Home BOEKEN: Mathew Brady en The Battle Hymn of the Republic

BOEKEN: Mathew Brady en The Battle Hymn of the Republic

Jaap Verheul

Historicus en Amerikanist

Gepubliceerd op: 16 december 2013

Update 7 april 2020

Het beeld dat we van de Verenigde Staten in de negentiende eeuw hebben is voor een groot deel bepaald door één man: de fotograaf Mathew Brady. In zijn fotostudio werden alle beroemdheden van zijn tijd vereeuwigd. Hij maakte de beroemde campagnefoto van Abraham Lincoln, een statig maar tegelijk ingetogen en menselijk portret van de presidentskandidaat, ingekaderd door een classicistische zuil en een stapel boeken waarop zijn linkerhand rust. Lincoln was ervan overtuigd dat juist deze foto, die stabiliteit en eruditie suggereerde, hem het presidentschap had opgeleverd.


Ironisch genoeg was er weinig bekend over de man die de natie zo gedetailleerd in beeld bracht. We vingen tot nu toe slechts een glimp op van Brady als hij zelf voor zijn eigen foto’s poseerde, maar verder liet hij nauwelijks sporen achter voor het nageslacht. De prachtige biografie door journalist Robert Wilson vult de leemte op twee manieren.

Allereerst heeft hij een indrukwekkende hoeveelheid archiefmateriaal gemobiliseerd. Maar minstens zo fascinerend zijn de contouren die hij rond de fotograaf trekt door zijn omgeving en vele medewerkers en leerlingen – die meestal uitgroeiden tot concurrenten – in beeld te brengen. Zo ontstaat een boeiend groepsportret, dat ook een verslag is van een technologische revolutie en de opkomst van het nieuwe medium van de fotojournalistiek.

Wilson laat zien hoe de Ierse immigrantenzoon Brady, die aanvankelijk in de leer was als portretschilder, geboeid raakte door de revolutionaire fotografische techniek van de daguerreotype. Al in 1844 opende hij een eigen portretstudio aan Broadway, midden in het hart van New York. De niet alleen artistiek, maar vooral ook sociaal begaafde fotograaf slaagde erin Amerikanen van naam en faam naar zijn studio te lokken en hun portretten in zijn galerie tentoon te stellen om aandacht en nieuwe klandizie te trekken.

Vanuit de drukke straat werden de klanten eerst naar de galerie geleid, die met gedempt licht, dure tapijten en behang van goud en satijn was ingericht als een koninklijke ontvangstruimte. Aan de wanden zagen ze de door een kroonluchter uitgelichte portretten van de vele illustere Amerikanen die hun waren voorgegaan.

Daarna stegen ze op naar de hoger gelegen etage, die met een speciaal aangebracht dakraam was voorzien van het juiste licht, om daar door de vele medewerkers van Brady te worden vereeuwigd. Razendsnel werden de afbeeldingen afgewerkt en naar keuze ingekleurd en ingelijst of in fraaie cassettes meegegeven.

Brady, die tot kort voor zijn dood in 1896 actief bleef, fotografeerde niet alleen alle presidenten zijn tijd, van John Quincy Adams tot William McKinley, maar ook de belangrijkste politici, officieren, ambtsdragers en predikanten, en schrijvers als Nathaniel Hawthorne en Mark Twain. Door de techniek van negatieven op glasplaat konden onbeperkt afdrukken worden gemaakt, die bijvoorbeeld als carte de visite werden uitgedeeld. Een portret door ‘Brady of Broadway’ werd een bewijs van maatschappelijke macht en sociaal aanzien.

Maar naast portrettist van de natie werd Brady ook de eerste oorlogsfotograaf. Zijn team van fotografen legde tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog de vele helden, slagvelden en gruwelijkheden van de strijd vast op de glasplaat. Deze foto’s zorgden er voor het eerst voor dat ook de burgerbevolking betrokken werd bij het oorlogsverloop.

In oktober 1862 opende Brady in zijn galerie een tentoonstelling met foto’s van het slagveld bij Antietam, later gevolgd door andere strijdtonelen, waaronder Gettysburg. Het effect, stelt Wilson, was vergelijkbaar met dat van de latere mediaverslaglegging in de Tweede Wereldoorlog, Vietnam en de Golfoorlog. De tienduizend negatieven die nu in de National Archives worden bewaard vormen nog steeds een fascinerend historisch document voor de bestudering van de bloedigste oorlog uit de Amerikaanse geschiedenis.

Indrukwekkend was de laatste foto die Brady van de oorlog maakte: een portret van de Zuidelijke aanvoerder generaal Lee die na terugkeer van de oorlog in burgerkleren voor zijn voordeur poseert, met zijn hoed in de rechterhand en de berustende, maar verbeten blik op de camera gericht.

De Burgeroorlog liet niet alleen een visuele erfenis na, maar ook het informele volkslied van de Verenigde Staten, de Battle Hymn of the Republic. De aan Harvard verbonden John Sauffer en Benjamin Soskis van George Mason University hebben de ingewikkelde, maar boeiende cultuurgeschiedenis van deze patriottische hymne vastgelegd.

Noordelijke soldaten in Boston zongen in 1861 voor het eerst op de melodie van een religieuze opwekkingshymne over de nagedachtenis van John Brown, de fanatieke abolitionist die in 1859 tevergeefs probeerde een slavenopstand te ontketenen bij Harper’s Ferry. Brown, die voor zijn daad werd geëxecuteerd, groeide uit tot een Noordelijke martelaar. Door het refrein ‘John Brown’s body lies a mouldering in the grave’ werd de hymne een populair soldatenlied.

Eind 1861 groeide de Battle Hymn door een nieuwe tekst van abolitioniste Julia Ward uit tot het bekendste patriottische lied in de Verenigde Staten. Sauffer en Soskis analyseren de vele complexe betekenissen van tekst en uitvoering. Met verwijzingen naar de coming of the Lord en trompetgeschal heeft het een apocalyptische lading. Naast de vele militaire metaforen van strijd en overwinning bevat het lied echter ook een samenbindende belofte.

De auteurs beschrijven hoe deze tegenstrijdigheden tot uitdrukking komen in de vele manieren waarop het lied, vaak met variaties op de tekst, is gebruikt door vakbonden, burgerrechtenbewegingen, evangelisten en politieke partijen op momenten van dreiging of crisis. Zo werd juist de Battle Hymn na de aanslagen van 9/11 het informele volkslied dat de morele overwinning op de vijanden van de Verenigde Staten bezong.

Met de biografie van Brady toont dit boek hoezeer de complexe nationale identiteit van de Verenigde Staten is verankerd in beeld en geluid.

Mathew Brady. Portraits of a Nation
Robert Wilson

273 p. Bloomsbury, € 22,99

The Battle Hymn of the Republic. A Biography of the Song That Marches On
John Stauffer en Benjamin Soskis

416 p. Oxford University Press, € 26,99

Nieuwste berichten

Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden
Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden
Artikel

Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden

Paus Leo XIV bezoekt komend weekend Frankrijk, een land waarmee het Vaticaan van oudsher een ‘speciale relatie’ heeft. De Franse keizer Napoleon III beschermde van 1848-1870 de toenmalige paus tegen Italiaanse nationalisten die de Kerkelijke Staat wilden inlijven. Die nationalisten waren ondertussen zijn vrienden. Een openluchtmis op de Champs-Élysées, een ‘jongerenwake’ in het Stade de...

Lees meer
De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
Interview

De ‘tanks van de Middeleeuwen’ werden ingehaald door nieuwe wapens

Tijdens een militaire oefening schakelden Oekraïense drones deze zomer met gemak Amerikaanse pantserdivisies uit. Ook aan het Oekraïense front geven de onbemande vliegtuigjes gewone soldaten een fighting chance tegen Russische tanks. Conservator Casper van Dijk van het Nationaal Militair Museum ziet parallellen met de opkomst van vuurwapens. ‘Edellieden met dure harnassen, de tanks van de...

Lees meer
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Onderzoek

Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald

Enkel de waarheid zou als winnaar uit de strijd mogen komen. Met die ambitie begon het Joegoslaviëtribunaal (ICTV) in 1993 aan zijn taak. Maar het is er niet in geslaagd de historische waarheid over de Joegoslaviëoorlogen eenduidig te schetsen. Dat concludeert historicus en journalist Petar Finci in zijn proefschrift, dat hij op 23 september verdedigde...

Lees meer
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Artikel

Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken

Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog entten witte artsen zwarte mensen in met het pokkenvirus, om nieuwe entstof te kweken voor de soldaten aan het front. Vaak gebruikten zij vrouwen en kinderen in slavernij. Die hadden zelf geen enkele keuze en moesten de risicovolle behandeling gedwongen ondergaan. De oorlog tussen de noordelijke en de zuidelijke staten van...

Lees meer
Loginmenu afsluiten