Home Boeken: Geraldien von Frijtag Drabbe Künzel – Hitler’s broedervolk

Boeken: Geraldien von Frijtag Drabbe Künzel – Hitler’s broedervolk

  • Gepubliceerd op: 21 mrt 2016
  • Update 13 okt 2022
  • Auteur:
    Bas Kromhout
Boeken: Geraldien von Frijtag Drabbe Künzel – Hitler’s broedervolk

Tussen de vijf- en zesduizend Nederlanders trokken tijdens de Tweede Wereldoorlog als kolonisten naar de door de Duitsers bezette Baltische landen, Wit-Rusland en Oekraïne. Boeren, vissers, bouwvakkers, secretaresses, ambachtslieden, ondernemers: allemaal hoopten ze een graantje mee te pikken van de verovering. De nazi’s op hun beurt wilden het veroverde gebied germaniseren en konden de ‘bloedverwante’ Nederlanders hierbij goed gebruiken.

In Hitlers broedervolk plaatst Geraldien von Frijtag Drabbe Künzel de Nederlandse bijdrage aan de Ostkolonisation in een breder historisch verband. Al vóór 1940 maakte de overheid zich zorgen over overbevolking en gebrek aan landbouwgrond. Nederlandse instanties waren daarom bereid mee te werken aan de kolonisatieplannen van de Duitse bezetter. Pas toen de ervaringen met de eerste groep uitgezonden boeren tegenvielen, bekoelde het enthousiasme. Sommige collaborateurs zouden na de oorlog weer een rol spelen in het Nederlandse emigratiebeleid.
 

Nederlandse Oost-Compagnie

Intussen waren de Duitsers aangewezen op de NSB. In 1942 stichtte Meinoud Rost van Tonningen de Nederlandse Oost-Compagnie (NOC), die de uitzendingen voortaan coördineerde. De naam verwees rechtstreeks naar de VOC. Volgens Rost noopte de Japanse bezetting van Nederlands-Indië het moederland om zijn koloniale aspiraties te verleggen. Rost, zelf geboren in Soerabaja, adviseerde de Duitsers om in ‘Oostland’ eventuele nationalistische bewegingen ‘mit brutalen Mitteln’ de kop in te drukken.

De Nederlandse kolonisten kwamen in een gebied waar kort tevoren genocide was gepleegd. Sommigen maakten gebruik van Joodse dwangarbeiders, zoals in een veenderij bij het Litouwse plaatsje Baltoji Voke. Zo’n 125 gezinnen woonden er in primitieve barakken en moesten met handen en schoppen plaggen uit het veen halen.

Hoewel de Nederlanders in Oost-Europa – meestal leden van de NSB – ‘dikwijls meer betrokken waren dan toeschouwers’, noemt Von Frijtag hen ‘geen daders’ van de Holocaust. Ook beseften zij van tevoren onvoldoende welke gruwelen in het vestigingsgebied hadden plaatsgevonden.
 

Als het waar is wat Von Frijtag schrijft, werpt ze nieuw licht op de vraag wat de Nederlandse bevolking wist van de Holocaust

Hier spreekt de auteur zichzelf enigszins tegen, want elders stelt zij dat in de NSB-kranten brieven van oostfrontvrijwilligers stonden die ‘vrij openlijk’ schreven over ‘de vreselijke mishandelingen waaraan zij Joden onderwierpen’. Als dit waar is, dan werpt dit nieuw licht op de vraag wat de Nederlandse bevolking wist van de Holocaust. De bronnen waarnaar Von Frijtag in een voetnoot verwijst, leveren echter geen bewijs voor haar stelling. Een kleine smet op een lezenswaardig boek.
 
Hitlers broedervolk. De Nederlandse bijdrage aan de kolonisatiepolitiek van de nazi’s in Oost-Europa
Geraldien von Frijtag Drabbe Künzel
344 p Bert Bakker, € 29,95

Bas Kromhout is historicus en journalist.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 4 - 2016

Nieuwste berichten

Scène gefilmd van A Bridge Too Far in Deventer
Scène gefilmd van A Bridge Too Far in Deventer
Interview

Oorlogsfilm A Bridge Too Far zette Deventer op de kaart

In 1976 werd Deventer, een ‘slaperig’ provinciestadje aan de IJssel, onderdeel van een internationaal filmavontuur. Er werden opnames gemaakt voor de blockbuster A Bridge Too Far, over Operation Market Garden en de Slag om Arnhem in 1944. Opeens liepen wereldberoemde filmsterren als Sean Connery, Michael Cain en Robert Redford door de straten. Journalist René van...

Lees meer
Een begrafenis in het dorp. Schilderij door Frank Holl, 1872.
Een begrafenis in het dorp. Schilderij door Frank Holl, 1872.
Artikel

Sterven werd lang doodgezwegen, maar nu wordt er over de dood gepraat

Tot na de Tweede Wereldoorlog was er weinig openheid over de dood. Begrafenissen waren plechtige bijeenkomsten vol vaste rituelen. Hoe anders is dat tegenwoordig. Terminale patiënten beslissen mee over hun behandeling en kunnen kiezen voor een alternatieve uitvaart. ‘Dat je dit allemaal nog wilt,’ zei ik tegen mijn man. ‘Ach,’ antwoordde Pieter, ‘doodgaan is ook...

Lees meer
Filmposter L'Engloutie
Filmposter L'Engloutie
Recensie

L’engloutie: een zondebok in een Alpengehucht

Idealisme botst hard op de werkelijkheid in het Franse speelfilmdebuut L’engloutie (‘De verzwolgene’). Het drama speelt in 1899 in een gehuchtje in de Franse Alpen. Een nieuwe lerares wordt door de bewoners bepaald niet met open armen ontvangen. Ze wantrouwen onderwijs. De lerares houdt hun voor dat lezen en schrijven goed zijn voor de geest....

Lees meer
Koen Ottenheym
Koen Ottenheym
Interview

‘Machthebbers schepten op over hun Romeinse verleden’

Reizend langs de limes, de grenzen van het Romeinse Rijk, onderzocht hoogleraar Koen Ottenheym de hernieuwde belangstelling voor de antieke geschiedenis vanaf de vijftiende eeuw. Die ging gepaard met misvattingen en manipulatie, zo beschrijft hij in De limes als legende. ‘In elke regio, in elke tijd werd werd de Oudheid voor een andere agenda gebruikt.’...

Lees meer
Loginmenu afsluiten