Contact | Adverteren | Login | Klantenservice | Privacy
Log in
Wachtwoord vergeten
donderdag 10 november 2011

‘Witte wetenschap versus zwarte emotionaliteit’

Debat over 'De Slavernij' soms fel



10 november 2011 | Marloe van der Schrier

De NTR-serie De Slavernij trok gemiddeld 650.000 kijkers per uitzending. ‘Ondanks alle kritiek op de serie ben ik erg blij met het resultaat,’ zegt eindredacteur Carla Boos bij aanvang van het debat.
Voor Boos is het doel van de serie bereikt, voor veel mensen die op het debat zijn afgekomen niet. De manier waarop het Nederlandse slavernijverleden in de serie is gepresenteerd leidt tot kritiek en oplopende emoties onder het grotendeels Surinaamse en Antilliaanse publiek.

Ook debatleider Prem Radhakishun lijkt dit te hebben onderschat. Binnen afzienbare tijd heeft historicus Leo Balai, recent gepromoveerd op de ramp met het slavenschip Leusden, de debatleider gecorrigeerd: ‘Het is een gevoelig onderwerp, en ik wil vragen of u hier niet te luchtig en grappig over wilt doen.’

Historica Patricia Gomes heeft zich geërgerd aan een uitspraak van hoogleraar zeegeschiedenis Henk den Heijer, dat er in het Nederlandse slavenfort Elmina aan de Ghanese kust hoogstwaarschijnlijk geen verkrachtingen hebben plaatsgevonden. ‘De heer Den Heijer gaat uit van gezond verstand en moreel gedrag. Dit sluit niet aan bij de feiten,’ zegt Gomes. ‘De feiten wijzen op een repressief systeem met ongelijke machtsverhoudingen. En dus zijn verkrachtingen zeer waarschijnlijk.’ Den Heijer blijft echter bij zijn standpunt: ‘Bronnen over verkrachtingen zijn er niet, dus is er geen bewijs. We moeten oppassen dat emoties niet als feiten worden gezien. Een gastenboek in Elmino staat vol met emoties die als feiten worden weergegeven. Het is de witte wetenschap versus de zwarte emotionaliteit.’ Deze laatste uitspraak leidt tot verontwaardiging onder de aanwezigen.

Gert Oostindie, hoogleraar Caribische geschiedenis aan de Universiteit Leiden, probeert een tussenweg te vinden. ‘Een historicus moet zoveel mogelijk bij de feiten blijven, maar dit gevoelige onderwerp moet wel met respect behandeld worden. En de serie doet dat ook volgens mij.’ Maar later in het debat zegt Oostindie: ‘Maatschappelijk is de serie goed, maar ik denk dat de serie zich soms niet voldoende bewust is van de emoties.’ Oostindie, die als historisch adviseur bij de totstandkoming van De Slavernij betrokken was, liet zich onlangs in de Volkskrant kritisch over de serie uit.

Volgens Roy Groenberg, voorzitter van de Stichting Eer en Herstel, is het ‘oneerlijk als blanke mensen schrijven over slavernij.’ Hij trekt de vergelijking met Duitsers die schrijven over de Jodenvervolging – ook dat zou niet juist zijn. Vanuit het publiek wordt gesteld dat de wetenschap moet worden ‘gedekoloniseerd’. Een groot probleem voor historici blijkt een gebrek aan ‘zwarte’ bronnen. Gomes: ‘De serie laat precies zien in welke fase we zitten. Blanke historici geven toe dat het zwarte gedeelte in de geschiedenis mist. De fout is dat ze dat gedeelte nog zelf invullen.’