Home De slechtste president van Amerika

De slechtste president van Amerika

De slechtste president van Amerika

Maarten van Rossem

Historicus en Amerikadeskundige

Gepubliceerd op: 17 juni 2009

Update 15 april 2021

Een bekend gezelschapsspel onder geschiedschrijvers van de Verenigde Staten is de beantwoording van de vraag wie de beste Amerikaanse president was. Over de drie besten, Abraham Lincoln, George Washington en Franklin D. Roosevelt, bestaat eigenlijk geen verschil van mening. Over de volgorde na deze drie kan echter langdurig worden getwist.

Veel minder interesse is er vanouds in de vraag wie de allerslechtste president was. Daar is met George W. Bush verandering in gekomen. Naar aanleiding van een aardig artikel in het tijdschrift Rolling Stone is er in de Amerikaanse pers een discussie begonnen over de vraag of de huidige president wellicht de slechtste is die de republiek ooit heeft gehad. Als we ons beperken tot de vorige eeuw, dan bestaat er brede overeenstemming over de constatering dat Warren G. Harding en Richard M. Nixon de slechtste presidenten waren in de afgelopen honderd jaar.

Harding, president van 1921 tot 1923, was volstrekt incompetent en zijn medewerkers behoorden tot de meest corrupte uit de Amerikaanse geschiedenis. Voor hem was het een zegen dat hij al spoedig overleed. De schade die hij en zijn kleptomane medewerkers de republiek toebrachten was echter beperkt, al was het maar omdat de president toen nog niet zo’n centrale rol in de samenleving speelde.

Als Nixon begin augustus 1974 niet was afgetreden, zou hij met een impeachment uit zijn ambt zijn verwijderd. De politieke schade die Nixon veroorzaakte was omvangrijk. Hij maakte misbruik van zijn presidentiële bevoegdheden, had een geheimhoudingscomplex en was een aanhanger van de even wonderlijke als gevaarlijke doctrine dat alles is geoorloofd wat de president geoorloofd acht. Ook speculeerde hij over de mogelijkheid de Constitutie zodanig te wijzigen dat hij langer dan acht jaar president zou kunnen blijven.

Nixon was, kortom, een bedreiging van de bestaande constitutionele verhoudingen en daarmee van het hele politieke bestel van de republiek. Nixon was veel intelligenter en competenter dan Harding, maar tegelijkertijd een slechtere president, omdat hij een gevaarlijker president was.

Bush is ongetwijfeld een slechte president, maar is hij ook slechter dan Harding of Nixon? De incompetentie van Bush is zeker niet identiek aan de sullige, dorpse incompetentie van Harding. De incompetentie van Bush is het product van arrogantie, welbewuste onwetendheid, onschokbare ideologische overtuiging en – in laatste instantie – de zekerheid van een zending Gods.

Bush is zeker van zijn zaak voordat hij de zaak heeft onderzocht, hij leeft in een wereld waarin hij altijd gelijk heeft. Vandaar dat het hem onmogelijk is om zijn ongelijk toe te geven. Bovendien zijn zijn medewerkers geselecteerd op loyaliteit en ideologische betrouwbaarheid, niet op hun vermogen tot kritische analyse.

Nadat Bush op uiterst dubieuze wijze in het Witte Huis terecht was gekomen, ging hij niet op zoek naar politieke verzoening en consensus, maar polariseerde hij de natie verder met een conservatief, ideologisch gedreven beleid. Na 9/11 had hij een unieke kans om de natie te verenigen, om boven alle partijstrijd uit te stijgen. Maar ondanks het feit dat hij aanvankelijk de steun genoot van vrijwel alle Amerikanen, koos hij voor partijpolitieke confrontatie en zinloze en beschamende demonisering van eenieder die het niet volledig met hem eens was.

De aanval op en de bezetting van Irak was een project van conservatieve ideologen. In de oorlog tegen het terrorisme claimt Bush dezelfde inconstitutionele ruimte als destijds Nixon: alles wat de president in die strijd noodzakelijk acht, is toegestaan.

Desondanks weet ik niet zeker of Bush even gevaarlijk is als Nixon. Nixon was een machtsbeluste opportunist. Machtsbelust vooral omdat hij ziekelijk onzeker was. Bush is een ideoloog met een simpel, dichtgetimmerd brein, maar ik twijfel geen moment aan zijn geestelijke gezondheid.

Nixon is vooralsnog de slechtste!

Maarten van Rossem

Nieuwste berichten

Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Keeper Farzaneh Tavasoli van het Iraanse zaalvoetbalteam in 2025.
Artikel

Iraanse sporters dagen de macht uit

In Iran vormen sport, protest en politiek al eeuwenlang een nauw verweven, maar ook conflictueuze drie-eenheid. Nu zijn het vaak vrouwelijke voetballers die van zich laten horen. Ooit waren het worstelaars, vertelt politicoloog Caroline Azad. Gholamreza Takhti is een legende in Iran. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd deze worstelaar – ‘met...

Lees meer
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Een kamp van Artsen zonder Grenzen in Tsjaad.
Artikel

Artsen zonder Grenzen: onafhankelijk, maar nooit apolitiek

Een groep artsen die vond dat het Rode Kruis niet genoeg deed tegen mensenrechtenschendingen in Biafra, stichtte in 1971 de medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. De initiatiefnemers wilden volledig apolitiek opereren, maar dat bleek in de praktijk vrijwel onmogelijk. Médecins Sans Frontières (MSF), de moederorganisatie van Artsen zonder Grenzen, is een medische internationale hulporganisatie. Momenteel biedt MSF hulp in Nepal na een dodelijke overstroming en is de organisatie werkzaam in Oekraïne en Gaza, waar ze...

Lees meer
Shortlist bekend Libris Geschiedenis Prijs 2026
Shortlist bekend Libris Geschiedenis Prijs 2026
Nieuws

Shortlist bekend Libris Geschiedenis Prijs 2026

De shortlist met vijf genomineerden voor de Libris Geschiedenis Prijs 2026 is vandaag bekendgemaakt in radioprogramma OVT door juryvoorzitter Frits Spits. Genomineerd zijn: Over de Libris Geschiedenis Prijs De Libris Geschiedenis Prijs bekroont historische boeken die een algemeen publiek aanspreken. De criteria zijn dat het boek een oorspronkelijk onderwerp heeft, prettig leesbaar is geschreven en...

Lees meer
Socialisten in Manhattan in 1912
Socialisten in Manhattan in 1912
Artikel

Waarom heeft Amerika geen echte socialisten?

Een deel van de Democratische kiezers wil dat de partij afslaat naar links. Maar in de Amerikaanse politiek kreeg het socialisme nog nooit voet aan de grond. Al in 1906 schreef een Duitse socioloog hoe dat kwam: Amerika had een gebrek aan boze arbeiders. Het lijdt geen twijfel dat veel Democratische kiezers genoeg hebben van...

Lees meer
Loginmenu afsluiten