Home De zakkendrager: een nuttig, maar uitgestorven beroep

De zakkendrager: een nuttig, maar uitgestorven beroep

De zakkendrager: een nuttig, maar uitgestorven beroep

Annegreet van Bergen

Schrijfster en journalist

Gepubliceerd op: 18 oktober 2018

Update 11 april 2023

Schepen worden tegenwoordig met geautomatiseerde kranen geladen en gelost. Vroeger was dat het werk van de zakkendrager. Een vergeten, maar essentieel beroep, meent Annegreet van Bergen.

Standbeelden van hoge heren, al dan niet te paard, zeggen mij weinig of niets. Daarentegen maakte een beeld van een licht gebogen mannengestalte met een grote zak op zijn nek en schouders diepe indruk op me. Ik zag het een paar jaar geleden toen ik over de Lange Haven in Schiedam liep. Het was een zakkendrager. Een zakkendrager – nooit eerder had ik van dat beroep gehoord. Maar sinds die wandeling door de historische binnenstad van Schiedam moet ik geregeld aan zakkendragers denken.

Dat doe ik vooral wanneer ik containers op schepen, vrachtwagens of treinen zie. Want containers belichamen het voorlopig eindpunt van de transportrevolutie, die ervoor heeft gezorgd dat het laden en lossen van schepen nauwelijks nog mankracht vergt. Heerste er vroeger op de kaden van havens een enorme bedrijvigheid, door het containervervoer is daar geen sprake meer van. De eerste containers voor zeetransport werden in de jaren vijftig in gebruik genomen en pas in 1966 deed voor het eerst een containerschip de Rotterdamse haven aan.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al vanaf €4,99 per maand.

Aanvankelijk ging de verandering langzaam. Rederijen moesten veel geld investeren voor ze op containers konden overgaan. Niet alleen in schepen, containerwagons en –vrachtwagens, maar ook in containerkranen en andere haveninstallaties. Uiteindelijk kregen ze veel terug voor deze investeringen: door standaardisatie en mechanisatie is vrachtvervoer, en daarmee de internationale handel, steeds sneller en goedkoper geworden.

Toen er afgelopen zomer veertig containers overboord sloegen tijdens de belading van een schip in de Rotterdamse Amazonehaven, was het de vraag of er ‘een softwarefout in het beladingsprogramma’ had gezeten of dat ‘de operator, ondanks de ruime stabiliteitsmarge, onjuiste containergewichten had ingevoerd’. Een discussie waarvan zakkendragers ongetwijfeld zouden hebben gezegd: gooi maar in mijn pet.

Voor hen was spierkracht het belangrijkst. ‘Vaardigheid om met gereedschappen om te gaan was niet nodig. Ook vereiste de arbeid in het algemeen niet veel hersenwerk. […] Daardoor bleven de meesten op de onderste trede van de maatschappelijke ladder staan,’ zo staat er in een in de serie ‘Verhalen van Dordrecht’ verschenen boekje over het Zakkendragersgilde.

Eeuwenlang waren zakkendragers van essentieel belang voor het reilen en zeilen van havensteden als Dordrecht. In Utrecht herinnert de Zakkendragerssteeg nu nog aan dit oude ambacht, terwijl er ook in Amersfoort een monument voor hen is opgericht. Tot 1798, toen in de Franse tijd alle gilden werden opgeheven, waren er speciale zakkendragersgilden. Na 1798 gingen ze verder als ‘korps’. Alleen ‘officiële’ zakkendragers dongen mee naar opdrachten om een lading te mogen lossen. Dat deden ze door te ‘smakken’, een soort dobbelstenen gooien, waarbij de mannen die de hoogste ogen hadden gegooid mochten gaan sjouwen.

In 1795 werkte in Dordrecht maar liefst 10 procent van de beroepsbevolking als zakkendrager. Turf, gestoken in het Brabantse Waspik en als brandstof bij vele ambachten in gebruik, was tot midden negentiende eeuw een van de belangrijkste goederen die in de Dordtse haven werden verscheept. Toen steenkool de nieuwe energiebron voor huishouden en industrie werd, kwam er steeds minder werk voor de zakkendragers. Omdat Rotterdam in diezelfde tijd dankzij de Nieuwe Waterweg een rechtstreeks verbinding met de Noordzee had gekregen, boette Dordrecht als havenstad sowieso aan belang in. Ook werden de sterke mannen met de zware zakken op hun rug steeds vaker vervangen door hijskranen.

In 1919 werkten er nog maar 77 zakkendragers in de Dordtse haven. Langzaam stierf het beroep uit. Toch verdienden in 1950 nog zestien mannen de kost als zakkendrager, allemaal voor een biscuit- en chocoladefabriek. Niettemin werd het korps dat jaar opgeheven. Daarbij was er heel wat gekrakeel over de vraag wie eigenaar was van een aantal kostbare historische voorwerpen. Uiteindelijk betaalde de gemeente Dordrecht 15 gulden aan alle nog in leven zijnde 78 zakkendragers ‘ter vergoeding van het inschrijfgeld dat zij eerder bij hun intrede tot het korps hebben gestort’. Waarna de antieke tinnen kannen en andere voorwerpen aan het Museum Mr. Simon van Gijn werden overgedragen.

In Dordrecht is er een steegje, op het smalste punt niet meer dan 80 centimeter breed, dat Zakkendragersstraat heet. Het is een van de vele historische bezienswaardigheden van de stad. Zelf ben ik het meest onder de indruk van het uitzicht vanaf het Groothoofd. Op dat punt komen drie grote waterwegen samen: de Oude Maas, de Merwede en de Noord. Het is daar een komen en gaan van gigantische vrachtschepen. Sommige beladen met steenkool en grind; op andere staan containers opgestapeld tot een fors flatgebouw. Wanneer de oude zakkendragers deze gevaartes zouden zien, zouden ze hun ogen niet geloven.

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 11 - 2018

Nieuwste berichten

Aankondiging van een actie van het Oranje Alternatief.
Aankondiging van een actie van het Oranje Alternatief.
Artikel

Graffitikunst met kabouters was effectief protestmiddel in communistisch Polen

Als de democratie onder druk staat, is humor een tegenwicht. Dat begreep de Poolse protestbeweging Oranje Alternatief in de jaren tachtig maar al te goed. Met graffitikunst en ludieke straatacties bracht ze de communistische eenpartijstaat in verlegenheid. Protesteren tegen de communistische dictatuur in Polen was levensgevaarlijk. In 1981 kondigde generaal Wojciech Jaruzelski de staat van...

Lees meer
‘Voor de Antideutsche beweging gaat het voortbestaan van Israël voor alles’
‘Voor de Antideutsche beweging gaat het voortbestaan van Israël voor alles’
Interview

‘Voor de Antideutsche beweging gaat het voortbestaan van Israël voor alles’

In het gespannen Duitse debat over Israël en Palestina nemen de zogenoemde Antideutsche een opvallende positie in. Waar andere antifa-bewegingen het opnemen voor de Palestijnen, geeft deze links-radicale subcultuur onvoorwaardelijke steun aan Israël. De Antideutsche stellen sympathie voor Palestijnen gelijk aan antisemitisme en zien Israëls oorlogen als onvermijdelijk om een nieuwe Holocaust te voorkomen. Onenigheid...

Lees meer
Trump vermoeid tijdens persconferentie
Trump vermoeid tijdens persconferentie
Artikel

Trump is gewaarschuwd: het einde van hoogbejaarde leiders is vaak ontluisterend

Komend weekend wordt president Donald Trump tachtig jaar. Hij vindt zelf dat hij nog fit genoeg is om te regeren, maar veel Amerikanen betwijfelen dat. Hoogbejaarde staatshoofden zijn niet ongebruikelijk. Maar hun einde is vaak beschamend, zoals blijkt uit onderstaande voorbeelden. Vorige maand onderging Donald Trump voor de derde keer in 13 maanden een medische...

Lees meer
Het reisgezelschap van Dirk de Graeff van Polsbroek tijdens de beklimming van de vulkaan Fuji, 1867. Foto door Felice Beato.
Het reisgezelschap van Dirk de Graeff van Polsbroek tijdens de beklimming van de vulkaan Fuji, 1867. Foto door Felice Beato.
Beeldessay

Hoe het Westen Japan omarmde

Eeuwenlang hadden Japan en de westerse wereld nauwelijks contact. Toen daarvan weer sprake was leidde dat tot aanvaringen, maar ook tot wederzijdse fascinatie. Op 8 juli 1853 verschenen vier zwaarbewapende Amerikaanse oorlogsschepen in de baai van Edo. Commodore Matthew Perry dwong de Japanse regering zo om na eeuwen van isolatie de grenzen te openen voor...

Lees meer
Loginmenu afsluiten