Home Maarten van Rossem

Maarten van Rossem

  • Gepubliceerd op: 29 jun 2010
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Maarten van Rossem

In de verkiezingscampagne van 1960 waren Richard Nixon en John Kennedy de eerste politici in de geschiedenis die het tegen elkaar opnamen voor de televisiecamera’s. Vooral het eerste van de vier debatten die zij hielden is een historische gebeurtenis van gewicht geworden. Dat toonde al direct scherp aan wat er mis is met competitieve televisiedebatten.

Niemand herinnert zich nog de inhoud van het debat, maar iedereen weet dat Kennedy won omdat hij er aantrekkelijker uitzag en een minder vechtlustige indruk maakte. Uiterlijk, motoriek en charisma waren doorslaggevend, niet de gedachtewisseling, voor zover daar sprake van was. Dat dat daadwerkelijk zo was, bleek uit de wonderlijke ontdekking dat Richard Nixon het debat volgens de radioluisteraars had gewonnen. Degenen die op de inhoud moesten letten omdat er geen beeld was, vonden Kennedy de mindere debater – terecht overigens.

Sedert 1960 zijn de televisiedebatten een niet meer weg te denken onderdeel van de campagne geworden. Ook in de Nederlandse politiek is dat al jaren het geval. Doordat de politieke risico’s in de debatten aanzienlijk zijn, zijn deze om die te beperken sterk geritualiseerd. Vooral een fout, een vergissing of een opmerkelijke hapering kan grote schade veroorzaken. Niet op het moment zelf overigens – een minder moment wordt naderhand eindeloos herhaald en krijgt zo een enorm gewicht.

Zo komen de organisatoren van het debat en de campagnestaf van de politici ertoe zeer nauwkeurige afspraken over de gang van zaken te maken, teneinde de risico’s te beperken. De debatten zijn gereduceerd tot een beperkt ritueel, dat met een serieus politiek debat niet veel meer te maken heeft. Na een korte openingsverklaring is de spreek- en antwoordtijd op ridicule wijze gelimiteerd (‘U hebt nog zeventien seconden’). Zo is het onmogelijk om een samenhangende argumentatie op te bouwen, waarbij de deelnemers bereid zijn naar elkaar te luisteren.

Het keurslijf van het debat is zo klemmend dat er slechts ruimte is voor ingestudeerde oneliners en langdurig geoefende retorische treffers. Men zit niet als beschaafde mensen aan een ruime tafel – nee, men staat sinds 1960 achter een soort schools lessenaartje en mag af en toe naar voren komen voor een één-op-één debatje, waarin het nog meer aankomt op het scoren van puntjes.

Het gaat immers in de debatten niet om de verduidelijking van complexe politieke kwesties of de serieuze vergelijking van standpunten. De hele ongelukkige bedoeling van deze theaterstukjes is ‘winnen’. Naderhand komen de ‘spindoctors’ en de opiniepeilers die duidelijk moeten maken wie de winnaar is en hoe groot de schade voor de verliezers.

Voorstanders van het moeizame huwelijk tussen televisie en politiek wijzen er terecht op dat mensen tegenwoordig meer weten van de politiek dan vroeger. Zij maken daarbij echter niet duidelijk wát de gemiddelde kijker nu precies meer weet dan vroeger. De kijker is beter geïnformeerd over de deelnemers en heeft een vaag idee van de grote kwesties van het moment. Diep steekt die kennis echter niet; zij is zonder meer onvoldoende om te komen tot verantwoorde besluitvorming.

Het is jammer genoeg niet zo dat degene met de beste, meest coherente en relevante ideeën het wint in een televisiedebat. De overwinning gaat naar de debater die zijn denkbeelden het best weet te presenteren, die ze het handigst en het eenvoudigst heeft geformuleerd. Geert Wilders scoort met geoliede soundbites, maar de achterliggende ideeën zijn hemeltergende nonsens. Rutte had een mooi pakket van formuleringen, maar zijn prettige retoriek was gefundeerd in economisch drijfzand. Zoals trouwens alle ‘doorrekeningen’ en economische voorspellingen op drijfzand rustten.

Politiek op televisie selecteert niet op bestuurlijke competentie of verstandige denkbeelden, maar louter op de vraag wie het goed doet op televisie. Willem Drees was kansloos geweest tegen Wilders of Rutte.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Columnist Philip Dröge
Columnist Philip Dröge
Column

MTV zomaar verdwenen? Ik word oud

Het was maar een televisiezender. En ook nog eentje waarvoor je met je afstandsbediening naar de driedubbele cijfers moest doorklikken. Ergens tussen Baby TV en Euronews, in dat digitale niemandsland, hield MTV Music stand. Ballingschap is een groot woord, maar toch: niemand kwam er meer, in die slechte buurt. Ik ook niet. Waarom zou ik?...

Lees meer
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Artikel

In 1921 stond er een malle zwerver op de kieslijst

In 1921 veroverde de drankzuchtige ‘straatartiest’ Had-je-me-maar een zetel in de Amsterdamse gemeenteraad. Hij was naar voren geschoven door een groep anarchisten en plaatste de overheid voor een lastig vraagstuk: hoe moet je in een democratie omgaan met schertskandidaten? ‘Een politiek schandaal,’ kopte De Telegraaf in de vroege ochtend van 28 april 1921. De opwinding...

Lees meer
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
Artikel

NAVO-tentoonstelling gestolen en beklad: actievoerders noemden het oorlogshitserij

Antimilitaristische actievoerders hadden het eind jaren zeventig gemunt op een reizende NAVO-tentoonstelling. Ze hekelden de oorlogspropaganda en organiseerden daarom eigen anti-NAVO-exposities. ‘Wat heeft u liever, een atoombom of een neutronenbom?’ In het ochtendgloren lag de Maastrichtse stationshal er treurig bij. Die septembernacht in 1979 hadden onbekenden vrijwel de gehele ‘Nederland 30 Jaar in de NAVO’-tentoonstelling...

Lees meer
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Artikel

Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem

Door bestuurlijke chaos dreigde de Nederlandse Republiek ten onder te gaan. Eén dwarsliggende stad of provincie kon de besluitvorming op nationaal niveau verlammen. Dat ging zo niet langer, vond de regent Simon van Slingelandt. Hij maakte een hervormingsplan, dat in Den Haag menigeen in de gordijnen joeg. Lang had Nederland er niet zo beroerd voor...

Lees meer
Loginmenu afsluiten