Home COLUMN: Martin Sommer

COLUMN: Martin Sommer

  • Gepubliceerd op: 24 sep 2013
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Martin Sommer

Wie wil weten hoe vergane glorie eruitziet, moet Seven Pillars of Wisdom van T.E. Lawrence nog eens ter hand nemen. Een heerlijk jongensboek, over de Britse hulp bij de Arabische opstand tegen het Ottomaanse Rijk in de Eerste Wereldoorlog. De auteur gaf het zelf in 1926 uit. En terwijl Lawrence zich in de jaren daarna steeds meer geneerde omdat hij almaar in Arabische klederdracht had rondgelopen, werd zijn boek eindeloos herdrukt en vervolgens verfilmd, met sir Alec Guinness in de hoofdrol. Ondertitel: A Triumph.


Ik was er juist in aan het lezen, toen de huidige Britse premier David Cameron scherp werd ondervraagd, nadat het Lagerhuis een strafexpeditie tegen Syrië had weggestemd. Dat was allesbehalve een triomf, meer een belediging voor de Britse beschaving. Daarbovenop noemde de Russische president Poetin tijdens de G20 Groot-Brittannië ‘een klein eiland’. Dat was onverdraaglijk, en premier Cameron voelde zich genoodzaakt om te antwoorden dat ‘Groot-Brittannië misschien een klein eiland is, maar ik daag iedereen uit een land te vinden met een grotere geschiedenis, een groter hart en een sterkere wil’.

Je voelde de boosheid en de frustratie, omdat de Britten er ditmaal in Syrië niet bij zijn. De Amerikaanse minister Kerry bestempelde nota bene de Fransen tot ‘oudste bondgenoot’ van de Verenigde Staten, omdat president Hollande wél op expeditie wilde tegen roverhoofdman Assad. Nee, van Brittannia rules the waves is dezer dagen geen sprake. Wat een verschil met de tijd van Lawrence, niet eens honderd jaar geleden.

In 1915 hadden de Turken zich met Duitsland verbonden en wilden om die reden een heilige oorlog ontketenen tegen de geallieerden. Dat viel ze niet mee. Lawrence zat met een plukje Engelse officieren samen te zweren in Caïro, vanuit Brits koloniaal perspectief voornamelijk de hoofdstad van de kamelenhandel.

Zo ver het oog reikte, maakten de Britten de dienst uit. Lawrence’ hoogste baas was lord Kitchener. Die had eind negentiende eeuw Sudan heroverd op de legers van de islamitische verlosser de mahdi, en heette om die reden lord Kitchener of Khartoum. De Turken dacht men eenvoudig te verslaan door een expeditieleger vanuit Brits-India te sturen.

Dat laatste liep spaak, en toen kwam Lawrence of Arabia in beeld. Geen slap gedoe over humanitair ingrijpen zoals tegenwoordig. ‘Blood was always on our hands; we were licenced to it.’ De Arabieren moesten niets van de Turkse overheersing hebben. Temeer niet omdat de Turken de enige spoorlijn naar Mekka hadden geblokkeerd en de heilige stad ook in die tijd al leefde van het toerisme.

Van lord Kitchener mocht Lawrence een pact sluiten met zijn Arabische vrienden, een gehard nomadenvolk in een onafzienbare woestijn, ook toen al recht in de islamitische leer. Zij wilden het kromzwaard opnemen tegen de Turkse overheerser. Lawrence trok ‘als etnograaf’ een djellaba aan, verbond zich met de Arabische leiders, en de rest is romantiek, film en geschiedenis.

Nauwelijks een eeuw later heeft de Europese Unie net een zeperd gehaald in Caïro, onder aanvoering van de Britse mevrouw Ashton. De beleefde vraag was of de Egyptische generaals weer plaats wilden maken voor een democratisch regime. Opperbevelhebber Al Sisi – nog wel gestudeerd aan de militaire academie van Sandhurst – lachte erom. Hij wordt gesponsord door de eertijdse woestijnbewoners van Saudi-Arabië, die voor de Egyptische sympathie het tienvoudige bieden van wat de VS op tafel kunnen leggen. Respect voor de Britten, laat staan voor Europa, is zeer ver te zoeken.

Daarna kwam het verloren Lagerhuisdebat over Syrië – volgens kenners even vernederend als de gedwongen terugtrekking uit Suez van 1956. En vervolgens Poetin met zijn ‘kleine eiland’. Geen wonder dat Cameron meende dat hij moest uitpakken over de Britse bijdrage bij de bevrijding van het fascisme, en over Britse uitblinkers in zowat alle takken van sport, inclusief filosofie, kunsten en wetenschappen.

Maar zijn werkelijke gedachten werden verwoord door partijgenoot en Lagerhuislid Henry Smith, die op Twitter oordeelde dat de Russische president ‘een rukker’ is. Beter bewijs van de teloorgang van de Britse beschaving is er niet.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Man draagt een hoofd in een kruiwagen, fotoshop negentiende eeuw
Man draagt een hoofd in een kruiwagen, fotoshop negentiende eeuw
Interview

‘Trucage met foto’s was vermaak, geen manipulatie’

Het internet raakt door AI overspoeld met nepbeelden, maar de fototentoonstelling FAKE! in het Rijksmuseum laat zien dat fotomanipulatie zo oud is als de fotografie zelf. Zo komen er in de collectie beelden van vliegende auto’s en personen met absurd grote hoofden voorbij. Volgens curator en conservator Hans Rooseboom is er wel iets veranderd sinds...

Lees meer
Nederlandse SS-bewaakster
Nederlandse SS-bewaakster
Recensie

Nederlands personeel in concentratiekampen zag zichzelf als slachtoffer

De Nederlandse mannen en vrouwen die in de concentratiekampen werkten hadden dikwijls een problematische achtergrond. Toch waren de meesten geen gestoorde monsters, toont Hans de Vries.  In Amor fati (1946) schrijft Abel Herzberg over wat hij heeft gezien in Bergen-Belsen, het concentratiekamp waar hij met zijn vrouw gevangenzat. Een van de essays gaat over ‘blonde Irmy’, een SS-Aufseherin die door de gevangenen ‘de griet’ wordt genoemd. Een niet al...

Lees meer
Drie regenten van het Leprozenhuis
Drie regenten van het Leprozenhuis
Kopstuk

Door het vetorecht kon één dwarsliggende stad de hele Republiek lamleggen

Hongarije blokkeert EU-hulp aan Oekraïne door zijn veto uit te spreken. De overige lidstaten moeten daardoor op zoek naar een geitenpaadje om hun miljarden toch bij Zelenski te krijgen. In de achttiende eeuw zorgde het vetorecht in de Republiek ook voor bestuurlijke chaos. Begin achttiende eeuw gold in de Republiek op ieder politiek niveau –...

Lees meer
Maaltijd der vrienden (1935) door Charley Toorop
Maaltijd der vrienden (1935) door Charley Toorop
Recensie

Charley Toorop had succes in het werk, maar pech in de liefde

Charley Toorop kreeg volop erkenning als kunstenaar, maar in haar privéleven was het tobben. Zo blijkt uit de biografie door Wessel Krul.  De portretten van Charley Toorop (1891-1955) zijn meteen herkenbaar: de afgebeelde personen hebben gebeitelde koppen, grote ogen en iets gekwelds. Er zit een onderstroom van agressie in. Toen Toorop begin twintigste eeuw begon te exposeren veroorzaakte haar werk opschudding. Critici vonden het ‘mannelijk’, maar...

Lees meer
Loginmenu afsluiten