• Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Historisch Nieuwsblad 7/2015

    BOEKEN: Paul Luykx – Heraut van de katholieke herleving. Gerard Brom 1882-1959

    Geleerd, maar een belabberde stilist

    Door: Hans Renders

    Was Gerard Brom met al zijn functies en activiteiten als hoogleraar kunstgeschiedenis en Nederlandse letterkunde ook een groot geleerde? Het antwoord op die vraag raakt wat ondergesneeuwd in de duizend pagina’s dikke biografie van deze emancipator van het katholieke openbare leven, geschreven door de Nijmeegse historicus Paul Luykx.

    Broms familie was welvarend, omdat zijn vader als edelsmid profiteerde van de hausse aan nieuwe kerkgebouwen die na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853 gebouwd werden. Daardoor ontstond een grote vraag naar kelken, monstransen, kandelaars en wierookvaten.

    Brom promoveerde in 1907 op Vondels bekering, vele jaren later omgewerkt tot het meer populaire boek Vondels geloof. Hiermee is hij al aardig getypeerd. Hij studeerde Nederlands, had een buitensporige interesse voor de geloofskant van het geestelijk leven, begon daarom in 1916 het tijdschrift De Beiaard en was ook op tal van andere manieren een onuitputtelijk propagandist van het katholicisme. Zelfs Hendrik Moller, eveneens katholiek voorvechter en neerlandicus, vond dat zijn collega in zijn wetenschappelijk werk niet presenteerde wat onderzoek had opgeleverd, maar opschreef ‘wat je vinden wilt’. Toch werd Brom in 1923 hoogleraar kunstgeschiedenis aan de mede door hem opgerichte Katholieke Universiteit Nijmegen, waar hij vervolgens van 1945 tot 1952 hoogleraar Nederlandse letterkunde was.

    Als onderdeel van zijn verkondigingswerk publiceerde Brom biografieën van de katholieke emancipators Cornelis Broere, Alberdingk Thijm, Alfons Ariëns en Herman Schaepman, alsmede een dik en door de kritiek neergesabeld boek over Multatuli. Hij schreef voor tal van katholieke tijdschriften en reisde als een missionaris door Nederland en België om zijn geloofsgenoten een hart onder de riem te steken met een lezing of een gedicht. Maar ook was hij een fanatieke drankbestrijder. En dat laatste botste nogal eens met zijn roomse omgeving. Zoals met zijn opvolger als hoogleraar, die net als hij een groot voorvechter van het katholieke leven was, en vermaard drinker bovendien: Anton van Duinkerken – door Brom een dienaar van het ‘drankkapitaal’ genoemd.

    Luykx schrijft dat Brom een bevlogen katholiek was, zeer geleerd, maar tegelijkertijd een belabberde stilist. Dat laatste wordt in wat meer omslachtige formuleringen gezegd, bijvoorbeeld als de biograaf spreekt over Broms boek Barok en Romantiek. Brom had de gewoonte zijn redeneringen te illustreren met vele voorbeelden, verwijzingen en toespelingen die door ‘be- en veroordelende opmerkingen en suggesties met elkaar werden verbonden. Althans, in Broms hoofd moeten die verbanden helder zijn geweest. Voor de ontvangers van de boodschap was dat helaas niet steeds zo.’ Dat is al een dodelijke opmerking over Broms schrijfwijze.
        
    De Vlaamse letterkundige Jules Persijn wordt door Luyks instemmend geciteerd waar die nuchter vaststelt dat Brom ongeschikt was voor de kunst en ongeschikt voor de wetenschap, omdat hij alles beleeft ‘in zijn eigen propaganderende zending’. Dat zal ook de reden zijn dat hij uiteindelijk een intolerante propagandist was die ongeloof bijna als een ziekte beschouwde en als hoogleraar in de letterkunde Anna Blamans roman Eenzaam avontuur, waarin een lesbische relatie wordt beschreven, een ‘voos epigonenproduct’ noemde.
        
    Luykx heeft leven en werk van Brom nauwkeurig in kaart gebracht. Wat mij betreft iets te nauwkeurig. De vele kwesties over hoogleraarsbenoemingen, de uitgesponnen machinaties die daarbij altijd een rol spelen en andere universiteitsperikelen hadden wel wat korter afgedaan kunnen worden. De biograaf realiseert zich ook dat Brom in feite niets heeft nagelaten: na zijn dood viel er een diepe stilte.
        
    De waarde van deze biografie is dat we nu zeker weten dat we al die boeken van Brom niet te hoeven lezen. Hij was uiteindelijk een profeet van een christelijke heilsverwachting waar in elk geval de wetenschap niet mee gediend is. Hoewel uw bespreker wel nieuwsgierig is geworden naar Broms enige roman Het hoofd van Johannes. Net als Johannes de Doper voelde Brom zich als wegbereider van Christus een roepende in de woestijn.
     
    Hans Renders is directeur van het Biografie Instituut (RUG) en bespreekt elke maand een recent verschenen biografie.

    Heraut van de katholieke herleving
    Gerard Brom 1882-1959

    Paul Luykx
    1006 p. Vantilt,
    € 39,95