• Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    dinsdag 8 september 2020

    ‘De NAVO mist een supermacht die de kemphanen uit elkaar houdt’

    De lange strijd tussen Turkije en Griekenland

    Door: Teun Willemse

    Met spierballenvertoon en dreigende oorlogstaal ruziën Turkije en Griekenland over economische grenzen in de Middellandse Zee. Historicus Erik-Jan Zürcher en Clingendael-onderzoeker Ko Colijn duiden de historische wortels van het conflict. ‘Het wegvallen van de Verenigde Staten als beschermheer heeft de bezweringsrol van de NAVO ernstig aangetast.’

    ‘Dit is met vuur spelen,’ waarschuwde de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Heiko Maas in augustus. Griekenland en Turkije proberen hun territoriale claims op olie- en gasrijke gebieden in de Middellandse Zee kracht bij te zetten met marineoefeningen in het gebied. Inmiddels bemoeien ook Frankrijk, Italië en Rusland zich met het conflict tussen de NAVO-lidstaten. Er dreigt een serieuze escalatie tussen Turkije en Griekenland, twee landen die volgens hoogleraar Turkish Studies Erik-Jan Zürcher al een eeuw met elkaar in de clinch liggen.

    Hoe liggen de historische verhoudingen tussen Griekenland en Turkije?
    ‘De ontstaansgeschiedenis van Turkije is direct verbonden aan de Grieks-Turkse oorlog na de Eerste Wereldoorlog. Na de Vrede van Lausanne in 1923 werden de minderheden in beide landen het slachtoffer van een gedwongen bevolkingsuitwisseling. Grieks-orthodoxe christenen uit Turkije moesten naar Griekenland verhuizen en moslims in Griekenland maakten de omgekeerde reis. In de Griekse geschiedenis staat die traumatische oorlogservaring nog steeds bekend als ‘de catastrofe’, terwijl Turkije het zich als een totale overwinning herinnert.’

    ‘In de jaren dertig en veertig worden de verhoudingen tussen beide landen geleidelijk beter, totdat in de jaren vijftig het Cyprusprobleem ontstaat. De onafhankelijkheidswens van die Britse kolonie voelt voor Turkije als een grote bedreiging. Ankara vreest niet alleen voor de Turkse minderheid op het eiland, maar een eventuele aansluiting van de Cyprioten bij Griekenland roept ook het angstbeeld van een Griekse omsingeling op. Het voortslepende conflict zorgt voor veel frictie tussen beide landen. Zo worden in 1955 in Istanbul pogroms gehouden tegen de Griekse bevolking, waarbij woedende volksmenigten duizenden Griekse huizen, winkels en kerken vernielen’.

    ‘In 1960 wordt een overeenkomst gesloten waarin de rechten van de Turkse minderheid op Cyprus worden vastgelegd, maar na een staatsgreep van Cyprioten die zich willen aansluiten bij Griekenland valt Turkije het eiland in 1974 binnen. De Turken zijn daarna niet meer weggegaan. De ruzie om Cyprus laait steeds opnieuw op omdat het in de publieke opinie van beide landen zeer gevoelig ligt. De solidariteit met de Cypriotische bevolking is in beide landen erg groot’.

    Hoe hangt dit samen met het huidige conflict over maritieme grenzen?
    ‘Cyprus, dat door Turkije niet wordt erkend, heeft zelfstandig over zeerechten onderhandeld. Daardoor zijn het Cyprusprobleem en het huidige economische conflict door elkaar heen gaan lopen’.

    ‘Achter de huidige spanningen gaat bovendien nog een andere geschiedenis schuil. Bij de vredesregeling in 1923 werden de eilanden voor de Turkse kust, zoals Rhodos, Lesbos en Kos, Grieks grondgebied. Dat leek destijds een goede regeling, omdat de exploitatie van de zeebodem nog geen rol speelde. Inmiddels is dat wel het geval en stelt Griekenland dat al deze eilanden recht hebben op delen van het continentaal plat. Turkije heeft met die claims het gevoel omsingeld te zijn en geen toegang te hebben tot de Middellandse Zeebodem’.

    Waarom lopen de spanningen juist op dit moment op?
    ‘De kwestie over maritieme grenzen speelt al twee jaar in Turkije. Een groep ex-marineofficieren heeft daar het debat aangezwengeld over het ‘blauwe vaderland’. Zij stellen dat de territoriale wateren net zo goed bij het Turkse vaderland horen als de landgrenzen. President Recep Tayyip Erdogan heeft deze doctrine inmiddels omarmd’.

    Clingendael-onderzoeker Ko Colijn ziet nog een andere oorzaak voor het conflict op de Middellandse Zee. ‘De spanningen lopen op omdat beide landen strijdige claims op olie- en gasrijke gebieden in de Middellandse Zee hebben en er op dit moment geen supermacht is die de kemphanen uit elkaar houdt. Vanaf de jaren vijftig waren dat de Verenigde Staten, maar die stellen zich nu passiever op.’

    Wat betekent het voor de NAVO dat twee lidstaten de wapens op elkaar richten?
    Colijn: ‘Het is altijd het belangrijkste doel van de NAVO geweest om de Russische dreiging het hoofd te bieden. Toch werd het NAVO-verdrag, waarin staat dat lidstaten elkaar helpen als de nood aan de man is, ook altijd beschouwd als een bezwering tegen onderlinge ruzies als dit. Daarvoor was een harde bemiddelingsrol van de beschermheer, de Verenigde Staten, noodzakelijk. Nu die beschermheer is weggevallen is die bezweringsrol van de NAVO ernstig aangetast.’

    ‘Andere landen proberen de rol van beschermheer over te nemen, maar hebben te veel belangen in het conflict om in de ogen van de Turken én de Grieken onpartijdig en geloofwaardig te zijn. Duitsland is nog het best uitgerust om te bemiddelen, omdat het rijkste en machtigste land van de EU geen directe belangen in de regio heeft. De EU durft echter geen vuist te maken tegen Erdogan, omdat hij dreigt de poorten naar Europa open te zetten voor vluchtelingen’.

    De Duitsers willen bemiddelen, maar ook de Fransen roeren zich in het Middellandse Zeegebied.
    Zürcher: ‘De Frans-Turkse verhoudingen zijn zeer slecht door hun onenigheid over de Libische burgeroorlog. Frankrijk is duidelijk bezig een positie in het oostelijke Middellandse Zeegebied op te bouwen nu daar door de passiviteit van de Verenigde Staten een vacüum is ontstaan. Het feit dat president Emmanuel Macron al twee keer naar Beiroet is geweest na de catastrofale ontploffing is dan ook geen toeval’.

    Is Erdogan bereid om nog meer risico’s te nemen in dit conflict?
    Colijn: ‘Zolang de Verenigde Staten hem alle ruimte geven, en de EU verdeeld blijft, kan Erdogan zich ‘riskant’ gedragen. Hij voelt zich gesterkt door zijn vluchtelingentroef, maar die zal hij niet snel trekken omdat de EU-miljarden die Turkije krijgt hem dierbaar zijn’.

    Zürcher: ‘Hevig wapengekletter is acceptabel voor Erdogan. In zijn ogen dreigt Turkije omsingeld te raken, dus probeert de president met oorlogstaal te forceren dat er naar hem geluisterd wordt. Het lijkt op de tactiek die Turkije ook in Syrië en Irak toepaste: militair optreden om een plek aan de onderhandelingstafel te forceren’.

    ‘Ze moeten de taal van de diplomatie begrijpen, óf ze zullen de pijnlijke gevolgen ondervinden’, zegt Erdogan. Wordt het oorlog of blijft het bij oorlogstaal?
    Colijn: De geschiedenis ziende, maar ook het wegvallen van Amerika in ogenschouw nemend, denk ik dat dit bij oorlogstaal blijft. Geen enkele lidstaat heeft belang bij een conflict binnen de NAVO. Tot aan de Amerikaanse verkiezingen heeft iedereen er belang bij het kruit droog te houden.

    Zürcher: ‘De tactiek die Erdogan hanteert moet er vooral voor zorgen dat andere landen niet meer om Turkije heen kunnen. De oorlogstaal fungeert als breekijzer, maar dat wil niet zeggen dat het niet mis kan gaan.’

    Teun Willemse is redacteur bij Historisch Nieuwsblad.