Home De Vooruitgang: Met de wichelroede op zoek naar de moordenaar

De Vooruitgang: Met de wichelroede op zoek naar de moordenaar

Geertje Dekkers

Historicus en journalist

Gepubliceerd op: 27 mei 2003

Update 7 april 2020

Proefschriften, lezingen of artikelen kunnen ons beeld van het verleden ingrijpend veranderen. Juliëtte van den Elsen onderzocht de rol van demonen, occulte krachten en monsters in het denken van de vroege Verlichting.

De Verlichting wordt vaak voorgesteld als een periode van rationalisering, waarin tradities en bijgeloof plaatsmaakten voor wetenschappelijk onderzoek en rede. Maar historica Juliëtte van den Elsen vond in geleerdentijdschriften uit de periode 1648-1727 veel verhandelingen over demonen, wonderbaarlijke genezingen en de werking van wichelroedes. Ze las artikelen over een vrouw uit wier lichaam de botten van een foetus tevoorschijn waren gekomen, over een kippenei dat geen eigeel bevatte maar een menselijk wezentje, en over een meisje dat acht dagen na haar geboorte beviel van een dochtertje zo groot als een vinger. 'Onderzoek naar het occulte was een wezenlijk onderdeel van de vroege Verlichting.'
Zo ontstond in 1692 in geleerdentijdschriften een heftige discussie over de Franse boer Jacques Aymar, die met een wichelroede de daders had opgespoord van een roofmoord op een Lyonese wijnkoper en zijn vrouw. Na deze opmerkelijke gebeurtenis werd Aymar door geleerden aan een aantal proeven onderworpen, waarbij hij steeds de misdadiger wist te vinden. De geleerde Pieter Rabus beschreef Aymars verhaal in zijn Nederlandse tijdschrift Boekzaal van Europe. Van den Elsen: 'Rabus was overtuigd van de werking van de wichelroede en zag daar niets magisch in. Volgens hem zweefden er uitgewasemde deeltjes uit water, edelmetalen of misdadigers door de lucht, die in een poreuze wichelroede terecht konden komen, en die naar beneden konden buigen.' Op deze manier gaf Rabus de wichelroede een plaats in het nieuwe mechanistische wereldbeeld, waarin alles in de natuur werd teruggevoerd op bewegende materie.
Op dezelfde manier verklaarde Rabus dat zijn vrouw met een wichelroede goudstukken kon vinden. 'Dat wekte de interesse van andere geleerden in de Republiek,' zegt Van den Elsen. 'Rabus en zijn vrouw werden uitgenodigd bij het natuurkundig genootschap Collegium Physicum in Haarlem, maar daar beschuldigden geleerden hen van bedrog. Een belangrijk argument tegen het geloof in de wichelroede was dat hij niet bij iedereen werkte. Als de wichelroede werkelijk reageerde op deeltjes uit de lucht, zou iedereen hem moeten kunnen hanteren. En dat was niet het geval.'

Wonderdokter
Het Collegium Physicum nam de verhalen over de wichelroede echter wel serieus genoeg om ze te onderzoeken. 'Het geloof in wichelroedes werd niet bij voorbaat als onzin beschouwd,' legt Van den Elsen uit. 'Integendeel, het occulte was voor geleerden uit de vroege Verlichting een erg interessant gebied, omdat daar de grenzen van de kennis lagen. Wie een occulte gebeurtenis op een mechanistische manier kon verklaren, bracht de natuurwetenschap een stukje verder.'
'Daarbij is het belangrijk op te merken dat het woord ''occult'' toen een andere betekenis had dan nu,' zegt Van den Elsen. 'Het betekende ''niet-waarneembaar''. Magie was occult, maar de werking van magneten ook. Alles waarvan de oorzaak zich aan de waarneming onttrok viel in deze categorie. In de vroege Verlichting probeerden geleerden het occulte in te passen in het nieuwe mechanistische wereldbeeld, zoals Rabus de werking van de wichelroede verklaarde met behulp van kleine deeltjes.'
Centraal in de discussie over de wichelroede stond het steeds terugkerende probleem van de beïnvloeding op afstand. Een duidelijk voorbeeld daarvan is de controverse uit 1697 over de wonderdokter Henricus Georgius Reddewitz, die in Rotterdam op afstand wonden genas met behulp van 'sympathische' geneeskunde. Daarvoor hoefde hij alleen een 'zeker poeder' door de urine van de patiënt te mengen; de patiënt zelf hoefde daarvoor niet aanwezig te zijn. Opnieuw was het Rabus die in de Boekzaal van Europe over deze wonderlijke gebeurtenissen schreef. En ook deze keer leidden de publicaties erover tot hevige woordenwisselingen. Volgens de Rotterdamse stadsarts Herman Lufneu was een mechanische verklaring voor de genezingen niet mogelijk, omdat hij niet inzag hoe deeltjes uit de urine de patiënt zouden kunnen bereiken.
Lufneu raakte in een discussie verwikkeld met een andere arts, Jan Schilperoort, die Reddewitz' sympathische geneeskunde beschouwde als een geestelijk fenomeen. 'Die discussie liep erg hoog op,' vertelt Van den Elsen. 'Volgens Lufneu waren de redeneringen van zijn tegenstander ''pannevis-taal'', een ''ys-koud babbelguichje'' en een ''wanbakke sluitreden''. Dergelijke scheldwoorden werden gebruikt in de geleerdentijdschriften, en ze zeggen iets over hoe belangrijk dergelijke discussie werden gevonden.'
Het is dan ook niet terecht dat onderzoek naar het occulte vaak wordt voorgesteld als slechts een onderstroom van de Verlichting, vindt Van den Elsen: 'De historica Francis Yates heeft de these geponeerd dat de Wetenschappelijke Revolutie voortkwam uit een mystiek-magische traditie, die ''hermetisch'' werd genoemd. In de jaren zeventig werd haar stelling nogal romantisch uitgewerkt: er zou een mystieke onderstroom zijn geweest, die tegengesteld was aan het rationalisme. In werkelijkheid was er geen coherente hermetische traditie en was het onderzoek naar het occulte een wezenskenmerk van de vroege Verlichting.'

MONSTERS, DEMONEN EN OCCULTE KRACHTEN. DE JOURNALISTIEKE PERCEPTIE VAN MAGISCHE EN WONDERBAARLIJKE VERSCHIJNSELEN IN DE VROEGE VERLICHTING 1648-1727 door Juliëtte van den Elsen. 201 p. In eigen beheer uitgegeven.

Nieuwste berichten

HN10 2026
HN10 2026
Artikel

Afrikaners waren een uitverkoren, maar bang volk

Een handjevol Nederlandstalige pioniers of ‘Voortrekkers’ verslaat in 1838 een groot Zoeloe-leger. Hun nazaten geloven sindsdien dat zij door God zijn uitverkoren om Zuid-Afrika te beschaven, maar dat de zwarte inwoners hun voortdurend naar het leven staan. De Zuid-Afrikaanse Bloedrivier dankt zijn naam aan de miraculeuze veldslag die hier op 16 december 1838 plaatsvond tussen...

Lees meer
Deelnemers aan de vredesconferentie van 1899.
Deelnemers aan de vredesconferentie van 1899.
Interview

‘Trumps uitspraken betekenen niet het einde van het internationaal recht’

De Amerikaanse regering kondigt sancties aan tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag om het instituut te ‘verlammen’. Als gastland speelt Nederland een belangrijke rol bij het promoten van internationaal recht. Jurist, schrijver en onderzoeker Benjamin Duerr vertelt hoe dit eind negentiende eeuw begon, toen in Den Haag twee vredesconferenties plaatsvonden. ’Nederland besefte vroeg het...

Lees meer
Sterfte door de pest in Leiden, 1574
Sterfte door de pest in Leiden, 1574
Onderzoek

Londenaren stierven aan een pestmutatie uit het Ottomaanse Rijk

In Siberië is een laboratoriummedewerkster naar alle waarschijnlijkheid overleden aan de pest. Recentelijk bracht een groep wetenschappers de verspreiding van de pest tussen de veertiende en achttiende eeuw in kaart. Handelsstromen, oorlogen en extreem weer maakten Europa tot ideale voedingsbodem voor de ziekte. In wetenschappelijk tijdschrift PNAS beschrijven biologen hoe ze aan de hand van...

Lees meer
Donskoj in de Slag op het Koelikovo-veld
Donskoj in de Slag op het Koelikovo-veld
Interview

Rusland stuurt botten van middeleeuwse prins naar het front

Rusland stuurt de relieken van een middeleeuwse prins naar Oekraïne om ‘schouder aan schouder’ te staan met de soldaten in de loopgraven. Dat de Russisch-orthodoxe kerk voor een morele boost juist de overblijfselen van Dmitri Donskoj stuurt, is volgens historicus Nicolaas Kraft van Ermel-Nijland geen toeval. ‘In het traditionele Russische verhaal was Donskoj geen agressor,...

Lees meer
Loginmenu afsluiten