Home Gemakzuchtige bladvulling

Gemakzuchtige bladvulling

  • Gepubliceerd op: 17 april 2007
  • Laatste update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Gert Oostindie

‘Zwart’ perspectief biedt geen vernieuwing
In het Amsterdamse Oosterpark staat sinds 2002 het Nationaal Monument ter herdenking van de slavernij. Aan de overkant van het park huist het ‘dynamische monument’: het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden en Erfenis (NiNsee). Directeur is Glenn Willemsen, auteur van Dagen van gejuich en gejubel.



Doet dat ertoe, in deze recensie? Jazeker. De Nederlandse overheid besloot een instituut te financieren om zo ruimte te geven aan onderzoek en educatie over het slavernijverleden door de ‘nazaten’ zelf. Uitdrukkelijk werd daarbij rekening gehouden met de onvrede in Surinaamse en Antilliaanse kring over de dominante rol van ‘de witte wetenschap’ en het ontbreken van het ‘zwarte perspectief’.

Wanneer NiNsee dan eindelijk een boekenreeks start over geschiedenis en actualiteit van het slavernijverleden, en wanneer bovendien het eerste deel in deze reeks door de directeur wordt geschreven, dan is er alle reden de vraag te stellen: wordt hiermee nu inderdaad een ander, beter, vernieuwend licht geworpen op die geschiedenis en erfenis?

Hoewel ik Dagen van gejuich en gejubel met plezier heb gelezen, moet ik deze vraag helaas ontkennend beantwoorden. Het boek biedt een korte inleiding over slavernij in de Caraïben; een verhandeling over slavenhandel, slavernij en afschaffing ervan in de Nederlandse Caraïben; en twee hoofdstukken waarin de ‘emancipatie’ en de viering ervan in Suriname en de Antillen worden besproken. Een conclusie ontbreekt. Wel telt het boek vijfenzeventig pagina’s facsimilebijlagen – gemakzuchtige bladvulling.

Dagen is informatief, vlot geschreven en evenwichtig van toon, maar niet nieuw, laat staan vernieuwend. Dat is niet zo vreemd: het boek is vrijwel geheel gebaseerd op wetenschappelijk werk van anderen – voor zover dat ertoe doet, voornamelijk witte auteurs. Waar Willemsen al een ander beeld schetst, zit dat minder in nieuwe inzichten dan in terminologische ‘rechtzettingen’ – in de sfeer van ‘slaaf’ wordt ’tot slaaf gemaakte Afrikaan’ – en een enkele aanvechtbare eigen interpretatie.

Willemsen kan ongetwijfeld beter. Belangrijker: NiNsee zou zijn goed verdedigbare bestaansgrond beter bewijzen met een boek dat wél nieuw perspectief biedt. Bijvoorbeeld over de werkelijk prangende vraag wat nu eigenlijk die hedendaagse erfenis is van de slavernij en hoe (verschillend) daarover in onze Caraïbische gemeenschap en daarbuiten wordt gedacht.

Gert Oostindie is directeur van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Taal-, Land-, en Volkenkunde.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Historischnieuwsblad.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste historische verhalen door toonaangevende historici. Steun ons door lid te worden voor maar €3,99 per maand, de eerste maand €1,- Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.