controleert.

Het verdorven genootschap van Philipp Blom heeft een uiterst summiere bibliografie. Wie het leest kan de indruk krijgen dat dit een baanbrekend werk is, waarin voor het eerst wordt aangetoond hoe belangrijk radicale Verlichtingsdenkers als Diderot en Holbach waren, wat voor rat Voltaire was en welke desastreuze gevolgen de politieke filosofie van Rousseau heeft gehad. Hoewel zijn boek beslist interessant is en voor de lezer die zich niet bijzonder heeft verdiept in de Verlichting veel relevante informatie bevat, is het vreemd dat Blom nauwelijks secundaire literatuur noemt en niet – al was het maar in de noten of in een bibliografisch essay – serieus met andere auteurs in debat gaat.

Blom heeft zich met dit boek twee zaken ten doel gesteld. Om te beginnen wil hij een aantrekkelijk verhaal vertellen over het riskante en tumultueuze leven van een groep Verlichtingsdenkers in het Parijs van het derde kwart van de achttiende eeuw. Hiervoor concentreert hij zich op de befaamde salon van de rijke baron Paul-Henri Thiry d’Holbach, waar radicale denkers als Diderot, Rousseau, Hume en Gibbon kind aan huis waren. Volgens Blom vormde deze salon het epicentrum van een intellectuele revolutie, die een frontale aanval was op het christelijk geloof en de bestaande maatschappelijke orde.

Daarnaast wil Blom aantonen dat deze ‘radicale Verlichting’ verreweg superieur was aan de ‘gematigde Verlichting’ die werd uitgedragen door mensen als Voltaire, Montesquieu en Kant. Deze laatste variant was volgens Blom niet alleen veel te rationalistisch, terwijl Diderot en Holbach uitgingen van de hartstochten van de mens, maar bleef in wezen door en door christelijk. En dat laatste is in Bloms ogen allesbehalve een compliment. In zijn bibliografie noemt hij de boeken van Jonathan Israel wel, maar nergens wordt duidelijk in hoeverre hij diens onderscheid tussen een radicale en gematigde Verlichting onderschrijft, en of hij uitgaat van dezelfde scheidslijnen.

Je zou dit slordig kunnen noemen. Ook al omdat het boek meer slordigheden vertoont, zoals de bewering dat Galileo Galileï (1564-1642) en Isaac Newton (1643-172) ‘ongeveer terzelfder tijd’ hun ontdekkingen deden. En dat René Descartes (1596-1650) tijdens de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) het laboratorium van de in 1601 overleden astronoom Tycho Brahe bezocht. Ernstiger is dat Blom doet alsof er tot nog toe geen aandacht is geschonken aan het radicale denken van Diderot en Holbach, terwijl bijvoorbeeld Israel dat wel heeft gedaan. Beide heren kwamen ook al uitgebreid voor in Peter Gays tweedelige The Enlightenment (1970), dat lange tijd gold als hét standaardwerk. En omdat Blom zo hamert op het belang dat denkers toekenden aan lichamelijkheid, is het eigenlijk vreemd dat hij nergens verwijst naar Roy Porters Flesh in the Age of Reason (2003).

Ook de beschrijving van Voltaire als een geslepen, opportunistische geldwolf, en meer een popularisator dan een oorspronkelijk denker, komt voor wie iets meer over de Verlichting heeft gelezen niet bepaald als een verrassing. En dat Rousseaus ideeën de inspiratie leverden voor totalitaire bewegingen uit de twintigste eeuw is inderdaad waar, maar sinds Jacob Talmons The Origins of Totalitarian Democracy (1952) ook bijna een cliché.

Evenals in zijn vorige boek, De duizelingwekkende jaren (2009), weet Blom in Het verdorven genootschap een smakelijk verhaal te vertellen, maar ook nu maakt hij de pretentie van een oorspronkelijke, totaal andere visie niet waar.

Philipp Blom, Het verdorven genootschap. De vergeten radicalen van de Verlichting Vertaald door Pon Ruiter, 444 p. De Bezige Bij, € 29,90

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel leest u historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Nu de eerste maand voor maar 1,99.

Nieuwste berichten

DEA-agenten verbranden hasj in Afghanistan, 2007
DEA-agenten verbranden hasj in Afghanistan, 2007
Artikel

Amerika voert een eindeloze ‘war on drugs’

De Amerikaanse president Richard Nixon kondigde in 1971 zijn ‘war on drugs’ aan. Sindsdien zijn er honderdduizenden mensen omgekomen, vooral in Latijns-Amerika. Donald Trump heeft het geweld verder laten escaleren. Hij noemt drugshandelaren ‘narcoterroristen’ en doodt hen zonder vorm van proces. Op 20 april 2001 schoot de Peruaanse luchtmacht een Cessna uit de lucht, een...

Lees meer
Natuurkundige Leo Szilárd
Natuurkundige Leo Szilárd
Interview

Oekraïense historicus: ‘Nucleaire blufpoker leidt tot ongelukken’

In zijn boek Het atoomtijdperk pleit de Oekraïense historicus Serhii Plokhy voor herstel van ‘het angstevenwicht’. Volgens hem leidde het concept van gegarandeerde wederzijdse vernietiging decennialang tot een balans tussen de grootmachten. En die vrees moet terug, want ‘het ontbreken van een angstevenwicht moedigt agressie aan’. In 1986, toen de reactor van de kerncentrale van...

Lees meer
Amerikaanse agenten brengen Noriega over de naar de VS
Amerikaanse agenten brengen Noriega over de naar de VS
Interview

‘Ook de arrestatie van de Panamese leider Noriega in 1989 was volkenrechtelijk illegaal’

De aanval op Venezuela en de ontvoering van president Nicolás Maduro doen denken aan de invasie van Panama in 1989, waarbij Amerika de militaire leider Manuel Noriega gevangennam. Ook toen gebruikte het Witte Huis drugshandel als legitimering, vertelt academicus Pablo Isla Monsalve. ‘Maar de VN veroordeelde de actie als een illegale interventie.’ Op 15 december...

Lees meer
Kozakken schrijven de Turkse sultan een brief. Schilderij door Repin
Kozakken schrijven de Turkse sultan een brief. Schilderij door Repin
Artikel

Voor de Oekraïners zijn de kozakken weer hun helden

De Russen en de Oekraïners strijden ook over de interpretatie van hun gezamenlijke verleden. Waren de beroemde kozakken nu helden of verraders? Dat hangt ervan af wie je het vraagt.  Het is alsof ze zo uit de schilderijen van Ilja Repin zijn gestapt: Oekraïense militairen die aan het front poseren als zeventiende-eeuwse kozakken. Het beroemdste voorbeeld is Repins doek De Zaporozjekozakken schrijven de Turkse sultan een brief uit 1891. Daarop beantwoorden de kozakken het ultimatum van...

Lees meer
Loginmenu afsluiten