Home Annegreet van Bergen over de wasmachine

Annegreet van Bergen over de wasmachine

  • Gepubliceerd op: 25 nov 2015
  • Update 12 apr 2023
  • Auteur:
    Annegreet van Bergen
Annegreet van Bergen over de wasmachine

Huisvrouwen waren vroeger dagen bezig met de was. De komst van de wasmachine verlichtte hun werk enorm. Daarom kunnen de uitvinders ervan niet genoeg worden geprezen, vindt Annegreet van Bergen.

Ergens in Nederland – ik zit te denken aan een plantsoen met bejaardenhuisjes uit de jaren zestig – zou een standbeeld moeten komen voor de wasmachine. Een in brons gegoten wasautomaat met daaronder de Wilhelmus-achtige tekst ‘de tirannie verdrijven die mij mijn hart doorwondt’. Geen enkel ander elektrisch apparaat heeft huisvrouwen méér tijd gegeven dan de wasautomaat. Het is de moeder aller huishoudelijke apparaten.

Welgestelde lieden hadden in de jaren vijftig het geluk dat ze de was de deur uit konden doen naar een wasserij (die dikwijls Edelweiss heette). Maar in de meeste huishoudens stond het leven destijds één of twee dagen per week in het teken van de was; er waren zelfs gezinnen waar de vaders op maandagmorgen vrij namen om hun vrouw te helpen. De was doen was een tijdrovend en zwaar karwei.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

En dan heb ik het niet eens over vrouwen die de was op wasborden schoonboenden; dat was helemaal gekkenwerk. Ook de eerste elektrische wasmachines, de zogenoemde ‘langzaamwassers’ of ‘bovenladers’, vroegen een flinke krachtsinspanning. Doordat ingebouwde verwarming ontbrak, moesten huisvrouwen het waswater eerst in een ketel op het fornuis verwarmen en daar dan de machine mee vullen. Programmaschakelaars bestonden niet. In plaats daarvan was er een logische, door de kleur van het wasgoed bepaalde volgorde. Als eerste ging de witte was in de machine, gevolgd door de lichtbonte, de bonte en tot slot de donkere was.

Eventueel werden in het allerlaatste waswater ook nog overalls en poetsdoeken gewassen. Daarna werd de machine afgetapt met een slang boven een putje. Zuinige huisvrouwen vingen het water in een emmer op en boenden er de stoep mee.

Wasgoed uit de machine overhevelen naar het spoelwater was eveneens handwerk. Dat gebeurde met lange houten tangen. Na het spoelen moest de was door de wringer. Losse, laat staan ingebouwde centrifuges bestonden nog niet. Desondanks waren die eerste machines schreeuwend duur. In een tijd dat het weekloon 50 tot 90 gulden bedroeg, kostte een Hoover 400 tot 600 gulden.

Soms namen vaders vrij om hun vrouw te helpen met de was

Daarom huurden huisvrouwen, soms samen met de buurvrouw, voor een dagdeel een wasmachine. Verhuurbedrijven zaten overal in Nederland. Sterke mannen brachten de machines en haalden ze ook weer op. Omdat er geen centrifuge en dus ook geen zware stabilisator in zaten, waren de apparaten gelukkig minder zwaar dan de huidige automaten. Maar toch waren het logge bakbeesten. Ze werden op bakfietsen vervoerd en eventueel ook de trap naar een bovenwoning op gesjouwd.

In de Zaanstreek waren Cees en Klaas Molenaar actief. Zij begonnen in 1953 Wastora, een winkel in WAsmachines, STOfzuigers en RAdio’s. Een door een Utrechtse loodgieter ontwikkelde wasmachine, Bico, was hun paradepaardje. Die Bico verkochten ze ook. Met 197,50 gulden was hij betaalbaarder dan de Amerikaanse Hoover.

Cootje (1932) deed altijd de was voor haar moeder, die nogal ziekelijk was. ‘Mijn vader kwam elke week een koffer was brengen. Met een half eigengebakken krentenbrood, dat was mijn loon. Na een paar dagen kon hij de was, keurig gestreken, weer ophalen. Toen er zo’n goedkope Bico kwam, hebben mijn moeder en ik hem samen – op afbetaling – gekocht. Wastora organiseerde onder het motto “Een kind kan de was doen” bij ons in Krommenie in De Sociëteit en in Zaandam in Ons Huis gratis cabaret- en demonstratieavonden.’

De gebroeders Molenaar, later vooral bekend als sponsor van voetbalclub AZ uit Alkmaar, verkochten 2 miljoen van deze Bico’s.

In de loop van de jaren werd de wasautomaat steeds populairder. In een wasautomaat stop je de was, en zonder dat je je handen nat hoeft te maken komt de was er gewassen, gespoeld en gecentrifugeerd weer uit.

Gerda (1949) had er in 1970 ook zo een. Toen de wasmachine van haar schoonmoeder kapot was, kwam die met haar was bij Gerda. ‘Ik deed haar spullen in mijn machine en vervolgens zaten wij gezellig te praten. Je had mijn schoonmoeder moeten zien kijken toen ik twee uur later de schone was uit de machine haalde. Wij hadden niets hoeven doen en toch was hij schoon! Ze geloofde haar ogen niet.’

In 2015 staat in 70 procent van de huishoudens naast de wasautomaat ook een droogautomaat. En nog klagen sommige jonge vrouwen dat ze de was opvouwen zoveel werk vinden. Misschien moeten we serieus werk maken van dat standbeeld voor de wasautomaat en er een nationaal monument van maken, op een prominente plek.

Annegreet van Bergen is econoom en journalist. 

Nieuwste berichten

Ophanging in Canada, 1902
Ophanging in Canada, 1902
Recensie

Wereldgeschiedenis van de doodstraf: ophangen, spietsen en vierendelen

De doodstraf als ultieme vergelding roept veel weerstand op. Toch gaat A.J. van Loon daar in zijn boek Met hangen en wurgen nauwelijks op in. Hij concentreert zich op de gruwelijke methoden.  Dit artikel krijgt u van ons cadeau Wilt u ook toegang tot HN Actueel? Hiermee leest u dagelijks geschiedenisverhalen met een actuele aanleiding op onze website en ontvangt u exclusieve nieuwsbrieven. Abonnee worden,...

Lees meer
Mohammed and paul once upon a time in tangier filmposter
Mohammed and paul once upon a time in tangier filmposter
Recensie

Mohammed & Paul: film over westers wangedrag in Tanger

Tanger was vanaf de jaren vijftig tot in de jaren zeventig een vrijhaven voor een westerse culturele elite. Onder hen veel homo’s, omdat in Tanger homoseksualiteit getolereerd werd. Vrijheid blijheid, maar de documentaire Mohammed & Paul: Once Upon a Time in Tangier laat de keerzijde zien.  De ‘mythe van Tanger’ wordt het wel genoemd: de gedachte dat de Marokkaanse stad een hippieparadijs was, waarin iedereen gelukzalig blowend in het paradijs leefde. Documentairemaker Nordin Lasfar, opgegroeid in Nederland als...

Lees meer
Man draagt een hoofd in een kruiwagen, fotoshop negentiende eeuw
Man draagt een hoofd in een kruiwagen, fotoshop negentiende eeuw
Interview

‘Trucage met foto’s was vermaak, geen manipulatie’

Het internet raakt door AI overspoeld met nepbeelden, maar de fototentoonstelling FAKE! in het Rijksmuseum laat zien dat fotomanipulatie zo oud is als de fotografie zelf. Zo komen er in de collectie beelden van vliegende auto’s en personen met absurd grote hoofden voorbij. Volgens curator en conservator Hans Rooseboom is er wel iets veranderd sinds...

Lees meer
Nederlandse SS-bewaakster
Nederlandse SS-bewaakster
Recensie

Nederlands personeel in concentratiekampen zag zichzelf als slachtoffer

De Nederlandse mannen en vrouwen die in de concentratiekampen werkten hadden dikwijls een problematische achtergrond. Toch waren de meesten geen gestoorde monsters, toont Hans de Vries.  In Amor fati (1946) schrijft Abel Herzberg over wat hij heeft gezien in Bergen-Belsen, het concentratiekamp waar hij met zijn vrouw gevangenzat. Een van de essays gaat over ‘blonde Irmy’, een SS-Aufseherin die door de gevangenen ‘de griet’ wordt genoemd. Een niet al...

Lees meer
Loginmenu afsluiten