Historisch Nieuwsblad

Kiezen tussen Kamer en kabinet blijft lastig

Politieke geschiedenis

woensdag 21 april 2010Partijleiders: als minister in het kabinet of toch beter als lid van de Kamer? Op deze vraag proberen studenten van vijf universiteiten antwoord te geven door middel van een simulatiespel in de oude Tweede Kamer.

21 april | Janne Overbeek Bloem

Carl Romme, Norbert Schmelzer en Frits Bolkestein deden het, Alexander Pechtold belooft het: als partijleider de Tweede Kamer verkiezen boven het kabinet. De stuurgroep Parlementaire Zelfreflectie 2009 erkent de voordelen voor de Kamer wanneer partijleiders geen zitting zouden nemen in het kabinet. De wisseling van de wacht aan de top van verschillende partijen maakt de discussie nog actueler. Wellicht biedt het simulatiespel een oplossing.

Vijf fictieve partijen, elk drie man sterk, vullen op vrijdag 16 april de oude vergaderzaal van de Tweede Kamer. Er worden twee fictieve kabinetsvoorstellen behandeld waarbij de partijleiders enerzijds in de Kamer blijven, anderzijds het zogenaamde Vak K (kabinet) vertegenwoordigen. De grote vraag: wat werkt beter?

In het eerste scenario speelt VVD-politica Annemarie Jorritsma de rol van minister, verbonden aan de coalitie maar onafhankelijk opererend van de kamerfracties, met verve. Het debat, vakkundig in toom gehouden door de gelegenheidsvoorzitter, PvdA-senator Klaas de Vries, resulteert echter in verwerping van het wetsvoorstel. Dit geeft te denken. Is er nog eenheid binnen de coalitie?

In het tweede scenario nemen de partijleiders plaats in Vak K en verdedigen zij zelf een wetsvoorstel. Dit keer komt de wet er wel. Wat kunnen we hieruit concluderen? Dat partijleiders zonder meer plaats moeten nemen op het pluche van een kabinetspost? Waarschijnlijk niet. Het is echter ook niet bewezen dat ze in de Kamer moeten blijven.

Toch is initiatiefnemer en organisator Jouke Turpijn, docent Nederlandse geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, enthousiast: ‘Deze simulatie verdient uitbreiding en is zeker voor herhaling vatbaar omdat politiek en kiezer er veel van kunnen leren. Of een leider in de Kamer of in Vak K zit maakt niet heel veel uit. Leiders in de Kamer geven het parlement meer macht, maar het gaat ook gepaard met gekke uitkomsten en meer crises. Zolang Kamerleden net als de studenten strategische samenwerking combineren met gedegen inhoudelijke kennis is er hoop. Wat mij betreft kunnen de deelnemers direct door naar de echte Kamer.’



Gerelateerde artikelen



Login

Zoek

Deze maand

Geschiedenis 24