Home BOEKEN: Geschiedenis van de Wadden

BOEKEN: Geschiedenis van de Wadden

Rob Hartmans

Historicus, journalist en vertaler

Gepubliceerd op: 26 november 2013

Update 7 april 2020

‘Onze cultuur lijdt schade, indien de geschiedschrijving voor een wijder publiek in handen raakt van een esthetiserende gevoelshistorie, die uit een literaire behoefte voortkomt, met literaire middelen werkt, en op literaire effecten gericht is.’ Aldus luidt de vrij lange titel van het derde hoofdstuk van het uitvoerige essay De taak der cultuurgeschiedenis, dat Johan Huizinga in 1929 publiceerde.


Hij richtte hierbij zijn pijlen vooral op het in het Interbellum bijzonder populaire genre van de vie romancée, waarbij de auteur niet een ‘gewone’, op zorgvuldige bronnenstudie gebaseerde biografie schreef, maar een literair bedoelde levensbeschrijving. Daarin werd de hoofdpersoon als een romanfiguur ten tonele gevoerd en de lezer getrakteerd op dialogen, waarbij hij zelfs te weten kwam wat de held of heldin op zeker moment dacht.

Huizinga verfoeide dit genre, zoals volgens hem een wijnkenner ‘aangezette’ wijn verafschuwde, omdat dit beide vervalsingen van het ‘echte’ product zouden zijn. Geschiedenis moest van Huizinga – die zelf heel muzikaal en beeldend schreef – niet ‘droog’ zijn, maar wel ‘dry’. Aan geparfumeerde, opgeleukte, overdreven literaire, zuiver op het sentiment werkende geschiedschrijving had hij geen enkele behoefte.

En hierin stond hij niet alleen, aangezien ook neerlandicus en dichter Nico Donkersloot zich in deze jaren keerde tegen de ‘op effect beluste zwendel in historische figuren, de roekeloze psychologische speculatie en de tulpenhandel in levensbijzonderheden’.

Een cultuurpessimist als Huizinga ben ik niet, dus ben ik niet bang dat de ‘geschiedenis’ die Mathijs Deen van de Wadden heeft geschreven onze cultuur in gevaar zal brengen. Maar bij het lezen van dit boek kon ik het gebrom van die oude heren toch niet uit mijn hoofd zetten. Voor de goede orde: ik ontken beslist niet dat Deen zich uitvoerig heeft verdiept in de prehistorie en geschiedenis van het mooiste deel van Nederland, en dat hij met tal van interessante feiten en wetenswaardigheden komt.

Dat Deen zijn best doet om bij de lezer beelden op te roepen van het immer veranderende landschap, de majestueuze wolkenluchten en de zware strijd die de eilandbewoners eeuwenlang tegen de elementen hebben gevoerd, vind ik lovenswaardig. Maar hij doet dit zo overdadig, hij haalt zoveel literaire trucs uit de kast, dat het lijkt of hij denkt dat de lezer achterlijk is en het alleen snapt als het ene tableau vivant na het andere wordt opgevoerd.

Op zich is het knap hoe Deen op basis van schaarse gegevens een beeld tracht te schilderen van het Waddengebied in de Oudheid en Middeleeuwen, maar waarom het nodig is om dit aan te lengen met forse scheuten fantasie, begrijp ik niet goed. Dat hij precies weet wat Plinius de Oudere heeft gedacht toen hij met een Romeinse vloot het gebied bezocht is wat mij betreft al op het randje, maar dat Deen ook exact kan vertellen wat er zich afspeelde in de kop van de laatste oeros, die rond het jaar 600 door een stelletje Friezen met vermolmde jachtspiesen werd afgemaakt, is toch wel heel kras. En hoe weet hij zo zeker dat die spiesen vermolmd waren?

Om misverstanden te voorkomen: ik geloof niet dat dit soort boeken de ondergang van het Avondland dichterbij brengt, en het mag van mij allemaal best. Ook geloof ik onmiddellijk dat er mensen zijn die smullen van zinnen als: ‘Voor eilanders die varen, is de zee een bad vol tij en het weer vooral het humeur van de wind.’

Wat mij naast deze uitdrukkelijk ‘literair’ bedoelde, zwaar geparfumeerde mooischrijverij vooral stoort, is dat Deen de verbeeldingskracht van de lezer onderschat, dat hij denkt dat iemand die best iets wil weten van de geschiedenis van de Wadden per se behoefte heeft aan uitbundige letterkundige versiering, dat hij met zijn eigen overdadige fantasie tussen de lezer en het onderwerp in gaat staan. Maar goed, het zou zomaar eens een bestseller kunnen worden.


De Wadden. Een geschiedenis
Mathijs Deen

334 p. Thomas Rap, € 19,90

Op het vasteland ligt het leven langs een liniaal, vindt Mathijs Deen. Lees een interview met hem op historsichnieuwsblad.nl/links.

Nieuwste berichten

Tienduizenden Marokkanen proberen bij Ceuta de grens over te steken.
Tienduizenden Marokkanen proberen bij Ceuta de grens over te steken.
Interview

Spanje wilde Ceuta niet afstaan als het Gibraltar niet kreeg

Tienduizenden Marokkaanse jongeren staken massaal de grens over bij de Spaanse exclave Ceuta. Paolo De Mas, voormalig directeur van het Nederlands Instituut Marokko, legt uit hoe Ceuta eeuwen geleden in Spaanse handen kwam en bleef. ‘Voor Marokko is Ceuta een handzaam middel om pijnlijke politieke druk uit te oefenen op Spanje.’ Na nepnieuws en oproepen...

Lees meer
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Artikel

Metereologen ruziën over D-Day in film ‘Pressure’

Weersvoorspelling een saai onderwerp? Niet als het verloop van een oorlog ervan afhangt. Het op feiten gebaseerde Pressure toont de hoogoplopende ruzie tussen geallieerde meteorologen over de verwachting voor D-Day. Bedolven onder tegenstrijdige adviezen moet opperbevelhebber Dwight Eisenhower beslissen over de invasiedatum. Als D-Day een maand eerder was gepland, waren meteorologen het volstrekt met elkaar...

Lees meer
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Interview

In Florence waren niet de huizen, maar de huwelijken onbetaalbaar

Wie een woning wil, moet vaak overbieden: twee derde van de huizen in Nederland wordt boven de vraagprijs verkocht. In de Renaissance hadden Florentijnen ook last van overbiedingsgekte: doordat rijke families de prijs opdreven, ontstond er ‘bruidsschatsinflatie’, vertelt historicus Marlisa den Hartog. ‘Bruidsschatten werden een financiële markt op zich.’ Hoe zag de vijftiende-eeuwse Italiaanse huwelijksmarkt...

Lees meer
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Interview

Nieuwbouwwijken op Romeinse ruïnes: hoe kunnen we erfgoed bewaren?

Bij archeologische opgravingen in Nijmegen is het grootste Romeinse badhuiscomplex in Nederland ontdekt. Maar op de plek van de opgraving wordt binnenkort een nieuwe woonwijk gebouwd. Hoogleraar Monique van den Dries legt uit hoe archeologen en projectontwikkelaars elkaar kunnen helpen om Nederlands erfgoed zichtbaar te bewaren. Over een paar jaar staat het Nijmeegse Waalfront vol...

Lees meer
Loginmenu afsluiten