Anton van Hooff:
‘Ik zou liever van “egaliseren” willen spreken. “Nivelleren” is een te modern woord. De Nederlander of Hollander neigt al eeuwen lang naar het creëren van een egalitaire samenleving. Al in de vijftiende eeuw, de tijd van Thomas a Kempis, werd hier soberheid en nuchterheid gepredikt. Dat heeft er waarschijnlijk mee te maken dat de verstedelijking in de Lage Landen vroeg op gang kwam.
De Broeders des Gemenen Levens, waarvan Thomas a Kempis deel uitmaakte, was een halve lekenbeweging binnen de kerk. De leden van de congregatie hekelden het afgezonderde en vormelijke kloosterleven en pleitten voor toepassing van de christelijke waarden als soberheid en nederigheid in het dagelijks leven. Dit paste binnen de opkomende “burgerlijke” stadscultuur: daar hielden de mensen elkaar veel meer in de gaten.
De latere komst van het calvinisme was dus niet de oorzaak van de Hollandse drang tot egaliseren en de moraal van “doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg”. Het verleende aan die instelling alleen een religieus sausje. Overigens zie je dat de drang je met uiterlijk vertoon te onderscheiden in de oostelijke delen van het huidige Nederland groter was: dat gebied was minder verstedelijkt en daar had de adel nog veel van zijn oude macht en aanzien behouden.’
James Kennedy:
‘Ik zou nivelleren geen typisch Nederlandse karaktertrek durven noemen. Het klopt weliswaar dat, gemeten naar globale maatstaven, de inkomensverschillen in Nederland relatief bescheiden zijn. Maar Nederland neemt in dit opzicht wereldwijd geen unieke positie in. Een land als Uzbekistan bijvoorbeeld, kent volgens de Wereldbank een kleinere inkomensongelijkheid dan Nederland.
Ook binnen de groep Noordwest-Europese landen die bekend staan om hun relatief grote inkomensgelijkheid, springt Nederland er niet echt uit. De Scandinavische landen, maar ook Frankrijk en België, komen qua inkomensnivellering beter uit de bus dan Nederland. Voor Frankrijk valt dat deels te verklaren vanuit het traditionele Franse overheidsmodel, met een sterke staat die het ideaal van ‘broederschap’ en ‘gelijkheid’ van bovenaf moet opleggen. Bij de Scandinavische landen speelt juist de grote mate van gemeenschapszin onder de burgers zelf een belangrijke rol in het politieke streven naar economische gelijkwaardigheid.
Nederland zit vanouds anders in elkaar. Dit is altijd veel meer een land geweest van handel en ondernemingszin, van de gematigd conservatieve overtuiging dat ondernemersrisico beloond mag worden. De “vette” jaren zestig en zeventig, toen er een grote bereidwilligheid ontstond om de baten van de florerende economie eerlijker dan voorheen te delen, vormen in feite een uitzondering op deze Nederlandse traditie.’
Ruth Oldenziel:
‘Het beeld van Nederland als het Walhalla van de nivellering komt niet overeen met de werkelijkheid. Ten eerste is de verschuiving van grotere naar kleinere privé-vermogens een trend die zich pas na de Eerste Wereldoorlog heeft ingezet. Bovendien neemt Nederland in dit opzicht geen uitzonderingspositie in. Deze nivelleringstrend vond in de Westerse wereld plaats over de gehele linie. In de Verenigde Staten was de belasting op topinkomens tot aan de jaren zeventig zelfs een stuk hoger dan in Nederland: 91 procent tegenover 72 procent.
Die tijdelijke nivellering is, hier zowel als in de Verenigde Staten, in de laatste dertig jaar weer deels teniet gedaan. Onder invloed van de neoconservatieve stroming, verpersoonlijkt door Ronald Reagan en Margaret Thatcher, is het draagkrachtbeginsel of de “hoge belasting voor de sterke schouders” niet langer vanzelfsprekend. Dat geldt ook voor Nederland sinds het Kabinet Lubbers III.
Tot slot ligt het er maar aan hoe je nivellering definieert. De meeste Nederlanders zijn nog altijd onbekend met het feit dat zij weliswaar relatief veel belasting betalen, maar dat ons land tegelijkertijd een zeer gunstig belastingklimaat heeft voor internationale bedrijven. Voor hen is Nederland een waar belastingparadijs; de eigenaren en aandeelhouders van deze internationale bedrijven zullen nivellering vast niet beschouwen als een “typisch Nederlandse karaktertrek”.’
DE STELLING: ‘Nivelleren is een Nederlandse karaktertrek’
Nieuwste berichten
Gaf een koningsmoordenaar opdracht voor het Tapijt van Bayeux?
Op het Tapijt van Bayeux speelt graaf Eustatius van Boulogne een heldenrol. Maar volgens de kronieken was hij een lafaard – of erger. Liet hij het borduurwerk maken om zijn naam te zuiveren? In het British Museum wordt momenteel het Tapijt van Bayeux tentoongesteld. Het is een van de belangrijkste bronnen over de Slag bij...
De Pacificatie van Gent was een verdeelde vrede
De Pacificatie van Gent wordt wel gezien als een eerste onafhankelijkheidsverklaring van de Nederlanden. Katholieken en protestanten, steden en adel verenigden zich om de muitende soldaten van het Habsburgse leger het land uit te krijgen. Maar waren de ondertekenaars wel zo eensgezind? Op 8 november 1576 schalden de trompetten over de Botermarkt in Gent. Een...
De Tweede Wereldoorlog transformeerde Azië
Voor Aziaten was de Tweede Wereldoorlog misschien wel ingrijpender dan voor Europeanen, bewijst sinoloog Hans van de Ven. Al langer klinkt er kritiek op onze nogal eurocentrische blik op de Tweede Wereldoorlog. De oorlog in China die in 1937 al begon, de hongersnoden in Bengalen en op Java en militaire operaties zoals het Japanse offensief...
Geschiedenisonderwijs dreigt staatsopvoeding te worden
Geschiedenislessen in de bovenbouw van het middelbaar onderwijs zullen vanaf 2030 zijn gericht op het opvoeden van leerlingen tot goede burgers met bepaalde gewenste opvattingen. Dat wil tenminste de commissie die de concept-examenprogramma’s heeft opgesteld in opdracht van het ministerie van OCW. Het vak geschiedenis dreigt hiermee te verworden tot staatspedagogiek. De concept-examenprogramma’s voor het...