Voor particulieren werd het te duur om een timmerman in te hurenMij intrigeert het meest de elektrische boormachine. Die heeft mijn vader ook wel gehad, maar dat was er eentje met een snoer eraan. De latere oplaadbare, snoerloze elektrische boor is aan zijn neus voorbijgegaan. Ook heb ik hem zijn boormachine nooit als schroevendraaier zien gebruiken. Wanneer hij iets wilde vastschroeven, moest hij met kloeke polsbewegingen zijn schroevendraaier ronddraaien. Een enorme inspanning en tijdrovende klus in vergelijking met het rits, rats, roetsj waarmee P. tegenwoordig in no time hele rijen schroeven in of uit het hout draait. Een kleine eeuw geleden, om precies te zijn in 1918, brachten S. Duncan Black en Alonzo G. Decker de eerste elektrische boor op de markt. De twee waren metaalbewerker en werkten in een fabriek waar onderdelen voor telegraaftoestellen werden gemaakt. In 1910 begonnen ze voor zichzelf. Aanvankelijk leidde hun fabriekje in Baltimore een nogal kwakkelend bestaan. Dat veranderde toen Black & Decker boormachines ging maken. Binnen een paar jaar haalde het bedrijf een miljoenenomzet en werden er tot in Europa, Japan en Australië elektrische boren verkocht. Toch heeft het nog lang geduurd voordat elektrisch gereedschap in de Nederlandse bouw gemeengoed was. Gerrit Poelert (1937) was timmerman en later werkvoorbereider. Over zijn eerste timmermansjaren zegt hij: ‘Elektrische apparatuur had in de werkplaats een zeker nut, want daar hingen stopcontacten boven de werkstukken. Maar bij een klant thuis was het veel te veel gedoe om eerst een snoer uit te rollen en een stopcontact te zoeken, en dan een paar gaatjes te boren. Dat deed je net zo gemakkelijk met een handboor.’ Poelerts baas stond in elk geval niet vooraan. Elke tijd heeft zijn nieuwigheden waaraan mensen moeten wennen. Die baas zelf had bijvoorbeeld nog meegemaakt dat timmerlui argwanend stonden tegenover ronde, gladde fabrieksspijkers. Zouden die niet loslaten? Een timmerman vond dat spijkers door een smid gemaakt moesten worden. Dan waren ze vierkant en ruw van de hamerslagen, en boden ze houvast.
Timmerlui vreesden dat de gladde fabrieksspijkers zouden loslaten‘In de jaren vijftig was materiaal duurder dan het uurloon. In die tijd was het dus ook niet erg dat boren met de hand veel tijd kostte,’ verklaart Poelert de aanvankelijke aarzeling van zijn baas om elektrisch gereedschap aan te schaffen. Maar wie geregeld met een elektrische boor had gewerkt, raakte erdoor verwend. Bovendien steeg, met het rijker worden van Nederland, het arbeidsloon van de timmerman gedurig. Dat maakte het voor aannemers steeds interessanter om in arbeidsbesparend materieel te investeren.

