Home Maarten van Rossem

Maarten van Rossem

  • Gepubliceerd op: 30 mrt 2011
  • Update 02 mei 2023
  • Auteur:
    Maarten van Rossem

Op 6 februari was het precies honderd jaar geleden dat Ronald Reagan werd geboren. Voor velen een goede gelegenheid zijn historische reputatie nog eens aan een nader onderzoek te onderwerpen. Reagan kan tevreden zijn. Zelfs zijn voormalige tegenstanders zien hem nu als een belangrijke, ‘game changing’ president. Onder Amerikaanse conservatieven wordt hij zelfs beschouwd als een incarnatie van Onze Lieve Heer. Een Republikein die zich niet presenteert als een erfgenaam van Reagan kan het wel vergeten.

Deze brede bewondering is des te opmerkelijker als we ons realiseren dat Reagan allerwegen werd en wordt beschouwd als een man van zeer beperkte intellectuele gaven. Talloos zijn de hilarische anekdotes over zijn ronduit verbijsterende onbegrip en onwetendheid. Hoe is het mogelijk dat een dergelijke onnozelaar tot de vijf belangrijkste presidenten van de vorige eeuw wordt gerekend?

We zouden dat op drie manieren kunnen verklaren. Ten eerste moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat zijn reputatie sterker is dan de historische werkelijkheid rechtvaardigt. Ten tweede kan het zijn dat hij, ondanks zijn beperkte talenten, een goede politicus was. Ten derde was hij wellicht toevallig op het juiste moment op de juiste plek. Ten slotte is niet uitgesloten dat die verklaringen alle drie ten dele juist zijn.

Reagan wordt gezien als de president die het nieuwe conservatisme, ook wel neoliberalisme genoemd, op de kaart heeft gezet. We zouden er echter verstandiger aan doen hem te beschouwen als de politiek begaafde, aimabele woordvoerder van dat neoliberalisme, zeker niet als de bedenker of de beleidsmatige initiator daarvan.

Met een deel van de neoliberale agenda was door Reagans voorganger Jimmy Carter al een begin gemaakt. De strijd tegen de inflatie, op basis van monetaristische uitgangspunten, werd in 1979 gestart door Paul Volcker, die door Carter was benoemd tot voorzitter van de Federal Reserve. Het was ook Carter die een begin maakte met de deregulering, die zo’n wezenlijk onderdeel vormde van de neoliberale agenda. Ideologisch gezien behoort Carter eigenlijk deels tot het neoliberale tijdperk.

De veranderingen die de machtsbalans in de Amerikaanse volksvertegenwoordiging verschoven in het voordeel van de conservatieven hadden zich al voltrokken voordat Reagan aan de macht kwam. Ook met de forse expansie van de militaire uitgaven maakte Carter een begin, geschrokken van de Russische invasie van Afghanistan in december 1979. Reagans verkiezing bevestigde en versterkte een ingrijpend sociaal-politiek veranderingsproces dat al jaren aan de gang was. Hij was dus op het juiste moment op de juiste plaats, een onderdeel van een veel bredere beweging die de politiek meer dan drie decennia zou domineren.

Reagan heeft vervolgens de neoliberale beginselen slechts ten dele in beleid omgezet door de belastingen te verlagen en de deregulering sterk te bevorderen. Hij slaagde er echter niet in de omvang van de federale overheid te beperken, zoals hij had beloofd, en liet de tekorten op de federale begroting dramatisch uit de hand lopen. Bovendien bleken de belangrijkste onderdelen van de beperkte Amerikaanse verzorgingsstaat politiek onaantastbaar.

Reagans bewonderaars mogen graag beweren dat hij ‘de Koude Oorlog heeft gewonnen’ door een combinatie van hoge defensie-uitgaven en agressieve anticommunistische retoriek. Er is geen enkele serieuze historicus die dat gelooft. Gorbatsjov heeft een eind gemaakt aan de Koude Oorlog, en het was Reagans verdienste dat hij bereid was met Gorbatsjov te praten en zijn concessies dankbaar te aanvaarden. Ook hier was het zondagskind Reagan weer precies op het juiste moment op de juiste plaats.

Zijn Reagans successen dan inderdaad in geen enkel opzicht zijn eigen verdienste en was hij niet meer dan een wonderlijke, onthechte geluksvogel? Dat zou hem nu weer tekortdoen. Ondanks zijn beperkingen was Reagan een begaafde politicus met grote communicatieve gaven, die zowel feeling had voor de tijdgeest als het talent om zijn tegenstanders met pragmatische vriendelijkheid te ontwapenen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Columnist Philip Dröge
Columnist Philip Dröge
Column

MTV zomaar verdwenen? Ik word oud

Het was maar een televisiezender. En ook nog eentje waarvoor je met je afstandsbediening naar de driedubbele cijfers moest doorklikken. Ergens tussen Baby TV en Euronews, in dat digitale niemandsland, hield MTV Music stand. Ballingschap is een groot woord, maar toch: niemand kwam er meer, in die slechte buurt. Ik ook niet. Waarom zou ik?...

Lees meer
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Artikel

In 1921 stond er een malle zwerver op de kieslijst

In 1921 veroverde de drankzuchtige ‘straatartiest’ Had-je-me-maar een zetel in de Amsterdamse gemeenteraad. Hij was naar voren geschoven door een groep anarchisten en plaatste de overheid voor een lastig vraagstuk: hoe moet je in een democratie omgaan met schertskandidaten? ‘Een politiek schandaal,’ kopte De Telegraaf in de vroege ochtend van 28 april 1921. De opwinding...

Lees meer
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
Artikel

NAVO-tentoonstelling gestolen en beklad: actievoerders noemden het oorlogshitserij

Antimilitaristische actievoerders hadden het eind jaren zeventig gemunt op een reizende NAVO-tentoonstelling. Ze hekelden de oorlogspropaganda en organiseerden daarom eigen anti-NAVO-exposities. ‘Wat heeft u liever, een atoombom of een neutronenbom?’ In het ochtendgloren lag de Maastrichtse stationshal er treurig bij. Die septembernacht in 1979 hadden onbekenden vrijwel de gehele ‘Nederland 30 Jaar in de NAVO’-tentoonstelling...

Lees meer
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Artikel

Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem

Door bestuurlijke chaos dreigde de Nederlandse Republiek ten onder te gaan. Eén dwarsliggende stad of provincie kon de besluitvorming op nationaal niveau verlammen. Dat ging zo niet langer, vond de regent Simon van Slingelandt. Hij maakte een hervormingsplan, dat in Den Haag menigeen in de gordijnen joeg. Lang had Nederland er niet zo beroerd voor...

Lees meer
Loginmenu afsluiten