Contact | Adverteren | Login | Klantenservice | Privacy
Log in
Wachtwoord vergeten
Historisch Nieuwsblad 1/2011

De charmes van Cleopatra

Relatie met Romeinse machthebbers was veiligheidsgarantie

Door: Anton van Hooff
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.
‘Een allesbehalve onderdanig vrouwspersoon,’ zo karakteriseert Horatius Cleopatra in het gedicht waarmee hij de overwinning van Octavianus – de latere Augustus – op Marcus Antonius en zijn Egyptische bond- en bedgenote bejubelt. Door haar zelfdoding ontnam ze de overwinnaar het plezier haar op zijn triomftocht geketend door Rome te voeren. Stacy Schiff stemt in met het beeld van een doel- en zelfbewuste vorstin dat in de wetenschappelijke literatuur gemeengoed is, terwijl ze in toneelstukken, romans en films als een manzieke verleidster wordt neergezet.
Supermacht Rome had steeds meer greep gekregen op het Egypte van de Ptolemeeën, het vorstengeslacht dat zich na de dood van Alexander de Grote meester had gemaakt van het rijkste deel van diens kortstondige wereldrijk. In de 22 jaar die ze aan de macht was, wist Cleopatra met alle middelen die haar ten dienste stonden Egypte betrekkelijk onafhankelijk te houden. Bij gebrek aan militaire krachten zette ze daarvoor haar rijkdom en charmes in. Naar de muntportretten te oordelen was ze niet knap, maar ze wist door haar persoonlijkheid eerst Julius Caesar en na diens dood Marcus Antonius voor zich te winnen, relaties die respectievelijk ‘Caesartje’ (Caesarion) en drie kleintjes van Marcus opleverden.

Deze banden met de Romeinse machthebbers zag Cleopatra als een veiligheidsgarantie. Van hun kant beschouwden de Romeinse generalissimi het bezwangeren van onderdanige vorstinnen als bevestiging van hun superioriteit. Terecht relativeert Schiff de romantiek die in fictie aan de betrokkenen wordt toegeschreven.

Inhoudelijk verdient deze biografie dus alle waardering. De schrijfster laat verschillende fases van Cleopatra’s leven de revue passeren, zodat niet haar hele bestaan in het perspectief van de seksuele relaties en het tragische einde wordt getrokken. Schiff heeft zich uitstekend gedocumenteerd – hoe krijgen Amerikaanse schrijvers het toch voor elkaar zo’n staf en zulke reisfaciliteiten in de wacht te slepen?

Bewijs van haar goede research is dat ze melding maakt van de vrij recente vondst van de ‘handtekening’ van Cleopatra. Op een besluit dat in haar naam werd uitgevaardigd en dat natuurlijk door een ambtenaar is geschreven, staat in een ander handschrift ginestho, Grieks voor ‘laat het zo zijn’, equivalent van het Latijnse fiat. Cleopatra zelf heeft dus voor ‘gezien’ getekend.

Over de vorm ben ik veel minder te spreken. Waarschijnlijk speelt het Schiff, winnares van een Pulitzerprijs, parten dat ze vooral schrijfster is. Ze mist de nuchterheid die bijvoorbeeld de lectuur van de antieke biografieën van Everitt tot een genoegen maakt. Ze jaagt effecten na met pseudodiepzinnigheden, sweeping statements, literaire citaten en gezochte vergelijkingen.

Een voorbeeldje: Rome was ‘een stad waarin de positie van de vrouw vergelijkbaar was met die van een baby of een kip’. Deze opmerking is geplukt uit een studie over de juridische status van de Romeinse vrouw: leuk gezegd, maar zo los geplaatst hoogst misleidend. Ten overvloede voert Schiff zelf diverse pronte Romeinse dames ten tonele, zoals de opeenvolgende echtgenotes van Marcus Antonius, die zich allesbehalve als kippen, laat staan als baby’s gedroegen.

De lezer moet dit soort ergernissen op de koop toe nemen. Als laatste vorstin van een land dat na haar tweeduizend jaar onderhorig was, blijft Cleopatra de aandacht waard. De Amerikaanse ondertitel A Biography is daarom correcter dan het Nederlandse Een vrouwenleven. Cleopatra is natuurlijk allesbehalve een representatief vrouwspersoon. Dat zijn vorstinnen nooit. Schiffs boek beschrijft een koninginnenleven.

Stacy Schiff, Cleopatra. Een vrouwenleven 374 p. Ambo | Anthos, € 24,95