Contact | Adverteren | Login | Klantenservice | Privacy
Log in
Wachtwoord vergeten
Historisch Nieuwsblad 3/2018

Miklós Horthy (1868-1957)

Een Hongaarse held

Door: Ivo van de Wijdeven
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Net als in 2010 en 2014 behaalde de Fidesz-partij van premier Viktor Orbán bij de Hongaarse verkiezingen van april 2018 een grote overwinning. Orbán heeft de touwtjes stevig in handen. Zijn ‘illiberale staat’ vertoont grote gelijkenis met de ‘geleide democratie’ die Hongarije tussen 1920 en 1944 onder regent Miklós Horthy was.

De rest van Europa is het alweer vergeten, maar in Hongarije is het na de Eerste Wereldoorlog gesloten Verdrag van Trianon nog springlevend. Nog steeds treuren Hongaren om het grondgebied dat ze in 1920 moesten afstaan aan hun buurlanden. Overal in Hongarije, op posters, T-shirts en ansichtkaarten, kom je afbeeldingen van ‘Groot-Hongarije’ tegen.

Een politicus die dit ideaal een stukje dichterbij weet te brengen, kan rekenen op grote populariteit. Ook premier Viktor Orbán speelt daar slim op in, onder meer door stemrecht te gunnen aan de 2,5 miljoen Hongaren die door ‘de schande van Trianon’ in de buurlanden wonen. Op hun stem kan hij in elk geval rekenen. Voor regent Miklós Horthy, die tussen 1920 en 1944 regeerde over het Koninkrijk Hongarije, moest alles wijken om dat verdrag ongedaan te maken. Een portret in vijf delen.
 

Admiraal zonder vloot

Miklós Horthy werd in 1868 geboren in een familie van kleinere Hongaarse grootgrondbezitters. Een jaar voor zijn geboorte was een vurige wens van de conservatieve Hongaarse elite verhoord door de Habsburgers: met de Ausgleich werd de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije gevormd, een losse federatie van het keizerrijk Oostenrijk en het koninkrijk Hongarije. De Oostenrijkse keizer Frans Jozef was ook koning van Hongarije. Buitenlandse politiek en de krijgsmacht waren federale materie. Gemeenschappelijke instituten kregen het predikaat Kaiserlich und königlich of k.u.k. mee.
 

Tekst loopt door onder afbeelding.

Op 17 november 1918 staat een juichende massa voor het parlement in Boedapest: Hongarije heeft zich onafhankelijk van Oostenrijk verklaard.


​Horthy maakte de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie van begin tot einde mee. De eerste vijftig jaren van zijn leven brachten hem van het bescheiden Kasteel Horthy in het landelijke Kenderes naar het uitbundige keizerlijke Paleis Schönbrunn in het mondaine Wenen. Dankzij de goede connecties van zijn vader, die de Ausgleich een warm hart toedroeg, maakte Miklós Horthy carrière in de k.u.k.-marine. In 1909 schopte hij het tot adjudant van Frans Jozef.

Horthy verkeerde in de hoogste kringen van de dubbelmonarchie, maar in 1914 kwam er met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog een einde aan het gelukkige leventje van Horthy aan het keizerlijk hof. Gedurende de oorlog kon de Oostenrijks-Hongaarse marine maar weinig uitrichten, omdat de Entente met succes de Straat van Otranto blokkeerde – en alleen via deze zeestraat tussen Italië en Albanië kon de marine uitvaren. Hoewel een poging van Horthy om de blokkade te doorbreken mislukte, werd hij gevierd als ‘de Held van Otranto’ omdat er achttien vijandelijke schepen tot zinken waren gebracht. Het leverde hem een benoeming tot opperbevelhebber van de vloot op.

Tekst loopt door onder afbeelding.

In 1919 roepen de sociaal-democraten en communisten onder Béla de Hongaarse Radenrepubliek uit.

Heel lang kon de nieuwbakken admiraal daar niet van genieten: in de zomer van 1918 spatte de dubbelmonarchie na een paar gevoelige nederlagen uiteen. De verschillende volkeren die eeuwenlang waren geregeerd vanuit Wenen gingen hun eigen weg. De Slovenen en Kroaten vormden samen met Serviërs het Koninkrijk Joegoslavië. De Tsjechen en de Slowaken - die woonden in de Oostenrijkse provincies Bohemen, Moravië en Silezië, en de Hongaarse provincie Slowakije - vormden de Tsjecho-Slowaakse Republiek. Ook Oostenrijk en Hongarije werden echt onafhankelijk. De Oostenrijks-Hongaarse havensteden lagen voortaan in het Koninkrijk Joegoslavië: Horthy werd een admiraal zonder vloot.
 

De verlosser

De Held van Otranto keerde terug naar het familielandgoed in Kenderes, waar hij de dramatische ontwikkelingen in Hongarije via de kranten volgde. De buurlanden van Hongarije maakten van de naoorlogse chaos gebruik om grondgebied op te slokken. Steden als Kassa, Poszony, Koloszvár en Temesvár kwamen in handen van volkeren die de Hongaren altijd als politiek en cultureel minderwaardig hadden beschouwd en kwamen voortaan als Košice, Bratislava, Cluj-Napoca en Timișoara op de kaart te staan. De Hongaren konden hier niets tegenover zetten.
 
Als wraak voor de 'rode terreur' zaaien officieren 'witte terreur'
Tot afgrijzen van de aartsconservatieve Horthy namen de communisten en sociaal-democraten de macht over. In maart 1919 riepen zij onder aanvoering van Béla Kun de Hongaarse Radenrepubliek uit. Alles van enige waarde werd genationaliseerd: niet alleen winkels, bedrijven en grondbezit, maar ook juwelen, paarden en postzegelverzamelingen. Privébezit was voortaan taboe, net als religie. Vooral op het platteland was de weerstand van gelovige boeren tegen de atheïstische communisten uit Boedapest groot. De communisten grepen naar terreur: bendes van ‘Lenin-jongens’ terroriseerden tegenstanders van het regime. Dat bezweek na 133 dagen toen het Roemeense leger Boedapest veroverde.

Admiraal Horthy was niet de enige die dit allemaal met lede ogen aanzag. Conservatieve Hongaarse aristocraten en rechts-radicale militairen uit het k.u.k.-leger vormden een ‘christelijk-nationale’ tegenregering die streefde naar het herstel van het Koninkrijk Hongarije. Horthy was als een van de weinige Hongaarse oorlogshelden het ideale boegbeeld. Hij werd gevraagd als opperbevelhebber van het nieuwe Nationale Leger.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Horthy aan het roer.

De eerste taak? Orde scheppen in de chaos. Dat ging met harde hand. Als wraak voor de ‘rode terreur’ zaaiden zogeheten speciale officiersdetachementen ‘witte terreur’. Aangezien er relatief veel Joodse communisten waren, kreeg de witte terreur ook een sterk antisemitisch karakter. Volgens schattingen vonden tussen 2000 en 5000 mensen de dood, terwijl de communisten bijna 600 doden op hun geweten hadden.



Nadat het Nationale Leger toestemming had gekregen van de Entente om op een regenachtige zondag Boedapest binnen te trekken, ging Horthy in zijn admiraalsuniform op een wit paard voorop. Zijn imago als verlosser werd zorgvuldig gecultiveerd. Posters met zijn portret of van hem met twee handen aan een scheepsroer met het woord ‘Horthy’ eronder waren alomtegenwoordig.
 

De sterke man

Op 1 maart 1920 werd Horthy regent van het Koninkrijk Hongarije. Het land was rijp voor de machtsovername. De Hongaren waren gedemoraliseerd door het gebiedsverlies en getraumatiseerd door de 133 dagen van de Radenrepubliek. De economie was totaal ingestort en in de chaos heerste wetteloosheid, waardoor de bestaansonzekerheid groot was. De politiek was verdeeld. Horthy was de sterke man naar wie veel Hongaren snakten en ook de Entente was bereid de witte terreur door de vingers te zien in ruil voor een stabiel en anticommunistisch Hongarije aan de oostgrens van Europa. Belangrijker nog was de steun van de conservatieve elite, bestaande uit de drie-eenheid van industrieel en financieel magnaten, adel en de kerk.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Na het vertrek van de Roemeense bezettingstroepen in 1919 presenteert Horthy zich als leider.

Het was het begin van een regentschap dat meer dan 24 jaar zou duren. In die periode versleet de regent een groot aantal premiers, maar het tienjarige premierschap van graaf István Bethlen – de ultieme vertegenwoordiger van de conservatieve elite – vormde een uitzondering. Horthy vertrouwde op Bethlens expertise en gaf hem als ‘rentmeester’ carte blanche. Wat Hongarije volgens Bethlen nodig had was een ‘geleide democratie’ die het ‘leiderschap van de intelligente klassen’ zeker stelde. Hij smeedde een Eenheidspartij, en dankzij wat aanpassingen in de kieswet kon die altijd op een parlementaire meerderheid rekenen. Die gebruikte Bethlen om Hongarije weer salonfähig te maken. Terreur en extremisme waren voortaan taboe, zowel ter linker- als ter rechterzijde van het politieke spectrum.
 
Van de 10 miljoen Hongaren leven er 3 miljoen buiten de grenzen
Bethlen stabiliseerde ook de overheidsuitgaven. Hij maakte een einde aan het onbeperkt geld bijdrukken, waardoor de torenhoge inflatie daalde. Het vertrouwen in de Hongaarse economie keerde terug. Ook internationale investeerders wisten het land te vinden. Vooral een aantal grote buitenlandse leningen die Bethlen wist los te peuteren vormden een zeer welkome stimulans voor de economie. Het vooroorlogse Koninkrijk Hongarije leek in ere hersteld.
 
Koning wilde Horthy pertinent niet worden. Hoewel hij tot twee keer toe de terugkeer van de Habsburgers op de Hongaarse troon tegenhield, beriep hij zich enigszins paradoxaal op de eed van trouw die hij aan zijn oude meester Frans Jozef had afgelegd. Daarom bleef Horthy ook altijd zijn admiraalsuniform dragen.
 

De schande van Trianon

Het Koninkrijk Hongarije was na de Eerste Wereldoorlog gekrompen van 282.000 tot 93.000 km2. Van de 10 miljoen Hongaren waren er 3 miljoen als minderheid net buiten de grenzen van Hongarije terechtgekomen. Ook economisch had het land een zware klap gekregen: vijf van de tien grootste steden waren verloren gegaan, net als een belangrijk deel van het spoorwegnet en cruciale industrie- en mijnbouwgebieden.
 
Benito Mussolini en Adolf Hitler spraken openlijk hun steun uit voor herziening van het Verdrag van Trianon.
Dit alles was op 4 juni 1920 vastgelegd in het Verdrag van Trianon. De Hongaren waren diep verontwaardigd. Zij vonden dat er met twee maten werd gemeten. De Amerikaanse president Wilson had in Veertien Punten zelfbeschikkingsrecht voor alle volkeren vastgelegd – een belangrijke basis voor de naoorlogse vredesverdragen –, maar dat leek wel voor de nieuwe buren en niet voor hen te gelden. Boedapest ging getooid in zwarte vlaggen tijdens drie dagen van nationale rouw vanwege de ‘schande van Trianon’.

Tekst loopt door onder afbeelding.
In 2000, tachtig jaar na het Verdrag van Trianon, protesten Hongaren tegen het verlies van een groot deel van hun land. 
 
Horthy zocht tijdens zijn hele regentschap naar mogelijkheden om het verdrag goedschiks of kwaadschiks ongedaan te maken. Uit vrees voor Hongaars revanchisme vormden Tsjecho-Slowakije, Roemenië en Joegoslavië een bondgenootschap dat bekend zou komen te staan als de Kleine Entente. De ‘grote’ Entente bleef doof voor verzoeken van Horthy.

Benito Mussolini en Adolf Hitler spraken wel openlijk hun steun uit voor herziening van het Verdrag van Trianon. Op lucratieve handelsverdragen volgden vriendschapsverdragen. Uiteindelijk lieten Duitsland en Italië vanaf 1938 ook de Hongaarse wens in vervulling gaan.

In twee zogeheten Scheidsrechterlijke Uitspraken wezen zij Zuid-Slowakije en het Roemeense Noord-Transsylvanië toe aan Hongarije. En in 1941 bezette het Hongaarse leger in het kielzog van de Duitse Wehrmacht een deel van Joegoslavië. Het Koninkrijk Hongarije groeide tot 172.000 km2 en Horthy’s populariteit als ‘gebiedsuitbreider’ was op zijn hoogtepunt. Als overtuigd anticommunist stemde hij in met het verzoek van Hitler om Hongaarse deelname aan Operatie Barbarossa: de invasie van de Sovjet-Unie.


Flirt met het fascisme

De Hongaarse fascinatie met de ‘schande van Trianon’ was de belangrijkste reden om aan Duitse zijde de Tweede Wereldoorlog in te gaan. Maar het was ook een logisch gevolg van de flirt met het fascisme die Horthy in de jaren dertig was aangegaan. Tijdens de Bethlen-jaren was het niet al goud wat er blonk. De inkomensongelijkheid was groot en de conservatieve elite achtte sociaal-economische hervormingen onnodig. Hongarije bleef een landbouweconomie, die dreef op de graanexport.

Tekst loopt door onder afbeelding

In 1938 brengt Horthy (links) een bezoek aan Duitsland. Adolf Hitler heeft begrip voor de territoriale claims van Hongarije. In 1941 krijgt het land er grote gebieden bij. Maar na de Tweede Wereldoorlog moet Hongarije die toch weer afstaan. 

Toen die wegviel door de Grote Depressie kwam Hongarije in zwaar weer terecht. Om de crisis te lijf te gaan was Horthy bereid tot een ruk naar rechts. In 1932 moest Bethlen als premier plaatsmaken voor de rechts-radicale en fel antisemitische militair Gyula Gömbös. Hoewel die overleed voordat hij zijn op fascistische leest geschoeide hervormingsprogramma kon uitvoeren, was de geest wel uit de fles. In de laatste jaren voor de Tweede Wereldoorlog kozen zijn opvolgers als premier voor een populistische koers. De Joodse gemeenschap kreeg de schuld van de economische problemen. Hongarije kroop ook politiek-maatschappelijk steeds dichter naar nazi-Duitsland toe.

Horthy liet het als regent allemaal gebeuren. Maar terwijl hij in 1919 de witte terreur nog had beschreven als een noodzakelijke ‘stalen bezem’ en de eerste Europese antisemitische wetgeving in het interbellum had ondertekend, deinsde hij naarmate de krijgskansen keerden terug voor de eisen die Hitler stelde aan zijn bondgenoot. Horthy weigerde samen te werken met de fascistische Hongaarse Pijlkruisers en traineerde deportaties van Joden in Hongarije. Na de nederlaag bij Stalingrad smeekte hij Hitler om het Hongaarse leger te mogen terugtrekken.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Een postzegel ter herdenking van Miklós Horthy.

In 1944 had Hitler genoeg van zijn wispelturige bondgenoot. Hongarije werd onder direct Duits bestuur geplaatst. In amper twee maanden werden 437.402 Joden afgevoerd naar Auschwitz. Horthy mocht in eerste instantie aanblijven als regent, maar toen hij de deportaties na lang dralen liet stoppen en in het geheim onderhandelde over een wapenstilstand, werd hij gedwongen om af te treden. De Pijlkruisers vochten aan Duitse zijde door tot het bittere eind. Hongarije behoorde opnieuw tot de verliezers: de grenzen van Trianon werden na de Tweede Wereldoorlog in ere hersteld. 
 
Ivo van de Wijdeven is historicus en politiek analist.

Meer weten:
Miklós Horthy. Ungarn 1918-1944 (2006) van Thomas Sakmyster.
Hungary in the Age of the Two World Wars (2007) van Mária Ormos.
The Hungarians. 1000 Years of Victory in Defeat (2003) van Paul Lendvai.