• Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    GGQ 2013 – Vraag 13

    Iedereen kent de term ‘kosten koper’ uit makelaarsadvertenties. Hieronder vallen onder andere notariskosten en de overdrachtsbelasting op onroerende goederen. Wanneer ontstond deze overdrachtsbelasting in Nederland?

    a) In 1598 voerde de Nederlandse overheid de overdrachtsbelasting in om de oorlog tegen Spanje te financieren.
    b) In 1811 voerde Napoleon de overdrachtsbelasting in om zijn veldtocht naar Rusland te financieren.
    c) In 1941 voerden de Duitsers de overdrachtsbelasting in om de bezetting van Nederland te financieren.
    d) In 1948 voerde het kabinet-Drees-Van Schaik de overdrachtsbelasting in om de wederopbouw van Nederland te financieren.

    Antwoord: a) De overdrachtsbelasting ontstond tijdens de Tachtigjarige Oorlog, toen Alva de twintigste penning probeerde in te voeren op de verkoop van onroerende goederen. Hoewel dit geen groot succes was, voerde de Nederlandse overheid deze belasting in 1598 alsnog in om de kosten van het landleger te betalen. Na de oorlog bleef de belasting bestaan om de schatkist te spekken. In de loop van de tijd werd het tarief verhoogd van 5 procent naar 6 procent.