Contact | Adverteren | Login | Klantenservice | Privacy
Log in
Wachtwoord vergeten
maandag 19 maart 2018

​‘“Het verzet” bestaat niet’

Bas Kromhout over zijn essay Beelden van verzet

Door: Anne Burgers
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Al sinds de bevrijding gebruiken en misbruiken diverse politieke groepen de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog en het verzet. Dat toont historicus Bas Kromhout aan in zijn essay Beelden van verzet. Hoe elke generatie anders omgaat met het verzetsverleden. Kromhout is redacteur bij Historisch Nieuwsblad en auteur van diverse boeken, waaronder een biografie van Nederlandsche SS-voorman Henk Feldmeijer. In opdracht van het Nationaal Comité 4 en 5 mei onderzocht hij hoe men in Nederland en Europa naar de oorlog en het verzet tegen de nazi’s keek in de afgelopen 73 jaar. ‘De polarisatie is helemaal terug.’

Al gelijk na de bevrijding zetten diverse regeringen het verzet uit de oorlog in als politiek instrument. Hoe en waarom deden ze dit?
‘De oorlog veroorzaakte een breuk in de continuïteit van de politiek in de bezette landen. In Oost-Europa keerden de oude regimes niet meer terug: de communisten die daar aan de macht kwamen waren niet populair en hadden een verhaal nodig om hun gezag te legitimeren. Zo presenteerden ze zichzelf als de leiders en erfgenamen van het verzet tegen de nazi’s.
 
Ook in het westen, waaronder Nederland, moesten regeringen zich rechtvaardigen. Veel Nederlanders waren verbolgen over Wilhelmina’s vlucht naar Londen. Haar toespraken op Radio Oranje zouden echter een voortzetting van het verzet zijn geweest – hiermee inspireerde ze tenslotte veel mensen – en werden zo na de oorlog ingezet als legitimatie van haar positie.’
 
Welk effect hadden de Koude Oorlog en de verzuiling op de oorlogsherinnering?
‘In eerste instantie probeerde men om eenheid uit te stralen. De oorlog zou het volk nauwer aaneen hebben gesmeed; politieke verschillen zouden zijn weggevaagd door de strijd tegen een gezamenlijke vijand.
 


Maar toch werden zowel in de politiek als in de herinneringsuitingen de oude zuilen weer opgetrokken. Dit wordt het meest duidelijk uit de tegenstelling tussen de communisten en de rest. De herinnering aan het verzet werd een onderdeel van de politieke strijd: wie mocht het verzet claimen? Communisten zagen het fascisme als een voortzetting van het kapitalisme. In hun ogen was het verzet antifascistisch en ging de strijd na de oorlog gewoon door: ook het kapitalisme moest vernietigd worden. Maar sociaaldemocraten en rechtse groepen beschouwden het communisme als totalitaire ideologie, net als het fascisme. Zij hadden in de oorlog gevochten voor vrijheid en democratie en zouden dat gevecht voortzetten in hun strijd tegen de communisten.’
 
In de jaren zestig begon het idee dat alle Nederlanders verzetshelden waren geweest te kantelen en maakte plaats voor een pessimistisch beeld. Wat veroorzaakte deze verandering?
‘Deze kanteling hing samen met de grote culturele omslag van die tijd, jongeren kwamen in verzet tegen hun ouders. Ook werd het relatieve zwijgen over de Holocaust doorbroken. Tot dan toe speelde de Jodenvervolging nauwelijks een rol in de herinnering aan de oorlog: de verzetshelden hadden gestreden voor het socialisme of voor het vaderland. Ook op 4 en 5 mei stonden de vervolgden niet centraal. De nieuwe generatie stelde ongemakkelijke vragen: hoe kon het dat er zoveel Joden waren weggevoerd uit Nederland, waarom is dit niet voorkomen?
 
Nederland was hierin een gidslandje want hier vond deze omslag vroeger plaats dan in bijvoorbeeld Italië en Denemarken. Er ontstond een pessimistisch verhaal: de meeste mensen waren laf geweest en hebben zich aangepast. Slechts een handvol had zich aangesloten bij het verzet en die groep werd op een voetstuk geplaatst.’
 

'De oorlogsherdenking en de beelden van verzet zeggen weinig over de oorlog zelf'

Vervolgens ontstond er een humanistisch beeld, schrijf je. Wat bedoel je daarmee?
‘Door de Holocaust centraal te stellen werd er gekeken naar andere motieven om deel te nemen aan het verzet dan vaderlandsliefde of antifascisme. Vanaf de jaren zeventig ontstond het beeld dat het verzet zich bekommerde om zijn naasten, dat verzetslieden hun leven riskeerden vanuit medemenselijkheid en om op te komen voor mensenrechten. Dit beeld is nog altijd sterk aanwezig in de herinneringsuitingen.’
 
In 1975 schafte de Franse president Giscard d’Estaing de jaarlijkse herdenking af om de banden met West-Duitsland aan te halen. Een opmerkelijk voorbeeld, maar je schetst meer van zulke situaties. Welke rol spelen de tijdgeest en politieke belangen in de oorlogsherdenking en de kijk op het verzet?
‘Door dit onderzoek ben ik ervan overtuigd geraakt dat de oorlogsherdenking en de beelden van verzet vooral iets zeggen over de huidige maatschappij en weinig over de oorlog zelf. Als je de ontwikkelingen in verschillende Europese landen vergelijkt, blijkt dat de herinnering afhankelijk is van het politieke klimaat. Op het moment dat mensen zich beroepen op het verzet om een maatschappelijk punt te maken nemen ze een aspect van het verzet dat hun opvatting onderbouwt en laten ze de rest van de feiten links liggen. Dat is niet perse fout maar zo vertel je niet het hele verhaal.
 
Feit is dat “het verzet” niet bestaat. Verzetsstrijders waren politiek en religieus divers, ze hadden verschillende toekomstvisies en verschillende motieven. De een deed mee omdat er acuut een onderduiker opgenomen moest worden, de ander stortte zich in het verzet omdat hij de Nederlandse soevereiniteit wilde herstellen. Na de oorlog was er dan ook grote verdeeldheid onder oud-illegalen: sommigen waren bijvoorbeeld fel gekant tegen de oorlog in Indonesië, terwijl anderen uit volle overtuiging naar Indonesië afreisden om tegen de Republiek te vechten. Er was absoluut geen sprake van een homogene groep.’
 
Is die politieke invloed op de oorlogsherinnering nu nog zo groot?
‘Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie leek het alsof de grote vraagstukken waren opgelost. Maar sinds de opkomst van Fortuyn en de aanslagen van 11 september is de polarisatie helemaal terug. Ieder jaar zijn er conflicten rond oorlogsherdenkingen en worden er allerlei alternatieve bijeenkomsten georganiseerd: een Dodenherdenking voor vluchtelingen of een herdenking van de Kristallnacht die dient als protest tegen discriminatie in het algemeen. Populistisch-rechts zet het verzet in om een nationalistisch verhaal te onderbouwen. Ook lokale herdenkingen gaan soms gepaard met ruzie, bijvoorbeeld door de vraag of er wel of niet langs Duitse graven mag worden gelopen.’
 

'Mensen willen geen nuchtere beschouwing van de feiten'

Welke rol spelen historici in de herdenking van de oorlog en de kijk op het verzet?
‘Historici die nuchter kijken naar de Tweede Wereldoorlog zijn een vrij recent verschijnsel. Hans Bloms oratie uit 1983, In de ban van goed en fout?, was een oproep tot professionalisering van de geschiedwetenschap. Onderzoekers als Ismee Tames proberen de oorlog te depolitiseren en er neutraal naar te kijken. Dat is aardig voor academici maar bij het grote publiek slaat zo’n benadering niet aan. Mensen willen geen nuchtere beschouwing van de feiten.’
 
Hoe ziet de toekomst van het herdenken eruit?
‘De huidige polarisatie lijkt vooralsnog niet ten einde te komen. Is er nog een verhaal waarin iedereen zich herkent en waarvoor iedereen bij een monument wil staan? Wat blijft er over van het “echte” verhaal van de oorlog in de herdenking? En hoe lang blijf je een oorlog herdenken?’


Het essay Beelden van verzet van Bas Kromhout is verkrijgbaar bij verschillende musea. Ook kunt u het hier gratis downloaden.

Bas Kromhout houdt een lezing over het verzet in de oorlog en het kanteljaar 1943 tijdens de Collegedag Tweede Wereldoorlog, op maandag 7 mei 2018 in Beeld en Geluid.

 

Welkom bij Historisch Nieuwsblad!

Maak nu gratis kennis met de journalistiek van Historisch Nieuwsblad. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ons archief voor u gebundeld. Lees bijvoorbeeld welke kant van Martin Luther King Amerika liever vergeet, waarom de Slag om Arnhem faliekant mislukte en hoe Willem van Oranje slim gebruikmaakte van propaganda.