Contact | Adverteren | Login | Lezersservice

Hitler en de Tweede Wereldoorlog

Door: Willem Melching

Hitler had in 1939 al veel meer bereikt dan zijn voorgangers. Toch daagde hij Engeland en Frankrijk uit en riskeerde hij een oorlog. Uit zijn boek Mein Kampf (1925) blijkt waarom hij de gok waagde.

Historisch Nieuwsblad 5/2014

Hitlers Russische roulette

Roosevelt en Stalin

Een onthullend portret van de historische samenwerking tussen twee wereldleiders   In dit belangrijke boek, gebaseerd op een schat aan nieuwe gegevens, wordt de opmerkelijke relatie tussen Roosevelt en Stalin tijdens de Tweede...

€ 39,99 | Koop nu

Hitler en de Eerste Wereldoorlog

De Eerste Wereldoorlog was de ‘oercatastrofe’ van de twintigste eeuw, al was het maar omdat hieruit de nog veel gruwelijker Tweede Wereldoorlog volgde. Zonder de persoon Hitler is het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in feite ondenkbaar. Hitler is de onmisbare schakel in de keten van rampen en gewelddadigheden die ook wel bekendstaat als de ‘korte twintigste eeuw’.
 

Hitler was onder meer actief aan het front bij Ieper, de Somme, Vimy en de Marne.

Maar zonder de Eerste Wereldoorlog zou Hitler een anoniem bestaan hebben geleid als mislukt kunstenaar en excentriek amateurpoliticus in de koffiehuizen van München. Hitler was onder meer actief aan het front bij Ieper, de Somme, Vimy en de Marne. Hij was ordonnans, maar kwam niet veel in de voorste linies; desondanks werd hij tweemaal onderscheiden met het IJzeren Kruis. In oktober 1918 raakte hij op het plateau van Wijtschate, ten zuiden van Ieper, gewond tijdens een gasaanval. Hij werd naar het militair hospitaal in Pasewalk in Pommeren gestuurd. Korte tijd later gaf het Duitse leger de strijd op.

Zijn belevenissen in de Eerste Wereldoorlog en het verlies van Duitsland inspireerden hem tot een politieke loopbaan. Het verhaal over zijn keuze voor de politiek en zijn politieke denkbeelden legde hij vast in Mein Kampf. In feite is dit boek een blauwdruk van de binnenlandse én de buitenlandse politiek van het Derde Rijk. Het boek is weinig systematisch gelezen en geanalyseerd. De vele leugens over zijn leven, de moeizame stijl en waardeoordelen over de inhoud staan een serieuze analyse veelal in de weg. Dat is jammer, want het is de belangrijkste bron van kennis over de nationaal-socialistische ideologie.
 

Mein Kampf

In Mein Kampf beschrijft Hitler hoe het Duitse verlies in 1918 hem in een geestelijke crisis stortte, die uiteindelijk tot een dieper inzicht zou leiden en waaruit hij als herboren zou verrijzen. Het is een klassieke, bijbelse bekeringsgeschiedenis. Het nieuws van de nederlaag bereikte hem terwijl hij verblind door een gasaanval in het ziekenhuis lag:
 

Het Duitse leger had niet echt verloren, maar was het slachtoffer geweest van verraad

‘Het werd weer zwart voor mijn ogen, en ik tastte en wankelde terug naar de slaapzaal, waar ik me op mijn bed neerwierp, en mijn brandende hoofd in deken en kussen drukte. Ik had niet meer gehuild sinds de dag dat ik aan het graf van mijn moeder had gestaan. […] In de daaropvolgende dagen begreep ik ook mijn eigen lot.’ Het Duitse leger had niet echt verloren, maar was het slachtoffer geweest van verraad, waardoor ‘de strijdende Siegfried uiteindelijk door de onverwachte dolkstoot viel’.
   
Over wie er schuldig waren aan dit verraad had Hitler weinig twijfels: ‘Keizer Wilhelm II was de eerste Duitse keizer geweest die de marxistische leiders de hand ter verzoening had toegestoken […] Met de Jood kan men geen enkel compromis sluiten. Tussen Jood en niet-Jood kan niets anders bestaan dan het onverbiddelijke gij of ik! Maar ik besloot politicus te worden.’
 

Communisme: een Joods complot

Het waren de marxisten die het verraad op hun geweten hadden: in Hitlers wereldbeeld was het socialisme niets minder dan een Joods complot. De fronten waren daarmee duidelijk gemarkeerd.
 

In Hitlers wereldbeeld was het socialisme niets minder dan een Joods complot   

Naast een ‘filosofische’ onderbouwing van het nationaal-socialisme analyseert Hitler in Mein Kampf de Duitse nederlaag in de Eerste Wereldoorlog. Met de lessen uit deze oorlog hoopte Hitler de volgende oorlog wél te winnen. Dat deze oorlog onvermijdelijk was, stond voor Hitler vast. In Mein Kampf analyseert hij de oorlogsdoelen, de juiste strategie en de mogelijke bondgenoten.
   
Het centrale begrip in Hitlers wereldbeeld is de natuur als bron van leven en ’strijd’. De mens is een biologisch wezen - dat was de les uit het darwinisme - met een overlevingsinstinct om zich voort te planten en strijd te leveren. Succesvolle groepen zullen andere groepen overheersen en uitroeien of tot slaaf maken.
 

Lebensraum en Raumpolitik

Hitler zag hierin een rol weggelegd voor industriële oorlogvoering: ‘De motorisering van de wereld zal in de volgende oorlog van doorslaggevende betekenis zijn. […] Daarmee krijgt de strijd het karakter van een slachting.’ Motoriseren en mechaniseren was dus het devies.
   

Hitler streefde niet naar grenscorrecties of verzoening, maar koos voor Raumpolitik

Succesvolle groepen groeien en hebben steeds meer voedsel en ruimte nodig. Hitler ging ervan uit dat er altijd een voedseltekort dreigde. Daarom moest een Volk over zo veel mogelijk Lebensraum beschikken om te kunnen overleven. Voldoende grondgebied was daarvoor de enige solide garantie. Een grote oppervlakte bood bovendien meer veiligheid. Geboortebeperking of emigratie was natuurlijk geen optie. Jaloers keek hij naar het grote aaneengesloten grondgebied van de Verenigde Staten, bevolkt met – onder meer – ondernemende en raszuivere Duitse immigranten.
   
Hitler koos voor een radicaal en origineel antwoord op het verlies van de oorlog. Hij streefde niet naar grenscorrecties of verzoening, maar koos voor Raumpolitik. Eerst zou hij afrekenen met Frankrijk; daarna had hij de handen vrij voor het veroveren van Lebensraum in het oosten. Dit was volgens hem de ultieme missie voor het Arische ras, want het veroveren van Lebensraum in de Sovjet-Unie zou hand in hand gaan met de vernietiging van het communisme en de Joodse samenzwering die daarachter zat.
   

Vrede van Versailles

Na de Vrede van Versailles in 1919 had Duitsland de keus tussen de ondergang en een laatste poging om een wereldmacht te worden, vond Hitler. Wanneer Duitsland geen nieuwe Lebensraum veroverde, zou het onder de lasten van Versailles en de groeiende bevolking bezwijken en afzakken tot de rang van landjes als Zwitserland of Nederland.
 

Duitsland wordt óf een wereldmacht, óf houdt op te bestaan

Dat zou ‘het einde zijn van een volk dat 2000 jaar lang de wereldgeschiedenis had gedomineerd’. Daarom waren er twee mogelijkheden: ‘Duitsland wordt óf een wereldmacht, óf houdt op te bestaan.’ Dat maakte de oorlog onvermijdelijk. Het was de laatste kans voor Duitsland. Hitler zette daarom hoog in.
 
De oorlogsdoelen waren helder. Nu was het zaak om er geschikte bondgenoten bij te zoeken. Over het doel van bondgenootschappen was hij trouwens heel duidelijk: ‘Allianties sluit je uitsluitend om oorlog te voeren.’
 

Ideale bondgenoten

Italië en Groot-Brittannië waren volgens Hitler de ideale bondgenoten. Hitler kreeg veel kritiek op zijn keuze voor Italië als bondgenoot. In rechts-nationalistische kring was de slechte behandeling van de Duitstalige bevolking in Zuid-Tirol door de Italianen verkeerd gevallen.
 

Hitler zag in Italië en Groot-Brittannië de ideale bondgenoten

Maar de onorthodoxe keus voor Italië had volgens Hitler juist veel voordelen. Niet alleen was Mussolini een geestverwant, vroeg of laat zouden de koloniale ambities van de Italianen ook botsen met die van Frankrijk. En dat zou in het voordeel van Duitsland werken. In de tweede plaats was het duidelijk dat Italië kwetsbaar was voor de Britse maritieme macht, en dat maakte het onontkoombaar om ook met Groot-Brittannië een verbond te sluiten.
   
Het verbond met Groot-Brittannië was de hoeksteen van Hitlers alliantiepolitiek. Om het vertrouwen van de Britten te winnen, moest Duitsland expliciet afstand nemen van elke vorm van maritieme en koloniale ambities. Hij voorzag een toekomst waarin de Britten ongestoord hun koloniale rijk konden beheren en waarin Duitsland een continentaal rijk in het oosten van Europa zou vestigen. Ook nam hij aan dat de Britten voldoende hekel hadden aan de Sovjets om Hitler in het oosten de vrije hand te geven.
   

Sovjet-Unie

Voor het geval Groot-Brittannië niet op een alliantie zou ingaan, had Hitler nog de Sovjet-Unie als mogelijke partner achter de hand. Dit was beslist niet zijn eerste keus, want er waren ook nadelen aan verbonden.
 

Met pragmatisme en improvisatievermogen wist Hitler zijn agenda te realiseren

Allereerst was de Sovjet-Unie de ideologische en raciale vijand. In de tweede plaats zou een alliantie door Frankrijk en Groot-Brittannië als een oorlogsverklaring worden opgevat. Bovendien was Rusland volgens Hitler technisch achterlijk en zou de bewapening in hoofdzaak door Duitsland moeten worden opgebracht. Een vierde nadeel was de onbetrouwbaarheid van de communistische machthebbers in de Sovjet-Unie. Overigens hield Stalin zich juist wel aan zijn afspraken: zonder de leveranties van de Sovjets zou Hitler de eerste jaren van de oorlog economisch niet eens hebben overleefd.
 
Op 30 januari 1933 kwam Hitler aan de macht. Al zijn grote beslissingen kunnen worden teruggevoerd op de praktische en ideologische overwegingen zoals vastgelegd in Mein Kampf. Het fascinerende aan Hitlers politiek is dat hij met groot pragmatisme en improvisatievermogen deze agenda wist te realiseren. Pas op het beslissende moment – de aanval op Polen in 1939 – maakte hij een fatale vergissing en stortte hij de wereld in een nieuwe oorlog.

 

De Volksgemeinschaft

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was het Duitse volk verdeeld en moest het honger en ontberingen verdragen. Dat was een van de voornaamste oorzaken voor de ineenstorting van Duitsland in 1918. Zodra Hitler aan de macht was, begon hij aan de opbouw van een bescheiden welvaartsstaat en het creëren van een sterk gemeenschapsgevoel.
 

Volgens Hitler was een raciaal homogeen volk weerbaarder dan een verdeeld volk

Vooral door de werkloosheid terug te dringen wist Hitler het grootste deel van de Duitsers achter zich te krijgen. De rassenwetten in 1935 moeten ook in dit kader worden gezien. Volgens Hitler was een raciaal homogene Volksgemeinschaft namelijk weerbaarder dan een verdeeld volk. Dat het Duitse volk tevreden was, blijkt wel uit het zeer geringe aantal politiek gevangenen tot september 1939 en het feit dat georganiseerd verzet vrijwel ontbrak.
   
Ook in de buitenlandse politiek was Hitler trefzeker en succesvol. Al op 3 februari 1933, dus slechts een paar dagen na de machtsovername, maakte Hitler de legertop duidelijk wat zijn bedoelingen waren: grootschalige herbewapening en daarna verovering van Lebensraum en de ‘rücksichtlose Germanisierung’ van Oost-Europa. De legerleiders gingen ervan uit dat het zo’n vaart niet zou lopen, maar later zou blijken dat zij een pact met de duivel hadden gesloten.
   

Anschluss met Oostenrijk

In 1934 deed Hitler een vergeefse poging tot Anschluß met Oostenrijk. De mislukking toonde aan dat zonder een bondgenootschap met Italië een annexatie van Oostenrijk er niet in zat. Hitler startte een diplomatiek charmeoffensief om Mussolini van zijn goede bedoelingen te overtuigen. In 1935 deed hij een aantal belangrijke stappen: hij brak alle regels van Versailles door de dienstplicht in te voeren en een vloot en een luchtmacht op te bouwen. Geheel volgens zijn verwachtingen waren de Britten en de Fransen bereid om deze stappen uiteindelijk te accepteren.
 

Hitler brak alle regels van Versailles door de dienstplicht in te voeren   

In 1936 maakte hij een einde aan een andere bepaling van Versailles: Duitse troepen trokken het Rijnland binnen. Volgens de afspraken viel dit gebied onder geallieerd toezicht en mochten er geen Duitse troepen komen. Maar door er toch soldaten te legeren, was de westgrens met Frankrijk een stuk makkelijker te verdedigen.

Uiteindelijk wist hij Mussolini ertoe over te halen afstand te doen van Zuid-Tirol. Het leverde een bondgenootschap op en maakte de weg vrij voor de Anschluß van Oostenrijk in maart 1938. Later in dat jaar ontketende hij een internationale crisis, die bijna op een oorlog uitliep. Na heftige onderhandelingen in München wist hij in september de Duitstalige minderheid in Tsjecho-Slowakije binnen de Duitse invloedssfeer te brengen.

 

De appeasement-politiek

Natuurlijk werd Hitler geholpen door de zogenoemde appeasement-politiek. De Fransen en de Britten krijgen nog steeds harde kritiek vanwege hun toegeeflijkheid, maar de werkelijkheid was toch iets ingewikkelder. In de eerste plaats was de publieke opinie na de gruwelen van 1914-1918 pacifistisch georiënteerd. In de tweede plaats had de integratie van Duitsland in de internationale gemeenschap prioriteit. Een Duits isolement zou immers tot niets leiden.
 

Een Duits isolement zou immers tot niets leiden

Na het aantreden van Hitler nam het optimisme over Duitsland aanzienlijk af, maar de geallieerden kozen toch voor appeasement in plaats van confrontatie, omdat het tijdwinst opleverde voor hun eigen bewapening. Wanneer een pacificatie van Duitsland op niets uitliep, zouden ze in elk geval goed bewapend zijn. Deze laatste overweging bleek de juiste te zijn. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog beschikten Frankrijk en Groot-Brittannië over een veel groter leger, dat ruim was voorzien van vliegtuigen en tanks.   


Een ‘gewone’ Duitse politicus zou in de herfst van 1938 uiterst tevreden zijn geweest met de resultaten van zijn politiek: vrijwel alle beperkingen van Versailles waren ongedaan gemaakt en grote groepen Duitsers waren Heim ins Reich gebracht.
 

Hitler: een gedreven ideoloog

Maar Hitler was geen gewone politicus; hij was een gedreven ideoloog. Deze zegetocht was voor hem niet meer dan een aanloop voor de grote sprong voorwaarts. In maart 1939 veroverde hij de resten van Tsjecho-Slowakije en richtte hij zijn vizier op Polen. Dit was veel meer dan een herziening van Versailles, en daarmee overspeelde hij zijn hand. De Britten en Fransen garandeerden nu de veiligheid van Polen.
 

Noodgedwongen greep Hitler nu naar de noodoptie: een verdrag met de Sovjet-Unie   

Uit de dagboeken van Goebbels blijkt dat Hitler zich in de loop van 1939 ernstig zorgen begon te maken. Duitsland stond op de rand van oorlog en hij had nog steeds geen bondgenootschap met de Britten. Noodgedwongen greep Hitler nu naar de noodoplossing: een verdrag met de Sovjet-Unie. Dat kwam op 24 augustus 1939 tot stand.
 
Dat hij rond 1942 een oorlog wilde beginnen stond voor Hitler sinds 1933 vast. Volgens zijn wereldbeeld had hij immers geen keuze. De basis onder Hitlers berekeningen was de veronderstelling dat Groot-Brittannië zich in een internationale crisis neutraal zou opstellen of zelfs een verbond met Duitsland zou sluiten. Tegen beter weten in dacht hij dat de Britten in geval van een oorlog genoegen zouden nemen met een maritiem imperium en het continent aan de Duitsers zouden overlaten.
 

Engelse oorlogsverklaring

Hitler leed aan zelfbedrog. Hij had uit de geschiedenis kunnen leren dat Groot-Brittannië nog nooit een fundamentele verandering van de status-quo op het vasteland had geaccepteerd. Hitler had zijn buitenlandse politiek op ideologisch drijfzand gebouwd en stortte op 1 september Duitsland en de rest van de wereld in een oorlog.
 

Toch was de schok bij Hitler groot toen de Britten de oorlog verklaarden   

Toch was de schok bij Hitler groot toen de Britten hem op 3 september 1939 inderdaad de oorlog verklaarden. Zijn cheftolk Paul Schmidt beschrijft het in zijn memoires als volgt:

‘Toen ik klaar was met de vertaling [van de oorlogsverklaring] was het doodstil. […] Hitler zat als versteend en staarde voor zich uit. Hij was niet in paniek, zoals sommigen beweren; hij ging ook niet tekeer, zoals anderen menen te weten. Hij zat volkomen stil en bewegingloos op zijn plek. Na een tijdje, dat een eeuwigheid leek te duren, wendde hij zich tot Ribbentrop, die als verlamd bij het raam was blijven staan. “Wat nu?”  vroeg Hitler […] Göring draaide zich om en zei tegen mij: “Wanneer we deze oorlog verliezen, dan moge de hemel ons bijstaan.”’
 

Dezelfde fouten als zijn voorgangers   

De Tweede Wereldoorlog was voor het Duitse Rijk politiek al verloren voordat hij militair goed en wel was begonnen. Want Hitler ging de oorlog in zónder een verdrag met de Britten. Maar hij maakte het nog erger. In de zomer van 1940 verloor Duitsland de Battle of Britain. Desondanks verklaarde hij in juni 1941 de Sovjet-Unie de oorlog en stapte hij willens en wetens in een tweefrontenoorlog. In december verklaarde hij zelfs de oorlog aan de Verenigde Staten. Op het eerste gezicht een onlogische stap, maar het paste in Hitlers wereldbeeld: na de overwinning in Europa was de eindstrijd met de Verenigde Staten om de Weltherrschaft onvermijdelijk.
   

De oorlog was voor Duitsland politiek al verloren voordat hij militair was begonnen

Ondanks zijn realistische analyses maakte Hitler dezelfde fouten als zijn voorgangers in 1914: hij had géén verbond met Groot-Brittannië, hij was in een tweefrontenoorlog terechtgekomen en wist dat hij de oorlog menselijkerwijs gesproken niet kon winnen. Ideologische blindheid had het gewonnen van de Realpolitik. Omdat hij zich niet aan zijn eigen principes had gehouden was Hitlers spelletje quitte of dubbel uitgelopen op een potje Russische roulette.
 

Meer weten

Mein Kampf verscheen in twee delen in 1925 en 1926. Er werden meer dan 10 miljoen exemplaren van verkocht. Inmiddels is, na het vervallen van het copyright, een wetenschappelijke editie verschenen. Hitlers Zweites Buch uit 1928 is niet tijdens zijn leven gepubliceerd. Het gaat over de buitenlandse politiek en de kwestie-Zuid-Tirol.
   
Er zijn weinig studies over Hitler als ideoloog. Een bekende uitzondering is Eberhard Jäckel, Hitlers Weltanschauung. Entwurf einer Herrschaft (1969). Zeer bruikbaar is Barbara Zehnpfennig, Adolf Hitler: Mein Kampf. Studienkommentar (2011). Hitlers oorlogsbelevenissen zijn kritisch geanalyseerd in Thomas Weber, Adolf Hitler en de Eerste Wereldoorlog (2011). Willem Melching schreef Hitler. Opkomst en ondergang van een Duits politicus (2013).

De afdaling in de hel

Het grootse overzicht van de eerste helft van de 20e eeuw, door Ian Kershaw De afdaling in de hel – Europa 1914-1948 is een poging te begrijpen hoe Europa gedurende de eerste helft van de gewelddadige en turbulente 20e eeuw in een afgrond kon...

€ 39,99 | Koop nu

Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief

Hitler

Wie was Hitler? Wat waren zijn ideeën? Hoe kwam hij aan de macht? Waarom stond vrijwel het hele Duitse volk als één man en vrouw achter hem? In plaats van speculaties over de psychopaat Hitler plaatst Willem Melching de politicus Hitler in de...

€ 15,00 | Koop nu

Gouden Eeuw

Eerste Wereldoorlog

Tweede Wereldoorlog

VOC

Middeleeuwen