Home Column: Jaap Scholten – Rudolf von Habsburg 

Column: Jaap Scholten – Rudolf von Habsburg 

  • Gepubliceerd op: 26 januari 2016
  • Laatste update 04 apr 2023
  • Auteur:
    Jaap Scholten
  • 5 minuten leestijd
Column: Jaap Scholten – Rudolf von Habsburg 

De dubbele zelfmoord van de Oostenrijkse kroonprins Rudolf von Habsburg en zijn minnares leidt al 127 jaar tot de wildste verhalen. Jaap Scholten gaat tussen oude documenten op zoek naar een antwoord.

Een jaar geleden kreeg ik een doos met originele brieven van het Nederlandse nichtje van Mary von Vetsera, de minnares van kroonprins Rudolf von Habsburg. De brieven zijn in de jaren dertig vanaf het Hongaarse platteland naar Nederland gestuurd: ‘Hierzo dat was eens ’n briefje. Jullie krijgen er een met potlood terug, de pennen des huizes zijn bij de kinderen in gebruik, die aan “grootmama in Keulen” schrijven en dat moet toch erg mooi zijn. Voor jullie komt ’t er niet op aan. Mijn aanhef is niet zoo litterair erotisch als die van Sam, maar daarom niet minder welgemeend op ’t gebied van voorspoedwenschen voor 1937 en andere commonplaces, die men elkaar te schrijven pleegt, om deze donkere jaargetijde, als men niet zoveel autorijden kan; heelemaal niet zwemmen, niet schaatsenrijden, weinig wandelen, enz. Alleen maar wat lezen en roddelen. Ook de bronsttijd is nog niet aangebroken. Dus schrijven wij.’

Zo gaat het vijf bladzijdes vrolijk anarchistisch door. Ik hoop in de brieven iets te vinden over haar tante, die tezamen met de kroonprins van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie zelfmoord pleegde in de nacht van 30 januari 1889.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Historischnieuwsblad.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste historische verhalen door toonaangevende historici. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand, de eerste maand €1,99. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Af en toe rijd ik van Hongarije naar Nederland. Er zijn twee hoofdroutes: via Bratislava, Praag, Leipzig en Hannover, en via Wenen, Passau, Neurenberg en Frankfurt. De eindeloze golvende wouden in Oostenrijk en in het zuiden van Duitsland zijn overweldigend, in een romantisch sombere mist gehuld. Ze kunnen haast niet anders dan filosofen en zelfmoordenaars voortbrengen.

Eenmaal ben ik van de snelweg af gegaan om het karmelietenklooster in Mayerling te bezoeken, de locatie waar 127 jaar geleden de kroonprins van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie zich, samen met zijn maîtresse Mary baronesse Vetsera, het leven benam. Een nietszeggend dorpje in een dal. Druipende dennenbomen.

Gerucht:

Mary was zwanger en stierf door een mislukte abortus

Over wat zich in de nacht van 30 januari 1889 in dit toenmalige jachtslot in Mayerling heeft afgespeeld wordt sindsdien gespeculeerd. Het eerste perscommuniqué meldde dat de kroonprins aan een hartkwaal was overleden. Toen de verhalen over de dubbele zelfmoord overal de kop opstaken, werd gemeld dat Rudolf in een moment van verstandsverbijstering de hand aan zichzelf had geslagen. Geen woord over de aanwezigheid van de 17-jarige minnares met een kogel in haar slaap. De Habsburg-familie zweeg.

Een voedingsbodem voor wilde speculaties, zeker in de winter, het jaargetijde van roddel en achterklap: het liefdespaar was vermoord door de Franse geheime dienst; ze waren vermoord in opdracht van de conservatieve Franz Joseph, die walgde van de liberale ideeën van zijn enige zoon; er zou een aristocratische orgie in het jachtslot hebben plaatsgevonden die uit de hand liep; Mary was zwanger en stierf door een mislukte abortus, waarop Rudolf de hand aan zichzelf sloeg; ze waren na een alcoholische ruzie vermoord door een jaloerse aanbidder van Mary; Mary was zwanger en Rudolf wilde scheiden van zijn echtgenote, de Belgische prinses Stephanie, maar dit werd verboden door zijn vader en uit wanhoop schoot hij eerst Mary en daarna zichzelf dood; Mary was een buitenechtelijke dochter van keizer Franz Joseph en dat  broer en halfzus met elkaar het bed in doken was dermate onwenselijk dat de twee op keizerlijk bevel gedood werden. De rits wild-fantastische verhalen is eindeloos. Er zijn films, boeken, musicals, hoorspelen en manga’s over de dood van het tweetal gemaakt.

De moeder van Mary, Eleni Vetsera-Baltazzi, schreef in 1889 het pamflet Le clé de Mayerling, Le douloureux roman de ma fille, om de volgens haar juiste versie van het verhaal van haar dochter naar buiten te brengen en de familie van roddels en speculaties te verschonen. Het boekje werd in een oplage van 100 gedrukt en verspreid. De geheime politie van het Habsburgse Rijk wist 99 van de 100 exemplaren te achterhalen en te vernietigen. Ik hoopte het enig overgebleven exemplaar aan te treffen in de doos met brieven die ik vorig jaar kreeg, maar helaas.

Alle het Huis Habsburg onwelgevallige berichten over de dood van de kroonprins werden opgespeurd en vernietigd. Onmiddellijk na de dood van zijn zoon liet de keizer het jachtslot verbouwen en in gebruik nemen als karmelietenklooster. De keizer kreeg voor zijn zoon speciale dispensatie van de paus: Rudolf werd ontoerekeningsvatbaar verklaard op het moment van zelfmoord, zodat hij volgens de katholieke riten ten grave gedragen kon worden.

Het lichaam van de minderjarige minnares van de kroonprins werd in de ochtendnevel afgevoerd, naar verluidt in een rijtuig met een bezemsteel onder haar jas om haar rechtop te houden. Ze werd bij het ochtendgloren oneervol – haar moeder mocht er niet bij zijn – begraven in een haastig gegraven kuil op de begraafplaats van Stift Heiligenkreuz. De resten van Mary werden in de afgelopen eeuw driemaal opgegraven (en later weer herbegraven) door amateurspeurneuzen en door Russische soldaten op zoek naar goud en juwelen.

Op de begraafplaats van Heiligenkreuz vlak bij Mayerling brandden zwijgende Japanners kaarsjes voor Mary. Bij het graf flakkerden kaarsjes en stonden verse bloemen. Aan het hoofdeinde een stenen kruis en een stenen plaat met het opschrift:

Mary Freiin v. Vetsera

Geb. 19 März 1871

Gest. 30 Jänner 1889

Wie ein Blume

sprosst der Mensch auf

und wird gebrochen

Lees hier het tweede deel van dit tweeluik.