Home COLUMN: Martin Sommer

COLUMN: Martin Sommer

Martin Sommer

Historicus en journalist

Gepubliceerd op: 28 augustus 2014

Update 7 april 2020

Ik lees in de krant over de Oostenrijks-Joodse schrijver Stefan Zweig (1881-1942). Er schijnt een kleine Zweig-hausse gaande te zijn. Dat komt door het succes van de film The Grand Budapest Hotel, en vooral door herlezing van zijn boek Die Welt von Gestern. Ik heb het niet bij de hand – uitgeleend aan zoonlief –, maar herinner me van de eerste bladzijde al een schitterend beeld van het Wenen van voor de Eerste Wereldoorlog: mannen met lange baarden die zich zo langzaam mogelijk voortbewogen, aangezien de enige ambitie in de nadagen van het keizerrijk was de tijd te laten stilstaan.


Dezer dagen gaat het veel over het begin van de Grote Oorlog en de angst voor een nieuwe. Zweig maakte twee wereldoorlogen mee; de laatste overleefde hij niet. Zijn schrijversleven stond in het teken van de Bildung – de opvoeding van de burgerij, ter voorkoming van opwinding, ophitsing en nationalisme. Bildung zou oorlog moeten voorkomen.

Nu wil ik het eigenlijk niet over oorlog hebben, maar over de vraag hoe het vandaag de dag zit met de opvoeding van de burgerij. In dat verband troffen me twee berichten. Het eerste was dat de rijen voor de internationale musea steeds langer worden. Het Louvre moet meer dan 9 miljoen bezoekers verwerken. Het Rijksmuseum gaat, bescheidener maar nog altijd fors, ruim over de 2 miljoen. Dat is mooi, maar leidt tegelijk tot onvoorziene problemen, bijvoorbeeld de vochtigheid die al die zweterige, ademende bezoekers omhoogstuwen.

Veel musea dateren van dezelfde negentiende eeuw als Stefan Zweig en hadden hetzelfde doel als hij: de bevolking verheffen tot verstandige en verantwoordelijke burgers. En het is waar: zolang de bezoekers in korte broek en met hun iPhone in de aanslag langs de meesters trekken, slaan ze elkaar in elk geval niet de koppen in. Maar de vraag die ik wil opwerpen, is of het zo nog wel werkt. Hier komt namelijk het tweede bericht: het Scheepvaartmuseum, een paar jaar geleden ingrijpend verbouwd om aan de nieuwe museale eisen te voldoen, gaat ongeveer zijn hele wetenschappelijke staf eruit gooien.

Het vermaak blijft, het museum als instelling ter lering verdwijnt

De verbouwing was al onderwerp van hoogoplopend debat. Het nieuwe Scheepvaartmuseum was de vrucht van ‘cultureel ondernemerschap’ – een huiveringwekkend begrip, verwant aan het maatschappelijk ondernemerschap waarvan we dezer dagen de vrucht zien in de parlementaire enquête over de woningbouwcorporaties. Het nieuwe museum moest de brug slaan tussen kennis en toegankelijkheid, tussen leren en vermaken. Zelfs mensen met ‘museumangst’ zouden aan hun trekken komen. Het museum zou, kortom, een belevenis worden. Daar is niks op tegen, zou ik zeggen, zolang de belevenis het onderzoek en het Bildungsideaal van kennisoverdracht maar niet in de weg zit.

Nu moeten ze in het Scheepvaartmuseum uiteraard bezuinigen, en je kon er de klok op gelijkzetten: de wetenschappelijke staf, inclusief hoofdconservator en wetenschapsprogramma’s, wordt bedreigd. Het vermaak blijft, het museum als instelling ter lering verdwijnt. Dat lijkt mij een breuk. Mooi, die miljoenen bezoekers voor Louvre of Rijksmuseum, maar wat hebben we er eigenlijk aan als het verheffingsideaal wordt losgelaten? De overwinning van de belevingsindustrie op onderzoek, kennisuitwisseling en -overdracht is de overwinning van de emotie op het nadenken. Precies datgene waartegen Stefan Zweig zijn hele leven heeft geschreven.

Laatste nieuws: in het Rembrandthuis schijnt hetzelfde op til te zijn als in het Scheepvaartmuseum. De cultureel ondernemers ter plaatse willen dat de bezoekers het leven van Rembrandt en Saskia nog beter kunnen invoelen en – uiteraard – beleven. Omdat onze grootste schilder een hondje had, moet er nu een hondje tussen de topstukken gaan rondlopen, heb ik begrepen. De conservatoren zijn in alle staten, maar ook in het Rembrandthuis delven zij het onderspit. Ook daar schijnt men bezig de wetenschappelijke staf de deur te wijzen.

Nieuwste berichten

Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden
Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden
Artikel

Franse keizer Napoleon III beschermde de paus tegen zijn Italiaanse vrienden

Paus Leo XIV bezoekt komend weekend Frankrijk, een land waarmee het Vaticaan van oudsher een ‘speciale relatie’ heeft. De Franse keizer Napoleon III beschermde van 1848-1870 de toenmalige paus tegen Italiaanse nationalisten die de Kerkelijke Staat wilden inlijven. Die nationalisten waren ondertussen zijn vrienden. Een openluchtmis op de Champs-Élysées, een ‘jongerenwake’ in het Stade de...

Lees meer
De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
Interview

De ‘tanks van de Middeleeuwen’ werden ingehaald door nieuwe wapens

Tijdens een militaire oefening schakelden Oekraïense drones deze zomer met gemak Amerikaanse pantserdivisies uit. Ook aan het Oekraïense front geven de onbemande vliegtuigjes gewone soldaten een fighting chance tegen Russische tanks. Conservator Casper van Dijk van het Nationaal Militair Museum ziet parallellen met de opkomst van vuurwapens. ‘Edellieden met dure harnassen, de tanks van de...

Lees meer
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Onderzoek

Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald

Enkel de waarheid zou als winnaar uit de strijd mogen komen. Met die ambitie begon het Joegoslaviëtribunaal (ICTV) in 1993 aan zijn taak. Maar het is er niet in geslaagd de historische waarheid over de Joegoslaviëoorlogen eenduidig te schetsen. Dat concludeert historicus en journalist Petar Finci in zijn proefschrift, dat hij op 23 september verdedigde...

Lees meer
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Artikel

Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken

Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog entten witte artsen zwarte mensen in met het pokkenvirus, om nieuwe entstof te kweken voor de soldaten aan het front. Vaak gebruikten zij vrouwen en kinderen in slavernij. Die hadden zelf geen enkele keuze en moesten de risicovolle behandeling gedwongen ondergaan. De oorlog tussen de noordelijke en de zuidelijke staten van...

Lees meer
Loginmenu afsluiten