• Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Historisch Nieuwsblad 05/2020

    Wim Daniëls over de zomer van 1945

    ‘Mensen keerden terug uit concentratiekampen, terwijl er op straat werd gefeest’

    Door: Isa van Oosten

    In De zomer van 1945 doet Wim Daniëls gedetailleerd verslag van de eerste zomer na de bevrijding van Nederland. Aan de hand van dagboeken, brieven en nieuwsberichten laat hij zien hoe tegenstellingen die zomer overheersten. ‘Ik wil lezers de ogen openen voor de tweestrijd tussen de bevrijding en het aangedane leed door de oorlog.’

    In zijn nieuwste boek De zomer van 1945 beschrijft Wim Daniëls iedere dag van de bevrijdingszomer. Om te begrijpen hoe die eerste zomer na vijf jaar oorlog moet zijn geweest, ging Daniëls in boeken, artikelen en kranten op zoek naar verhalen. Om een nog persoonlijkere kijk te krijgen in het leven van de mensen in 1945, deed hij een beroep op zijn socialemediavolgers, die hem dagboeken, brieven en foto’s toestuurden uit de zomer van ‘45.

    Bevrijdingsfeesten

    Daniëls laat zijn verhaal beginnen in juni, wanneer de bevrijdingsfeesten in volle gang zijn. ‘In Amsterdam was 26 juni 1945 de eerste dag van drie dagen bevrijdingsfeesten, met een zeer uitgebreid feestprogramma, overal in de stad. Er waren muziekuitvoeringen, kinderspelen, zwem-, tennis- en voetbalwedstrijden, aubades, er was een parade, toneel en cabaret.’

    Hoe groot de tegenstellingen tijdens de naoorlogse periode waren, blijkt uit het verhaal van de Joodse cabaretière Stella Fontaine. Zij trad tijdens de bevrijdingsfeesten op, terwijl meer dan de helft van haar gezin was uitgemoord, al wist zij dit op dat moment misschien nog niet.

    ‘Dit moet op veel plaatsen wrang zijn geweest’, zegt Daniëls. ‘Er kwamen mensen terug uit concentratiekampen, en nabestaanden kregen te horen dat familieleden en vrienden waren omgekomen. Tegelijkertijd werd er voor je deur feest gevierd. Meerdere groepen verzetten zich dan ook tegen de vieringen en vonden het uiterst ongepast.”

    Het was dus niet voor iedereen een vrolijk feest.
    ‘Zeker niet. De oorlog had een enorme nasleep die zich op verschillende manieren manifesteerde. Zo gebeurden er met regelmaat ongelukken met achtergebleven landmijnen. Het verhaal van vier spelende kinderen die omkwamen door een landmijn in Limburg heeft mij het meest geraakt. Ik zocht contact met de overgebleven familieleden en merkte dat het ongeluk daar nog altijd leeft. Deze zomer is er voor de kinderen die 75 jaar geleden zijn omgekomen alsnog een monument opgericht. Het verhaal is altijd in de herinnering van deze mensen gebleven en dat geeft aan hoe de oorlog, hoewel lang geleden, nog altijd veel impact kan hebben.’

    “De Joodse cabaretière Stella Fontaine trad op tijdens de Bevrijdingsfeesten terwijl meer dan de helft van haar gezin was uitgemoord.”

    Op welke andere manieren kwam het leed van de oorlog die zomer naar boven?
    ‘Een pijnlijk aspect is de zuiveringsperiode, waarbij foute Nederlanders hardhandig werden aangepakt. Dat is op een vreselijk chaotische manier gebeurd en was vaak beladen met persoonlijk venijn. Een voorbeeld daarvan is de behandeling van ‘moffenmeiden’. Veel vrouwen hebben een trauma overgehouden aan die vernedering en hun kinderen werden nog jaren gepest. De maatschappij was wantrouwend en kampte met wraakgevoelens jegens landverraders. Iedereen vroeg zich af wie goed of fout waren geweest en hoe ze dit konden bewijzen. Achteraf bleek dat veel van de ‘zuiveraars’ zelf niet zuiver waren geweest.’

    ‘Moffenmeid’ ingesmeerd met pek

    De bevrijding zorgde dus niet bepaald voor verbroedering.
    ‘Precies. Het was ook ontzettend lastig om erachter te komen wie fout was geweest. Tijdens de bezetting werden studenten bijvoorbeeld verplicht om een loyaliteitsverklaring voor de Duitsers te ondertekenen, anders mochten ze niet doorstuderen. Veel studenten hebben dit toen maar gedaan, maar sympathiseerden in werkelijkheid niet met de Duitsers. Anderen hebben dit geweigerd en zijn ondergedoken uit angst naar Duitsland gestuurd te worden als dwangarbeiders. Aan het einde van de oorlog werd beide groepen iets verweten: de eerste omdat ze de verklaring hadden ondertekend, de tweede omdat ze waren ondergedoken maar geen daadwerkelijk verzet hadden gepleegd. Er was in alle opzichten een groot wantrouwen.’

    “Iedereen vroeg zich af wie goed en fout waren geweest in de oorlog, en hoe ze dit konden bewijzen.”

    Niet iedereen in Nederland kon natuurlijk meteen de vrijheid vieren. In hoeverre heeft dat de zomer van 1945 beïnvloed?
    ‘Dit is ook iets wat ik duidelijk wil maken in mijn boek: terwijl sommige delen van Nederland al bevrijd waren, was de oorlog lang niet overal voorbij. Ten eerste was het Zuiden ruim een half jaar eerder bevrijd dan het Noorden. Terwijl het Zuiden bezig was met de wederopbouw, stierven er in het Noorden nog mensen van de honger. Wat we ook niet moeten vergeten is dat de oorlog in Nederlands-Indië die zomer nog altijd aan de gang was. Ook de atoombommen die op Japan zijn gegooid droegen bij aan de dubbelzinnige sfeer van die zomer. Er stonden veel treurige berichten in de krant over gebeurtenissen in binnen- en buitenland. Neem Spijkenisse: daar brak in het begin van de zomer in 1945 tyfus uit waardoor het dorp in quarantaine moest en de bevrijdingsfeesten moesten worden uitgesteld.’

     

    Wim Daniëls

     

    Lessen voor vandaag

    Daniëls schrijft meer over Spijkenisse in zijn boek: ‘In 1989 had Spijkenisse een grote tentoonstelling over Spijkenisse en de Tweede Wereldoorlog. Daarbij konden bezoekers iets in een gastenboek zetten. Een tienjarig meisje schreef erin: “Oorlog interesseert mij niet.” Dat kun je, schrijft Daniëls, negatief uitleggen, maar net zo goed heel positief. ‘Wie geen interesse in oorlog heeft, zal er ook niet zo snel een beginnen.’

    “Ten tijde van crisis heb je mensen nodig die beslissingen durven nemen, en deze ook kunnen uitleggen.”

    Bent u door dit soort reacties niet bang dat jonge generaties zich de impact van de oorlog niet realiseren?
    ‘Tijdens het schrijven van mijn boek raakte ik ervan overtuigd dat we deze verhalen niet moeten kwijtraken. Ik ben daarom ook groot voorstander van de herdenking. Als we daarmee zouden stoppen gaan we te nonchalant om met historie. Het is onvoorstelbaar wat er in de Tweede Wereldoorlog allemaal is gebeurd, en daarop moeten we blijven wijzen tot in lengte van dagen. Het is een cliché: je moet naar de toekomst leven, maar daarbij moet je geleerd hebben van het verleden.’

     

    Wat kunnen we in zomers die nog komen gaan leren van de zomer van 1945?
    ‘Ten tijde van crisis heb je mensen nodig die beslissingen durven nemen, en deze ook kunnen uitleggen. In de zomer van ‘45 was dit Piet Lieftinck, de minister van Financiën. Hij heeft de zogenaamde geldzuivering op een standvastige manier doorgevoerd. Dit lukte hem doordat hij dingen goed kon uitleggen. Je kunt geen beleid voeren zonder draagvlak, en om draagvlak te creëren moet je je beslissingen uitleggen. Dit zie je ook bij persconferenties: als een besluit goed onderbouwd is, is er minder weerstand vanuit de samenleving.’

    ‘Wat ik wil dat mensen onthouden uit mijn boek is dat het een moeilijke zomer was. Dat wordt op de kaft al duidelijk, waarop een vrouw hoopvol, maar ook zorgelijk kijkt. Dat is het beeld dat domineerde: hoopvol en zorgelijk.’

     

    De zomer van 1945 verschijnt op 11 juni 2020.

    Wim Daniëls, De zomer van 1945

    Uitgeverij Thomas Rap, 288 p.

    Vanaf €11,99